Written with Love Written Speciaal

 

Close encounter

Close encounter

We kwamen vanuit de hemel; Een wisselverhaal

From the heavens we came; An alternating story

door/by Mara Oldenburg & Martin Pleiades


Prelude, door Martin

Prelude, by Martin

I - Op reis, door Mara I - The Journey, by Mara
II - Kareem, door Martin II - Kareem, by Martin
III - Amanta van Amantis, door Mara III - Amanta from Amantis, by Mara
IV - Misère, opnieuw uitgevonden, door Martin IV - Misery reinvented, by Martin
V - Onrust stoken, door Mara V - Stirring up commotion, by Mara
VI - Ventile, het reptiel, door Martin VI - Ventile the reptile, by Martin
VII - Armodac van Amadis, door Mara VII - Armodac from Amadis, by Mara
VIII - Smeekbede om bevrijding, door Martin VIII - Prayers of liberation, by Martin
IX - Smeed het ijzer als het heet is, door Mara IX - Strike while the iron is still hot, by Mara
X - Allistar Lucky Seven, door Martin X - Allistar Lucky Seven, by Martin
XI - Sweet dreams, door Mara XI - Sweet dreams, by Mara
XII - Cia ‘Kiuna; koningin van de woestijn, door Martin XII - Cia ‘Kiuna; queen of the desert, by Martin
XIII - Liefde en harmonie, door Mara XIII - Love and harmony, by Mara
XIV - Ontkurk de champage, door Martin en Mara XIV - Uncork the champagne, Martin and Mara

    Prelude, hoe een wederzijdse droom verwordt tot een verhaal dat zijn eigen leven leidt, door Martin

     

De geluiden kwamen van heel ver, of zo leek het. Met mijn ogen half open, kwam ik geleidelijk tot een onhandig besef. Terwijl ik verlost werd van de resterende zandkorrels, begreep ik dat de zandman weer een geweldige job had gedaan. Met andere woorden, opnieuw had een vredevolle droom mijn gedachten gekruist. Gelukkig, maar ook met het tegenstrijdige gevoel te zijn beroofd van mijn bewuste geheugen, ging ik naar de grote salon, om een vers kopje aardse zwarte koffie te halen die, tussen haakjes, de meesten van ons Plejadiërs, erg lekker vinden. Niet veel later bevond ik me in de gemeenschappelijke ruimte in het hart van het gigantische moederschip, momenteel in een baan rondom planeet Terra, waarin elk lid van de vloot van de Galactische Federatie, uit het gehele heelal eensgezind samen pleegt te komen.

Na een paar heerlijke slokjes, pikte ik de telepathische communicatie op van een tedere ziel naast me. ''Goede morgen, medereiziger. Hoe gaat het vandaag?'' Het bleek een van mijn oudere broers te zijn, een zwaar bebaarde man met lang haar, begiftigd met opmerkelijke potenties. Ik keek hem nauwlettend aan terwijl ik me op een warm welkom probeerde te concentreren. ''Oh, goedemorgen lieve Pascal. Wat een fantastische synchroniciteit. Weet je, ik voer strijd met een dilemma dat ik onmogelijk zelf kan oplossen. Elke hulp van een wijzere broer of zus zal vandaag beslist van pas komen.'' Natuurlijk was zich elke levende ziel die op het Plejadische schip werkt, met een naam zoals vertaald in het Terraans: ‘GFC (Galactic Federation Craft)- Hertogin van de Melkweg’,  zich diep bewust van het geschenk dat mijn broer was. ''Ik neem een aantal verontrustende kleuren in een verward aura waar,'' zei hij. ''Drink je koffie dierbare broeder, ik zal proberen om de herinnering van je meest recente droom naar boven te halen nadat je me de fragmenten hebt beschreven die jij je nog kunt herinneren.''

Een moment van intens nadenken later, vertelde ik Pascal dat het iets was over een aardse trein, een van de plaatselijke transportsystemen , drie mysterieuze dames en de restauratie van een ouderwets, maar toch vertrouwd treinstation. Daarop strekte hij de palm van zijn rechterhand uit naar de voorkant van mijn gezicht, en adviseerde me om te ontspannen. ''Maak voor de gelegenheid je geest helder, schaf elke vorm van denken af en vooral, houd je ogen gesloten.'' Uiteindelijk werd mijn wanhopige verzoek gehonoreerd, wat ervoor zorgde dat ik me de hele droom kon herinneren.

Ik raakte in een kalme trance, en keek naar mezelf terwijl ik uit één van die roodwitte stoptreinen, aangedreven door diesel, stapte. Ik reisde in deze droom vanuit een kleine plaats, ergens in het noordoosten van de Nederlandse provincie Groningen. Vandaag was ik uitgenodigd om naar de hoofdstad van de provincie te komen, waar drie dames op me zouden wachten in het restaurant verbonden met het station. Ik kende deze plek wel, zodat een uitgebreide zoektocht ter plaatse overbodig was.

Ja, ik had mijn visioen teruggehaald en kon mezelf de overvolle zaal zien inlopen, met veel verschillende koffie drinkende mensen, of op dit willekeurige moment van de dag gewoon dinerend. Ik overdacht mijn volgende stap, want ik wist niet hoe het kleine gezelschap vrouwen eruitzag. Een dame met de prachtige naam Mara had mij telepathisch een dringende boodschap gestuurd om haar op deze specifieke tijd en plaats te ontmoeten. Zij zou mij introduceren bij twee andere dames die ik ook nog niet eerder had ontmoet. Dit waren de enige sleutels waarmee ik gedwongen was om te werken.

Gelukkig voor mij, werd het geen vervelende zoektocht vol onnodige fouten. Even later kwam een korte maar schitterende verschijning met lang bruin krullend haar en ogen blauwer dan de ongerepte diepten van de Atlantische Oceaan naar me toe. Ze stelde zich voor met de betoverende naam: ‘Mathilde’. “Kom, we verwachtten je al.'' Ze liet me geen tijd voor vragen en ik besloot dat haar te volgen het beste zou zijn. Uiteindelijk installeerden we ons bij een groot raam naast het busstation.

Twee mooie verschijningen introduceerden zichzelf. Een van de dames was Mara, de naam waarvan ik al op de hoogte was. Het andere, iets jongere meisje waarvan ik helemaal niets wist, noemde zichzelf Greya. Haastig schudden ze mijn hand want ze waren in een diepgaand gesprek verwikkeld. En terwijl  ik op een van die ongemakkelijke houten stoelen recht tegenover Mathilde plaatsnam, had een plotselinge sensatie invloed op alles wat ik geneigd was te geloven. Een zuiver inzicht leek al mijn plotselinge vermoedens te bevestigen. Deze dame, met wie ik een bijna onverklaarbare verwantschap voelde symboliseerde niets minder dan een sterke creatie die ergens in de smederijen van mijn eigen gedachten was gecreëerd. Hoewel woorden echt niet nodig waren ontving ik duidelijk haar gedachten, over alles wat ze wilde delen.

