|
|
De kleine engel Door Sjanie Fakkel |
|
| Doortje was 4 jaar oud. Ze stond voor het raam en staarde naar buiten. De zon scheen want het was een mooie dag. Ze keek naar de stralen van de zon die door het raam naar binnen schenen en daar allerlei fantastische kleuren schiepen. Ze was zo gefascineerd door dit schouwspel dat haar gedachten afdwaalden. Ze fantaseerde hoe het zou zijn om op zo’n zonnestraal te zitten en meegevoerd te worden naar de zon. Maar ze wist dat dit niet kon, want de zon is zo verschrikkelijk heet dat er niemand bij in de buurt kan komen. De kleuren bleven veranderen en opeens leek het wel of er temidden van dat kleurenspel het gezicht van een heel lief meisje te zien was. Het meisje was ongeveer van haar leeftijd en had vleugeltjes. Doortje staarde ademloos naar het wezen dat zoveel liefde uitstraalde dat ze ervan moest huilen. Het meisje kwam naar haar toe, sloeg een arm om haar heen en vroeg: “Waarom huil je, Doortje?” Ze fluisterde door haar tranen heen: “Je bent zo mooi en zo lief dat ik er gewoon van moet huilen; waar kom je vandaan?” “Ik kom uit een land waar jij eigenlijk niet kunt komen. Het is een land waar alle mensen en kinderen lief zijn voor elkaar. Daar is geen oorlog en geen pijn. Iedereen is daar blij en vrolijk. De mensen houden van elkaar. Doortjes ogen begonnen te glinsteren. Ze droogde haar tranen af en zei: “Ik zou daar ook zo graag naar toe willen gaan. Kan ik met je mee?” Het engeltje, want dat was het, antwoordde: “Als je het echt zo graag wilt dan zal ik je een keer komen ophalen, maar ik breng je wel weer terug hoor; is dat afgesproken?” “Ja, ja!” Doortje knikte heftig en haar oogjes straalden. Alleen al het idee om in een land te kunnen zijn waar alleen maar liefde is en geen pesten en geen narigheid, dat is voor niemand hier op aarde echt te bevatten. Doortje werd door andere kinderen vaak gepest. Ze had geen idee waarom, omdat ze altijd heel lief tegen iedereen was en geen onrecht kon verdragen. Maar misschien waren ze daarom wel jaloers op haar, wie zou het zeggen. Toen ze haar ogen opendeed was het meisje verdwenen. Ze keek om zich heen en toen naar buiten, misschien was ze daar wel? Maar Doortje kon haar nieuwe vriendinnetje nergens meer vinden. Waar was ze gebleven? Ze wist het niet en dacht er de hele dag, totdat ze naar bed ging, over na. Maar ze zei het tegen niemand, zelfs niet tegen Fleur, haar lievelingspop. Op een gegeven moment vroeg Mama: “Wat is er toch aan de hand, Door, je bent zo dromerig?” Ze wilde het wel vertellen maar ze durfde het niet want ze was bang dat Mama zou zeggen dat het niet waar was en dat ze had gedroomd. Maar ze wist het zeker; het was geen droom geweest. Toen ze eindelijk in bed lag en Mama haar welterusten had geknuffeld en het licht had uitgedaan vroeg ze hardop: “Meisje, kom je heel gauw weer terug?” Ze legde Fleur tegen haar wang, stopte haar duim in haar mond, ging op haar linkerzij liggen en viel in slaap. Ze droomde over een heel mooi land. Een land van Liefde. In haar droom kwam het meisje weer naar haar toe en vroeg: “Ga je nu met mij mee naar mijn land?” “Heel erg graag”, antwoordde Doortje. Ze klom uit haar bedje en stapte op de kleine engel af die haar in haar armen nam. En zo vlogen ze samen weg. Ze hoorde het ruisen van de vleugeltjes. Ze werd daar heel rustig van; het gaf haar een heel prettig gevoel. De reis duurde niet lang en zachtjes werd ze door de kleine engel op de grond neergezet. Vlug deed ze haar ogen open maar werd verrast door zo veel mooi wit licht dat je ervan verblind zou raken als je er recht inkeek. “Doe even je ogen dicht, Doortje, even wachten en doe ze dan heel langzaam weer open.” Ze deed wat haar was gezegd en ja hoor, nu kon ze het licht wèl verdragen. Ze wist niet wat ze zag. Wat een mooie liefdevolle omgeving met heel veel bloemen die zo mooi waren van kleur en zo lekker roken dat ze er niet genoeg van kon krijgen. Ze hoorde heel veel vogels fluiten, een beekje kabbelde rustig door het dal en een klein watervalletje straalde zoveel rust uit dat je er zomaar bij zou wegdromen. “Blijf je wel wakker?”, vroeg het meisje. “Dit is nog maar het begin van onze reis.” Ze wandelden verder. Ze kwamen kinderen tegen die allemaal lief met elkaar aan het spelen waren. Allen waren ze vrolijk en ze deden leuke spelletjes. Doortje mocht ook