''Inderdaad Martin. Ik ben een van die beelden die bewust door jezelf worden gecreëerd. Onderschat nooit de omvang van je gedachten. Alles wat je denkt, creëer je, bewust of onbewust. Hetzelfde geldt voor de dame naast me. Ook zij is een gesprek aangegaan met een van haar eigen creaties. Energie leeft eeuwig, net als je gedachten. Elke visie draagt een kern, de essentie van zichzelf. Anders gezegd, het onderhoudt zorgvuldig een aspect of een schittering van jezelf. Daarom, het overdenken van je plaatsvervanger, onthuld in het daglicht van een verhaal, staat gelijk aan een energieke overdracht. Kun je de vraag al voelen opkomen?”

Verbijsterd over zulke mooie en interessante informatie die in mijn hart resoneerde, stamelde ik bij het geven van een in aanmerking komend, waardig antwoord. Mathilde leek op te merken dat mijn intrinsiek strijdende partijen iets aan het uitvechten waren. Daarom vervolgde ze bedaard haar verhaal.

''Martin, zoals je waarschijnlijk kunt voelen, de tijd dringt. Je ziet, Greya en ik regelden deze bijeenkomst met grote zorg, omdat dit de prelude vormt van een zeer effectieve clash. Weet dat Mara met precies datzelfde talent is begiftigd als jij bent. Evenals jij is zij in staat om bepaalde aspecten in personages te planten, ontstaan vanuit de onuitputtelijke bron van eindeloze creatie. Daarom stellen wij voor dat jullie tweeën, in gecombineerde eenheid, een duchtige maar spontane puzzel gaan opbouwen. We hebben geen twijfels dat elk van de individuele stukken mooie toetsen zullen zijn om de harten van andere mensen te inspireren. Sommigen zien het slechts als een ding om te weigeren, anderen kunnen het voelen als een gekoesterd punt, een hulpmiddel dat in staat is om die onontgonnen gebieden van hun eigen ervaring in het leven te openen. Bouw de andere personages op die een rol spelen in al die uiteenlopende hoofdstukken, en aarzel dan niet om de mogelijke verhaallijn aan te passen aan gebeurtenissen die gelijktijdig uitgespeeld worden. Het is van het grootste belang dat de mensheid als geheel eindelijk vertrouwd raakt met buitenaardse aanwezigheid op de planeet Aarde. Welnu, ben je bereid om die taak uit te voeren?''

Zonder de minste aarzeling concentreerde ik mijn gedachten op nogal een doorslaand: “Ja!'' Terwijl ik dat deed, bevond ik mezelf opeens weer terug in de grote salon van mijn geliefde schip, de Hertogin van de Melkweg. Toen ik mijn ogen opende, merkte ik dat mijn broers hand nog steeds op het midden van mijn gezicht lag. Uiteindelijk zei hij: ''Heb je van je droomreis genoten, broertje?'' Met een bescheiden glimlach reageerde ik vriendelijk met twee eenvoudige woorden: “Dank je!”

Een paar dagen later kwam ik nauwer in contact met Mara, die een geweldige vriendin bleek te zijn. Ze vertelde me dat ze in Brighton, Engeland is geboren. Vanwege haar werk bij een grote uitgever reisde zij veel op Nederland waar zij in contact kwam met haar grote liefde, Jan Jaap, die inmiddels helaas bij Cape Wrath (De Kaap der Wrake) in het noorden van Schotland was verongelukt. Sindsdien woont ze afwisselend in Nederland en Engeland. Naast haar werk geeft ze zo nu en dan coaching sessies, waarbij ze vanwege haar hooggevoeligheid goed in staat is te onderkennen wat er bij de cliënt aan schort. Zo nu en dan heeft ze contact met Hans Brockhuis en verschijnen er met enige regelmaat verhalen van haar op de Running Fox website.

Als voorbereiding op het schrijven van dit wisselverhaal heeft Mara een ander traject gevolgd dan ik. Zij bleek op een mooie avond door Mathilde te zijn opgehaald voor een korte reis naar de planeet Amadis, waar zij opnieuw contact maakte met Armodac (zie deel 7), waarmee zij tijdens een vorige incarnatie op die planeet bevriend was geweest. Samen bezochten zij de immense honingvlakte, een hoogvlakte met een omvang zo groot als Vlaanderen, waar zij een visioen kreeg die haar vroeg om in Groningen contact te maken met Mathilde, Greya en ikzelf. Het was de bedoeling dat zij in het vervolgverhaal de gevoelens van Greya – een ander aspect van haarzelf – zou gaan vertolken. En zo is het gekomen.

~*~*~*~

Beste lezer, ik hoop oprecht dat u de kracht vindt om van onze hoofdstukken te genieten, net zoals wij dat doen tijdens de momenten van het schrijven ervan, met een onstuitbare passie en liefdevolle toewijding.

Oh, er is iets wat ik haast vergat te zeggen. Ik heb mijn koffie nooit opgedronken. Toen ik een slok wilde nemen bleek het ijskoud te zijn geworden. Vergeet nooit dat wij Plejadiërs ervan houden om de koffie heet geserveerd te krijgen.

Aan iedere ziel op de planeet Terra; onze zegeningen, verstuurd vanaf de GFC, de Hertogin van de Melkweg.

terug

 


Prelude, how a mutual dream becomes a story of its own, by Martin

 

The sounds came from somewhere in an incredibly remote distance, or so it seemed. With my eyes half open, I gradually came to an awkward realization. As I got rid of the remaining grains of sand, I understood the sandman had done a wonderful job. In other words, another halcyon dream had crossed my mind. Happy, yet also with the contradictive sensation of being deprived from its conscious memory, I headed towards the large parlor, just to usurp a fresh cup of black earth coffee, which most of us Pleiadians love by the way. Minutes later I found myself in the common chamber in the heart of a giant Mothership currently encircling planet Terra, where each and every member of the Galactic Federation from all across the Universe comes together in oneness.

After a few delightful sips, I picked up the telepathic communication of a tender soul right next to me. ‘’Good morning, my fellow traveler. How are you today?’’ It appeared to be one of my older brothers, a heavy bearded male wearing tall hair, gifted with a remarkable capability. I looked him closely in the eye as I tried to focus on a warm welcome. ‘’Oh, good morning dear Pascal. What a fantastic synchronicity considering I battle with a dilemma impossible to solve on my own. Some succor from a wiser sibling may come in handy today.’’ Of course, every living soul working on our Pleiadian ship, with its name as translated in Terran language, GFC (Galactic Federation Craft) - Duchess of the Galaxy, was deeply aware of my brother’s gift. ‘’I sense some disturbing colors of a confused aura,’’ he said. ‘’Just finish your coffee my dear brother, I shall try to retrieve the memory of your most recent dream after you described me the fragments you can still recall.‘’

One moment of intense cogitation later, I told Pascal there was something about one of those earthbound transportation systems, called trains, three mysterious ladies and the restoration of an old fashioned yet familiar railway station. Consequently, he put the palm of his right hand stretched out in front of my face, and advised me to relax. ‘Clear, for this occasion, your mind, abolish every form of thinking and most importantly, keep your eyes shut.’’ Finally, my desperate request was being honored which caused me to recollect the entire dream.

I went into a placid trance, and watched myself disembarking one of those red and white slow trains propelled by diesel, as in this dream I was heading from a small town somewhere in the northeast of the Dutch province of Groningen. Today I was invited to visit the capital of the province, where three ladies would be waiting for me at the restaurant belonging to the railway station. Somehow I knew this place, which made an extensive search rather superfluous.

Yes, I had retrieved my vision as I could see myself entering a crowded hall, with lots of different people having coffee, or just dine at this random time of the day. I considered my next step because I didn’t know anything about the appearance of that small company of women. A lady with the lovely name of Mara telepathically had sent
me the urgent message to see her at this specific time, at this particular place, in order to introduce me to two other people I hadn’t met before. These were the only keys I was forced to work with.

Luckily for me, it didn’t transform into a tedious quest packed with unnecessary mistakes, whereas I encountered a short but gorgeous apparition with long brown curly hair, and eyes bluer than the pristine depths of the Atlantic Ocean. She introduced herself with the enchanting name; ‘Mathilde.’ ‘’Come, we were already expecting you.’’ She left me no time for any questions and I decided that following her would be best. Ultimately, we installed ourselves at a big window adjacent to the bus station.

Two pretty appearances then also introduced themselves. One of the ladies was Mara, the name I was already acquainted with, the other somewhat younger girl called herself Greya, from which I knew nothing at all. They shook my hand as they were engaged in a profound conversation. And while I took place on one of those uncomfortable wooden chairs right in front of Mathilde, a sudden sensation impinged on anything I was inclined to believe. A mere view seemed to corroborate all my sudden conjectures. This lady with whom I felt a strong, almost inexplicable, kinship symbolized nothing less than a strong creation crafted somewhere in the forges of my own mind. Even though words weren’t truly necessary, I clearly received her thoughts, everything she wanted to share.

‘’Indeed Martin. I am one of those statues consciously created by you yourself. However, do not underestimate the extend of your thoughts. Everything you think you create, wittingly or unwittingly. Same thing applies to the lady sitting next to me, she too is having a conversation with one of her own creations. Energy lives eternally, so do your thoughts. Each and every vision carries a core or a heart of its own. Put differently, it carefully sustains an aspect or sparkle of yourself. Hence, contemplating about personas revealed within the daylight of a story equals an energetic transmission. Now, can you already feel the question coming?’’

Baffled about such beautiful and interesting information resonating within my heart, I obviously stammered at giving her an eligible, or worthy answer. Mathilde seemed to discern my intrinsically warring factions fighting out a clash of their own, as she gently concluded her story.

‘’Martin as you can probably sense, time is running out. You see, Greya and I arranged this meeting with grand care, as in this prelude we shape a highly effective collusion. Know that Mara is gifted with the very same talent as you are. She too can put certain aspects into characters originated in the inexhaustible well of endless creation. Therefore we propose that the two of you are going to build a vast yet spontaneous puzzle. In combined unity, we have no doubts that all of the individual pieces will become beautiful keys to inspire the hearts of other people. Some may view it solely as a thing to reject, others may sense it as a treasured item, a tool able to unlock those unexplored areas of their own experience in life. Build those other characters playing in all those divergent chapters, and please feel free to adapt the potential storyline to events that are being played out simultaneously. It is imperative that humanity as a whole at last comes to an understanding about the extraterrestrial presence on planet Earth. Well at last, are you willing to perform the task?’’

Without even the slightest hesitation, I focused my thoughts on quite a resounding; ‘’yes!’’ And after I did, I suddenly found myself back in the general parlor of my beloved ship, Duchess of the galaxy. As I opened my eyes, I noticed my brother’s hand still lying on the center of my face. Eventually he said, ‘’Enjoyed your dreamy retro trip, little brother?’’ With an unassuming smile I amicably responded with two simple words; ‘’thank… you!’’

A few days later I came into closer contact with Mara, who became a wonderful friend. She told me to have been born in Brighton, England. Because of her work at a large publishing firm she traveled a lot to the Netherlands where she met her great love, Jan Jaap, who unfortunately died in an accident at Cape Wrath in the north of Scotland. Since then she alternately lives in Holland and England. Next to her regular job she occasionally gives coaching sessions. With her high sensitivity, she is well able to recognize what seems to be the matter with her clients. Every now and then she contacts Hans Brockhuis; stories of her appear on his Running Fox website.

In preparation for writing this alternating story Mara followed another path than I did. One beautiful evening she appeared to be picked up by Mathilde for a short trip to the planet Amadis, where she again made contact with Armodac (see section 7), with whom she had been friends during a previous incarnation on that planet. Together they visited the huge Plains of Honey, a plateau with a size as large as Northern Ireland, where she had a vision in which she was asked to contact in Groningen Mathilde, Greya and myself. It was planned that in the serial she would interpret the feelings of Greya - another aspect of herself. And so it came about.

~*~*~*~

Dear reader, I sincerely hope you will find the strength to savor our chapters same as we savor those moments of writing them, with unstoppable passion and loving devotion.

Oh, but there is something I almost forgot to mention, I never finished my coffee. When taking another sip, I discovered it went as cold as ice. Thus never forget, we Pleiadians, like our coffee served hot.

To every soul on planet Terra; our blessings, from the GFC, Duchess of the galaxy.

back


 

     

    I - Op reis, door Mara

 

Terwijl ik op het station van Groningen in de geelblauwe trein stapte, glimlachte de hoofdconducteur naar me, alsof hij me herkende. Later, op zijn route door de trein terwijl hij de plaatsbewijzen controleerde, knikte hij en ik glimlachte naar hem. Bijna fluisterend vertelde hij me dat het voor hem als sterrenkind uit het Albaran systeem eenvoudig was om mij als één van de Plejaden te kunnen identificeren.

Terwijl wij het teken van de universele vrede uitwisselden, omdat er niet te veel mensen in de treincoupé waren, was het niet noodzakelijk om al te alert te zijn, vertelde ik hem dat ik ben geboren op de planeet Meldek en nu werkzaam als waarnemer voor de Associatie van de Brengers van de Dageraad in de Lage Landen sector van de Aarde.