meedoen. Ze raakte er zo opgewonden van dat ze zomaar vergat dat dit een hele andere wereld was. Daarna gingen ze een kijkje nemen op een school. De kinderen leerden alleen maar mooie dingen. Hoe je goed moet zijn voor de natuur, voor de dieren en voor je medemens. Geld gebruikten ze daar niet. Als je iets nodig had kon je het gewoon vragen en als je van iets teveel had, gaf je het gewoon weg aan iemand die er wel behoefte aan had. Ze zongen vrolijke en gevoelige liedjes. Doortje mocht ook meezingen. De melodie was niet moeilijk en ze wist algauw hoe het moest, zodat ze al snel uit volle borst mee kon zingen. Teder keken de kinderen haar aan. Er was er niet één die haar zou willen pesten. Ze kreeg tranen in haar ogen van zoveel liefde. “Waarom huil je?”, vroegen de kinderen en de kleine engel sloeg haar armpjes om haar heen. “Jullie zijn allemaal zo lief voor mij, jullie plagen me niet, ik word alleen maar geholpen. Dit is een wereld waarin ik graag zou willen leven.” Het meisje nam Doortje mee naar buiten en zei met een ernstig gezicht: “Je kunt hier niet blijven, liefje. Je hebt nu gezien en gevoeld hoe het is om in een land van liefde en licht te leven. Laadt je nu op met al die warmte, met die liefde en dat licht. Ik zal je meenemen naar een heilige bron”. Ze nam Doortje mee en na een poosje kwamen ze aan bij een bron die in plaats van water slechts warmte, liefde en licht uitstraalde. Doortje ging er middenin staan en voelde dat ze helemaal warm werd van binnen. Haar hartje liep over van liefde en geluk en het licht dat haar bescheen sloeg ze op in haar binnenste. Gelukzaligheid overspoelde haar. “Hou dit gevoel vast, lieve Doortje!”, zei het meisje en als je terug bent op aarde en weer geplaagd wordt, of als je pijn hebt en er word je verdriet gedaan, denk dan aan deze heilige bron. Op hetzelfde moment zal je dan weer door deze bron worden opgeladen.” Dat moest Doortje even verwerken maar ze wist dat het zou zijn zoals de kleine engel had gezegd. “Nu moet je weer terug naar huis,” zei het meisje toen. ‘Morgen moet je weer naar school.” Even stribbelde Doortje tegen maar omdat ze nog steeds overspoeld was met het licht van de prachtige bron wist ze dat de kleine engel gelijk had en dat ze terug naar huis moest en dat het goed zou zijn om andere mensen door haar gedrag ervan te overtuigen hoe het was om goed voor een ander te zijn en om niet te vervallen in nare gedachten of handelingen. Het meisje nam haar weer in haar armen
en samen vlogen ze terug naar de aarde waar ze liefdevol in haar bedje
werd gelegd. Fleur lag al op haar te wachten. De kleine engel gaf
Door een kusje en zei: “Als je verdrietig of eenzaam bent, denk dan
maar aan mij. Dan weet je dat je altijd een vriendinnetje hebt die
altijd bij je is, en dat je dus nooit eenzaam zult zijn.” Ze omhelsden
elkaar en Doortje zei:”Jij bent ook mijn vriendinnetje, voor altijd!” Haar hele verdere leven was er één van geluk en voorspoed. Als ze het moeilijk had beleefde ze in gedachten het mooie avontuur opnieuw en ze wist dat de kleine engel, die – en dat wist ze zeker – inmiddels een grote engel was geworden, altijd bij haar was. Niemand is ooit alleen. Er zijn altijd helpers om je heen en ook al kun je ze niet zien, je kunt ze wel voelen in je hart. En het was deze boodschap die Dora, toen ze volwassen was, niet naliet te vertellen aan ieder die het maar horen wilde. Een enkele keer maken deze helpers zich bekend en misschien is dat met jou ook wel het geval en misschien krijg jij op een goede dag één van hen ook wel eens te zien. Wees maar niet bang. Ze zullen altijd lief voor je zijn en je helpen waar dat maar kan…
| ||
| . Wij willen op geen enkele manier het copyright claimen van de diverse kunstwerken/- illustraties die wij gebruiken om afbeeldingen voor onze pagina's te maken. Deze afbeeldingen zijn dan wel door ons gemaakt, maar het copyright van de originele kunstwerken/illustraties blijft expliciet eigendom van de individuele artiest. Mochten
er op deze pagina's, ondanks onze zorgvuldigheid, onderdelen zijn
gebruikt waarop een copyright rust en/of waarvoor wij geen toestemming
hebben verkregen, dan verzoeken wij je om ons dit zo snel mogelijk
te laten weten. Wij zullen dan direct het betreffende item verwijderen
of de gewenste stappen ondernemen om het materiaal wel te mogen gebruiken. |
||