Die dag reisde ik vanuit de stad Groningen, wegens de door menselijke activiteiten veroorzaakte aardbevingen de huidige hotspot van de regio, naar Brussel, voor een conferentie met de z.g. Lange Witten en andere toezichthoudende rassen. Een aantal menselijke personen, die de Aarde vertegenwoordigden, zouden ook deelnemen.

Tussen twee haakjes, mijn naam, in ieder geval de naam die ik op Aarde gebruik, is Greya. Op dit moment woon ik, samen met mijn partner Ladamadata, in een appartement vlakbij het weergaloze Groninger museum dat we zo vaak mogelijk proberen te bezoeken. Ga, voor meer informatie over Ladamadata, naar deze link. Ze treedt op als voorzitter van de Regio. Ze was al in Brussel, ter voorbereiding van de grote vergadering.

De Regio der Lage Landen omvat niet alléén België en Nederland, maar ook de noordelijke gewesten van Duitsland die aan de Noordzee grenzen, en Jutland in Denemarken. Het is een feit dat we geen internationale grenzen erkennen, maar we hebben natuurlijk van doen met de verschillende regeringen, waarvan sommige beter op de hoogte zijn met het buitenaardse thema dan anderen.

Hoewel we over andere en veel snellere transportmiddelen beschikken, ben ik er nu eenmaal gek op om per trein te reizen. Onderweg kun je werken, een praatje met andere passagiers maken of zomaar uit het venster kijken, waarbij je aan het altijd rustige platteland voorbij trekt met zijn grazende koeien en paarden. Maar ook de grote graanvelden en het grote Veluwse woud. En ja, ook de minder vredevolle autowegen met hun ontelbare elkaar opjagende grondwagens, zijn interessant. En dat geldt natuurlijk ook voor de steden. Het is altijd boeiend om die te bezoeken, want in dit land bestaan er klaarblijkelijk meer fietsen dan mensen.

~*~*~*~

Enkele weken eerder hadden vier lange mannen ons appartement wederrechtelijk betreden. Zij hadden niet aangebeld of geklopt, maar plotseling stonden zij daar in het midden van onze huiskamer. Het was een onaangename situatie. De mannen waren erg lang; zo rond de 2.50 meter. Zij droegen lange grijze lassen die hun magere lichamen van nek tot voeten volledig bedekten. De sfeer in huis leek drastisch te zijn veranderd. Alles leek minder kleurrijk; de rijke kleuren waarmee we onze woning hadden gedecoreerd leken te zijn verdwenen. De temperatuur was gedaald en het geluid van de prachtige aardse muziek die op stond (Johann Sebastian Bach) leek zijn rijkdom te hebben verloren.

Ik wist dat zij zogenoemde ‘Lange Witten’ moesten zijn, afkomstig van het Polaris systeem. Net als wij, hielden zij al eeuwenlang toezicht op de aarde, maar anders dan wij, die erg veel op ‘normale’ aardsen lijken (hoewel meestal iets langer en met een blauwachtige huidskleur), verstoppen zij zich meestal in hun uitgestrekte grot systemen in het gebied dat tot de Verenigde Staten van Amerika behoort. Dat is natuurlijk begrijpelijk want als de effecten van hun verschijning op ons al zo dramatisch zijn, zou dat natuurlijk in grotere mate voor aardse burger gelden.  

Mijn partner, Ladamadata, of Mathilde zoals zij zich hier laat noemen, kwam binnen uit de andere kamer en sommeerde de mannen om het huis onmiddellijk te verlaten. Het was niet alleen ongebruikelijk, maar ook zeer onbeleefd om iemands leefomgeving op zo’n ergerlijke en onbeschaafde manier binnen te komen. Zij hadden op de gebruikelijke wijze om toestemming moeten vragen via ons lokale hoofdkwartier in Brussel en zich zeker niet in iemands privacy hebben moeten mengen!

De leider van het stel bromde iets over urgentie, maar ze verdwenen inderdaad, en lieten ons achter met het beangstigende gevoel van ‘hoe ter Aarde/Meldek was het voor hen mogelijk geweest om helemaal vanuit Noord Amerika op die manier onze woning te infiltreren?’

Als wij hetzelfde zouden hebben gedaan, het onaangekondigd een van hun Noord Amerikaanse grot systemen binnendringen, zou het oorlog hebben betekend. En dat is iets wat deze fragiele planeet beslist niet kan verdragen.

terug


    I - The journey, by Mara

When I entered the yellow and blue train in Groningen railway station, the head conductor smiled, as if he recognized me. Later, on his shift through the train, while inspecting the tickets, he nodded and I smiled at him. In a low voice he said to me that while being a Starseed from the Albaran system, for him it was an easy job to recognize me as one from the Pleiades.

While exchanging the universal peace sign, there weren’t too much people in the train compartment, so no need to be vigilant, I told him I was born on the planet Meldek and now worked as an observer for the Society of the Bringers of Dawn in the Low Countries subdivision of Earth.

Today I was travelling from the city of Groningen, because of the humanly wrought earthquakes the current hotspot of the region, to Brussels, for a conference with the tall whites and other monitoring species. A number of humans, representing the earth would also attend.

By the way, my name, at least the name I use while on Earth, is Greya. In the city of Groningen I live, together with my partner Ladamadata in an apartment near the striking Groningen Museum, which we try to visit as often as possible. For more info about Ladamadata, see this link. She acts as the principal of the Chapter. Today she was already in Brussels, preparing the meeting.

The Low Countries Region encompasses not only Belgium and the Netherlands, but also the northern regions of Germany bordering the North Sea as well as Jutland in Denmark. As a matter of fact we do not recognize international boundaries, but of course we have to deal with the different administrations, of which some are more acquainted with the extraterrestrial issue than others.

Although we have other, and much faster means of journeying, I just love to travel by train. One can work, chat with other passengers or just look out of the window, watching the always peaceful flat countryside with cows and horses grazing, the great fields covered with crop and the large woods of the Veluwe district. And yes, also the less peaceful motorways with the not very efficient local transportation system with numerous ground cars chasing each other, are interesting, not to mention the cities. These are always interesting to look at and even visit, because there are seemingly more bikes than people in the roads.

~*~*~*~

A few weeks earlier, four very tall men had entered our apartment. They didn’t ring nor knock, but all of a sudden they were there, in the middle of our living room. It was an awkward situation. The men all stood between 2.50 – 2.70 meters, wore long gray jackets covering their awfully thin bodies from the neck to their feet. The atmosphere seemed to have changed dramatically. All was less colorful; the rich colors with which we had donned our quarters seemed almost to have vanished. The temperature had dropped and the sound of the beautiful earth music we played (Johann Sebastian Bach) seemed to have lost its richness.

I knew they had to be so-called ‘tall-whites’ from the Polaris star system. Just as we did, for eons already they monitored earth, but unlike us, who look very much like ordinary humans (although somewhat taller and with a bluish skin color) they tend to hide themselves in large grotto systems in the area belonging to the United States entity. That is of course understandable because of the effects their appearance would have upon people like us and even much more so on common earth citizens.

My partner, Ladamadata, or Mathilde as she calls herself in these parts, came in from the other room and urged the men to leave the house immediately. It was not only unusual, but also very impolite to enter one’s habitat in such an awkward and unmannered way. They should have asked for permission through channels at our local headquarters in Brussels and certainly not intrude in one’s privacy!

The leader of the pack muttered something about urgency, but indeed they left, leaving us with a creepy feeling of how on Earth/Meldek would it have been possible to come all the way from Northern America and infiltrate our house just like that.

If we would have done the same, entering unannounced one of their North American cave systems, it would have meant war. And that is something this fragile planet cannot bear to wish for.

back


II – Kareem, door Martin

Daar zat ze dan, aan de vooravond van een veelbelovende gebeurtenis. Ze vond het moeilijk om niet te enthousiast over zoveel dingen te zijn. Eén van die dingen was een brief die ze onlangs had geschreven. Ze hield die veilig in haar tas en had bewust besloten om het voor een allerlaatste keer te checken voordat ze het aan die zeer speciale persoon zou toevertrouwen.

‘Ik weet dat deze liefde onmogelijk is. Zij heeft geen bestaansrecht, maar ik kan mijn gevoelens niet heel veel langer onderdrukken. Lieve Kareem van de vliegende adelaar, Altaïr. Sta me toe mijn hart te laten spreken over zaken die gij misschien al kent.'

‘Mijn Arabische prins, strijder van legendarische vertellingen, sprookjes van 1001 nacht. Uw glimlach is iets wat ik nooit zal vergeten. Het verwarmt mijn hart omdat het aanvoelt als een zacht zomers briesje. De diepten van de zeven zeeën, ik zie ze allemaal verborgen binnen in de mysterieuze schoonheid van uw ogen. Ik word uw ziel gewaar als een rijk vol draken, hoeders der laaiende vlammen. Een wereld van vurige passie, voorzichtig verzegeld voor hen die niet kunnen zien, maar tegelijkertijd eenvoudig te betreden door hen die vertrouwd zijn met het fenomeen dat liefde heet.
Met opgeslagen in mijn hart een onbeschrijfelijke verwondering en purperen wolken van verbazing, aanschouw ik uw verschijning. Een rijke geschiedenis vastgelegd binnenin de diepste grotten van uw DNA.’

‘En toch, de planten, de aarde en de bomen van mijn eigen tuin, zij staan betamelijk droog en gij…, gij mijn liefste, gij zijt degene die de regen bezit want in dit verhaal zijt gij de drager van de onontbeerlijke roemer. Wees niet beschroomd, voel u vrij er gebruik van te maken. Voedt mijn tuin met een glimlach, met een dosis natuurlijk zonlicht. Wees die veelbelovende zonsopgang op een dag die de potentie bezit om te betoveren. Wees, als het u belieft, voor altijd de mijne.’

Greya bloosde toen ze haar eigen poëzie herlas en met grote tevredenheid verdween het in haar handtas. Ze vond zichzelf de gelukkigste vrouw ooit omdat elk woord dat ze niet persoonlijk met hem zou durven delen, in dit vers was verwoord. Maar ze kon het niet laten zich af te vragen of hij wel aanwezig zou zijn. Hij had beloofd dat hij zou komen. Hij kan me niet laten zitten. Nu niet. Als representant voor de Arabische wereld was zijn aanwezigheid vereist omdat hij daarbij zou moeten voldoen aan verschillende normen van de aardse wetten.

De reis ging verder en terwijl Greya van het landschap genoot, begon ze te filosoferen over een heel prettige gedachte. Ze stelde zichzelf en Kareem voor op een verlaten eiland ergens in een van de vele oceanen op Altaïr IV of de Plejaden.
Het zou niet misstaan. Het enige wat ze moest doen was om hem na de conferentie haar gedicht te overhandigen. Ze hoopte op een nieuw begin, de inwijding van een nieuwe dageraad. Ja, ze was duidelijk verliefd sinds de eerste keer dat ze hem had ontmoet, twee jaar geleden tijdens de laatste conferentie. Toen kon ze haar ogen niet van hem afhouden. Deze keer was ze erg vastberaden, want om nog een jaar of twee te moeten wachten, dat was zeker niet de bedoeling.
 
Maar wat zou Mathilde ervan zeggen?, vroeg ze zich af. Eigenlijk was ze er zeker van dat ze het zou begrijpen. Ze zou nimmer van haar zijde wijken. Zij wil ook dat ik gelukkig ben en we onderkennen allebei onze onlosmakelijke verbinding als beste vrienden.

Eindelijk arriveerde de trein in het ondergrondse station van Schiphol, de luchthaven van Amsterdam. Hier moest Greya overstappen. De Thalys-trein met bestemming Brussel stond al op haar te wachten op het naastgelegen spoor. Met slechts vijf minuten over dacht ze dat een beetje haast misschien noodzakelijk zou zijn. Maar natuurlijk kwam ze op tijd en had ze een comfortabele stoel bemachtigd. Twee uur en een korte wandeling later, zou ze haar hotel kunnen bereiken.

De trein vertrok zonder verdere vertraging en Greya kwam later die middag aan bij haar hotel. De bijeenkomst zou de volgende ochtend plaatsvinden, dus na het inchecken besloot ze om eerst een dutje te doen. Mathilde belde om te vertellen dat ze nog steeds in het conferentie gebouw was, waar ze afgelopen nacht ook had geslapen in een van de geïmproviseerde kamers. Greya glimlachte terwijl ze dacht: Weer zo’n kenmerkende keuze van haar. Eén van die onverwachte en bijzondere karakteristieken van Mathilde, waarvan ze de neiging had om die te waarderen zonder ook maar de geringste vorm van begrip. 'Goed Math, over drie uur zal ik je ophalen. We gaan dineren in de Mirante pizzeria, net om de hoek en wat de avond ook zal brengen, dit hotel zal daar geen deel van uitmaken.’

Grinnikend hing ze op, opende de zware deur en liep de ietwat sombere kamer binnen. Na een korte inspectie en een bezoek aan de badkamer zette ze de alarmfunctie aan op haar mobiel, voor de zekerheid. Ze stompte haar kussen omlaag en voelde zich een beetje opgelucht dat ze eindelijk een poosje haar ogen zou kunnen sluiten. Tijd voor een tukje. Wie weet wat voor wonderen het zou opleveren.

terug


 

II – Kareem, by Martin

But there she sat, at the brink of an auspicious event. She found it hard not to be enthusiastic about so many things. One of those things was a letter she had written the other day. She held it safely within her purse and consciously decided to study it for a very last time before giving it to that very special person.

‘I know this love is impossible. It shall not find its right to exist, yet I cannot suppress my feelings very much longer. Dear Kareem from the flying eagle, Altaïr, please allow my heart to speak of those matters you might know already.’

‘My Arabian prince, warrior of legendary stories, tales of 1001 nights, your smile is something I will never forget. It warms my heart as it feels as a gentle summer’s breeze. The depths of the seven seas, I see them all hidden within the mysterious beauty of your eyes. I sense your soul as a realm full of dragons as guardians of the flames. A world of fiery passion, carefully sealed for those who cannot see, yet easy to access for those acquainted with that phenomenon called love. With an amazement indescribable and purple clouds of wonder stored within my heart, I behold your appearance. A rich history encrypted within the deepest caverns of your DNA.’

‘Still, the plants, the soil and the trees of my very own garden, they are considerably dry and you…, you my love, you are the one in possession of the rain for in this tale you are holding the necessary caster. Don’t be shy, feel free to use it. Nurture my garden with a smile, with a dose of natural sunlight. Be that promising dawn of a day with the potential to enchant. Please be mine forevermore.’

Greya blushed after rereading her own poetry and with great satisfaction the letter disappeared back into her purse. She felt like the happiest woman alive as each and every word she wouldn’t dare to share with him in person was mentioned within this verse. Though she couldn’t stop wondering: “He would be there, right? He promised he would come. He can’t let me down, not now. As a representative for the Arabian world his presence is as mandatory as complying to the miscellaneous rules of a terrestrial law.”

The journey continued and whereas Greya thoroughly enjoyed the landscape, she started to philosophize about a rather pleasant idea. She envisioned herself and Kareem together on a desolated island somewhere on one of the many oceans of Altair IV or the Pleiades. It wouldn’t look out of place. All she needed to do was to hand him her poem after the conference. She carried hope on a new beginning, the initiation of a brand new dawn. Yes, she was clearly in love ever since the first time she had met him, two years ago during the last conference. At the time she just couldn’t keep her eyes off of him. This time she was very determined because waiting for another year or two was certainly not her intention.

But what about Mathilde?, she wondered. Well, I’m certain she will understand. After all she would never leave her side. She too wants me to be happy and we both know our inextricable connection as best friends.

At last, the train had reached the underground railway station of Amsterdam, Schiphol airport. The place where Greya needed to transfer. The Thalys train with destination Brussels was already waiting for her on the adjacent track, and with only five minutes left she figured that maybe a little rush would be necessary. But of course she made it in time and also managed to gain a comfortable seat. Two more hours and a short walk and she would have reached her hotel.

The train left without further delay and Greya arrived at her hotel later that afternoon. The meeting was to take place the next morning, so after checking in she decided to take a little nap first. Mathilde called to tell she was still at the conference building where she had also slept last night in one of the makeshift guestrooms. Greya smiled while thinking: ‘There goes another austerity measure.’ Just one of those cute yet peculiar characteristics of Mathilde which she tended to appreciate without even the slightest form of understanding. “All right ‘Math’, in three hours I’ll pick you up. Then we will pay a visit to the Mirante pizzeria, just around the corner and no matter what the evening will bring, this hotel won’t be involved.”

Giggling she hanged up, opened the heavy door and entered a somewhat sober room. After a short look around and a visit to the bathroom she set the alarm on her mobile phone, just in case. She pinched in her pillow and felt somewhat relieved that she could finally close her eyes for a while. Time for some sleep. Who knows what kind of miracles it would provide.

back


III – Amanta van Amantis, door Mara

Na de maaltijd nam Mathilde me mee naar een obscure tent achter de Grote Markt waar zich een groot aantal buitenaardsen hadden verzameld. Natuurlijk waren zij de afgevaardigden vanuit alle delen van de Aarde die al naar Brussel waren afgereisd om op tijd te zijn voor de grote conventie.

Ik keek omzichtig rond om te zien of Kareem er al was, maar in ieder geval op het eerste gezicht, was dat niet het geval. Aan de ene kant was dat jammer, maar toch ook geruststellend, omdat ik, zeker op dit moment, niet zou hebben geweten hoe hem te benaderen.

Uiteraard werd Mathilde, als organisator van de bijeenkomst, door velen aangesproken. Daarom was ik min of meer op mezelf aangewezen en dus in staat om te doen wat ik wilde. In de eerste plaats was dat om een grote pul Belgisch Witbier te bestellen, een heerlijk brouwsel dat, behalve de alcohol, ongeveer smaakt als Golly, een drank die ik thuis op Meldek vaak pleeg te drinken.

Plots voelde ik een tikje, laag op mijn schouder. Ik draaide me om, om te zien wie me benaderde maar zag niemand in mijn directe omgeving. Toen hoorde ik een grinnikende stem van omlaag; een kleine blonde humanoïde vrouw lachte naar me.

“Hoi Greya, ik ben hier beneden, tijd niet gezien”, grijnsde de kleine vrouw. “Weet je nog. Mijn Aardse naam is Amanta. Ik ben een zonnekind van de planeet Amantis in het Albáran stelsel. We ontmoetten elkaar een tijd geleden tijdens de kosmische samensmelting.”

Ik bukte en we omhelsden elkaar. “Natuurlijk herinner ik me jou. Maar ik had je hier niet verwacht omdat jij helemaal uit de Andromeda nevel komt. Dat moet betekenen dat de conferentie van morgen wel heel belangrijk moet zijn.”

“Dat is het zeker. Heb je de vier lange witte mannen gezien van Polaris? Ze lopen hier ergens rond.”
“Nee, ik heb ze niet gezien”, antwoordde ik. “Ik kijk er ook niet erg naar uit ze te ontmoeten. Ze zijn weerzinwekkend. Niet lang geleden stonden ze zonder aan te bellen of te kloppen ineens midden in onze woonkamer in Groningen.”
“Dat klink pijnlijk”, antwoordde de kleine maar begaafde vrouw. “Wat kwamen ze doen?”
“Oh, ze bromden iets over urgentie, maar waren snel verdwenen toen Mathilde binnenkwam en ze met vlammende ogen sommeerde om onze residentie onmiddellijk te verlaten. Je weet hoe ze is.”
“Het zijn inderdaad beangstigende mensen,”antwoordde Amanta met een grimas. “Maar het feit dat ze hier zijn is een gegeven en kan niet onder tafel worden geschoven. Bovendien hebben zij deze ontmoeting gearrangeerd, toch?”

Op dat moment leek de muziek te haperen en iedereen keek tegelijkertijd in de richting van de ingang, waar twee gebruinde gestalten hun opwachting maakten. Volslagen verrast snakte ik naar adem. Het was Kareem met zijn rechterarm losjes op de schouder van een wulps aards meisje. Ze was gekleed in een heel korte broek en een T-shirt die nauwelijks in staat was om haar figuur te verbergen. Hij grijnsde en zwaaide naar het publiek en leek me niet op te merken.

Ik was verbaasd, verbijsterd en onthutst. 'Mijn' Kareem, met dit goedkope kleine ding. Was deze man niet voorbestemd om mijn geliefde te worden…?

terug


III – Amanta from Amantis, by Mara

After dinner, Mathilde took me out to an obscure place behind the Grand Marketplace where it seemed that quite a few outworlders had been gathered. Obviously they were representatives from all over Terra who had already come to Brussels in order to be in time for the great convention.

I looked around cautiously to see if Kareem was in, but at least at first sight, that was not apparent, which on the one hand was a pity, but also rather reassuring, because, certainly at this stage, I would not have known how to approach him.

Obviously Mathilde, as supervisor of the meeting, was spoken to by many, so I was on my own somehow and was able to carry out what I wished for. In the first place that was to buy a large glass Belgian White Beer, which is very nice and, apart from the alcohol, tastes somewhat like Golly, a beverage I used to drink back home on Meldek very often.

Suddenly I felt this tap low on my shoulder. I turned around to see who was approaching me but did not distinguish anybody in the near vicinity. Then I heard a grinning voice from below where a small yellow haired humanoid person was smiling at me.

“Hi Greya, I’m down here, long time no see”, the little woman grinned. “Remember me, my Earth name is Amanta, I’m a sun child from the planet Amantis of the Albáran system. We met way back at the cosmic convergence.”

I knelt down and we hugged. “Of course I remember you. But I didn’t expect you here, since you are from the Andromeda Nebula. This just has to mean that the conference tomorrow is going to be a very important one.”

“It sure is. Did you see the four long and white men from Polaris? They are hovering here somewhere.
“No I did not see them”, I answered. “Nor do I very much look forward to meet them. They are horrifying. Not long ago they shamefully and without knocking entered our apartment in Groningen.”
“That sounds embarrassing”, the small but gifted woman replied. “What was their business?”
“Oh, they muttered something about urgency, but were rapidly gone, when Mathilde joined us and with flaming eyes urged them to leave our residence without delay. You know her way.”
“Indeed they are scary people,” Amanta replied with a sneer. “But their being here is a given fact and cannot be ignored. Furthermore they have initiated this conference, didn’t they?”

Just in that moment the music seemed to falter and everybody all at once appeared to stare at the entrance, where two tanned figures made their appearance. I gasped in utter surprise. It was Kareem with his right arm lying gently on the shoulder of a voluptuous earth girl, wearing very short shorts and a t-shirt that was barely able to conceal her figure. He grinned and waved to the audience and seemed not to notice me.

I was surprised, stunned and flabbergasted. ‘My’ Kareem, with this cheap little thing. Wasn’t this man destined to become my lover…?

back


IV – Misère, opnieuw uitgevonden, door Martin

Stel je een mix voor van 1001 verschillende ingrediënten in een blender, klaar om een smoothie met een vreselijke smaak te worden. Dit vormt waarschijnlijk het meest accurate voorbeeld om de emoties van een jonge vrouw te beschrijven met een gebroken hart dat niet meer te repareren leek. De vaste grond onder haar voeten was aan het afbrokkelen, haar wereld was zojuist ingestort. Er was geen tijd om een van de disharmonische ingrediënten in haar gedachten te verwerken, terwijl ze Kareem observeerde die met zijn kleine maîtresse naar het centrale podium wandelde.

Hij sprak nog enkele woorden met zijn irritante vrouwelijke gezellin en betrad in zijn eentje het podium. Hij zette de muziek af, pakte één van de microfoons en met zijn bijna beruchte charismatische glimlach begon hij tot het publiek te spreken. Golven van een briljant, bijna onnatuurlijk licht ging van zijn wezen uit en vormde  een voortreffelijke uitstraling. Inderdaad, een aangename aanblik.

"Test... test... aha…, ik denk dat iedereen me kan horen. Lieve aanwezigen, wees alsjeblieft even stil en laat mij een klein beetje inspiratie met jullie delen. Ik weet dat de conferentie officieel niet eerder dan morgen zal beginnen, maar wat dacht je van een klein voorproefje, alleen maar om de sfeer te versterken?" Na die twee zinnen was het gemompel onder het publiek plotseling verdwenen, de salon was volkomen stil; iedereen luisterde naar deze welbespraakte sprankelende verschijning.

"Geliefden, gisteravond ontving ik een nogal inspirerende droom, een boodschap aangeboden vanuit het rijk van het onderbewustzijn. Een schijnbare demon met een enorm paarsachtig zwaard in zijn handen kwam naar me toe. Hij liet me beide kanten van het blad aanraken. Een ervan leek zo scherp als een scheermes; de andere was bot als een hamer. Twee opvallende contrasten. Verder stelde hij me enkele belangrijke vragen: 'Welke van die twee zou uw voorkeur hebben? Bent u het blad of het bewustzijn dat het in zijn volle glorie smeedde? Wat als slechtheid, duisternis zelf, niets meer symboliseert dan een alarmerend tekort aan licht, zal er dan nog steeds een contrast zijn? Wees niet bang om over deze vragen na te denken, voel u vrij om de antwoorden in het dagelijkse leven toe te passen. Vergeet niet, het licht kent vele gezichten.’''

"Ja, dit is wat hij me vertelde. Bot, scherp, het licht of zelfs duisternis zijn een en dezelfde als wij de makers van dit zwaard zijn, de bouwers van ons eigen bestaan. Een zeer wijs man die eens fysiek onder de mensheid leefde, maar altijd heerst in de harten van degenen die de liefde zoeken, zei eens; 'Hebt uw naaste lief zoals u van uzelf houdt.' Voor ons, die in hogere dimensies leven, is dit natuurlijk volkomen duidelijk. Maar kun je geloven dat het accepteren van deze uiteenlopende, vaak verkeerd begrepen verschillen één van de grootste problemen voor de bewoners van deze blauwe parel, die Terra heet, zijn? Aardse mensen zijn geneigd te geloven dat oplossingen alleen buiten hun eigen wezen bestaan. Neem politiek, economie of verzekeringen, om er maar enkele te noemen. Hierover zal ik niet oordelen, wetende dat gij zult worden beoordeeld door mensen die over u oordelen."

"Ik dring er bij de burgers van Terra op aan om uw sleutel te gebruiken, dat gereedschap waar u van nature in uw hart over beschikt. Iedereen heeft het. Denk na over veranderingen van positieve aard die u in staat stelt om zich openlijk te manifesteren. Voor hen die eenheid begrijpen; denk met uw hart. Het is zo’n eenvoudig concept en vrijwel niemand lijkt het te begrijpen. Voor iedereen in de zaal, ongeacht of u man, vrouw, of het geluk hebt om een androgyn lichaam te bezitten, verspreid die woorden als het u belieft onder de inheemse beschaving, ongeacht de plaats op de wereld waar u bent gestationeerd. Dit soort liefde is in staat om heel veel energetisch afval naar licht te transmuteren. Het zal de hoofden van vele mensen reinigen, die nog steeds in slaap zijn. Het is je gegeven recht, ja zelfs de plicht, om dat te doen."

"Tot zover mijn droom en zijn plaatsvervangende verklaring als boodschap voor de inheemse bevolking. Maar nu is het tijd voor een beetje poëzie. Vanmorgen kreeg ik een brief van onze uitgelezen gastvrouw Mathilde. De inhoud was niet door haarzelf geschreven. Nee, het was op schrift gesteld door een zeer speciale dame. Ik geloof, nee ik weet zeker, dat haar aardse naam Greya is. Geliefden, neem even een drankje. Ondertussen wil ik Mathilde, Greya en ook Avgusta vragen om samen met mij op het podium te komen. Aarzel alsjeblieft niet.”

In paniek keek Greya om zich heen en zag opeens Mathilde, die vlak achter haar stond. Greya fluisterde in haar richting; "Wel verd...?" Mathilde glimlachte haar speciale lach zoals ze altijd deed in dergelijke omstandigheden. "Oh kom nou. Denk je echt dat ik er niet van weet? Ja, Ik heb dat briefje uit je portemonnee gepikt en aan Kareem gegeven. Het is voor je eigen bestwil, gewoon afwachten," antwoordde Mathilde.

Nou, de smoothie leek inderdaad klaar voor consumptie, Greya nam een grote slok en ontdekte dat de smaak inderdaad verschrikkelijk was. "Mijn geliefde heeft me verraden,” mompelde ze. "Of heb ik mijn geliefde verraden? En wat was de naam van dat onderkruipsel naast Kareem toen hij het gebouw betrad? Avgusta, echt? Het komt me een beetje bekend voor, maar laat bij mij nog geen belletje rinkelen."

Avgusta stond al op het podium, terwijl Kareem nog steeds de microfoon vasthield. "Kom op dames, we hebben niet de hele nacht. Trouwens, er is niets om bang voor te zijn.” Greya voelde een subtiele duw van achter haar rug en hoorde haar geliefde Mathilde fluisteren. "Kijk naar de menigte, ze staren ons allemaal aan. We hebben nu niet de luxe om te kunnen kiezen. Laten we gewoon doen wat hij zegt."

En dat was inderdaad het geval. Aller ogen waren inderdaad op haar gericht. Op dat moment zei een zachte Oost-Europeaanse stem in vloeiend Slowaaks door de microfoon: “Čakáme dámy!,(we wachten, dames.)” Op dat moment realiseerde Greya zich wie deze dame werkelijk was. Een meesterlijk violiste, bezieler van zielen, Avgusta van Bratislava. Een fascinerende ontdekking. Het podium wachtte hen op.

Meer info over Avgusta: http://www.runningfox.nl/avgusta.html 

terug


IV – Misery reinvented, by Martin

Imagine a mix of 1001 different ingredients stuffed inside a single blender, ready to become a smoothie with an awful taste. For this forms probably the most accurate example of how to describe the emotions of a young woman with a broken heart beyond repair. The steady soil under her feet was already crumbling away, her world had just collapsed. There wasn’t any time to assimilate any of the disharmonious ingredients within her mind, as she observed Kareem and his little maîtresse walking towards the central podium.

He spoke some last words with his annoying feminine companion and entered the stage all on his own. He turned off the music, grabbed one of the microphones and with his almost infamous charismatic smile he began to speak to the audience. Waves of a brilliant, almost unnatural light emanated from his being, forming a beautiful aura. Indeed, a pleasant sight to behold.

“Test... test... aha…, I suppose I am audible enough. My wonderful crowd, please be silent and allow me to share a tiny bit of inspiration. I know the conference will not officially start earlier than tomorrow, yet how about a little foretaste just to consolidate the atmosphere.” And after those two sentences all of the mumbling among the audience was suddenly gone, the parlor was utterly silent, as everybody listened to this eloquent sparkling appearance.

“Beloveds, last night I received quite an inspiring dream, a message given through the realm of subconsciousness. An apparent demon with a purplish massive sword within his hands approached me. He allowed me to touch both sides of the blade. One of them seemed to be as sharp as a razor, the other one appeared to be as blunt as a hammer. Two striking contrasts. Furthermore he asked me some rather important questions:  ‘Which one of those edges would have your preference? Are you the blade or the consciousness that created it in its fullest glory? What if evilness, darkness itself, symbolizes nothing more than an alarming shortage of light, will there still be a contrast? Don’t be afraid to ponder these questions, feel free to apply the answers in your daily life. Remember, the light may know many different faces.’”

“Yes, this is what he told me. Blunt, sharp, the light or even darkness are one of the same as we are the creators of this sword, the builders of our own existence. A very wise man that once physically lived among humanity, but always prevails within the hearts of those seeking love, once said; ’Love thy neighbor as you love thyself.’ To us, who live in higher dimensions, this is of course already obvious. But can you believe that accepting those divergent, often misunderstood differences is one of the major concerns  for the inhabitants of this blue pearl called Terra? Earth people tend to believe that solutions exist solely on the outside of their own being. Think about politics, economy and insurances, just to name a few. This in turn I do not judge, knowing that thou shall be judged by those you judge.”

“However, I urge the citizens of Terra, to use your key, that tool you inherently posses within your heart. Everybody has got it. Think about changes of a positive nature and allow them to manifest on the outside. Think with your heart whom understands oneness. Such a simple concept and almost nobody seems to understand. To everyone in the room, regardless whether you are male, female, or lucky enough to possess an androgynous body, please spread those words among the indigenous civilization, no matter where on the world you are stationed. This kind of love will be capable of transmuting lots and lots of energetic waste into light. It shall cleanse the minds of so many humans, still asleep. It is your given right, yes even your obligation, to do so.”

“So far my dream and its alternate explanation acting as a message for the native population. Right now, it’s time for a little bit of poetry. This morning I received a letter from our lovely hostess Mathilde. The content was not written by herself. No, it was written by a very special lady. I believe, no I’m sure, her Earth name is Greya. Dear ones, please get yourselves another drink. Meanwhile I would like to ask Mathilde, Greya and also Avgusta to join me on the stage. Please do not be inhibited.”
Greya looked around in panic and suddenly noticed Mathilde, who stood right behind her. Greya whispered in her direction; “What the…?” Mathilde just smiled her special smile as she always did in such circumstances. “Oh come on now. Do you truly think I didn’t know? Yes, I stole that note out of your purse and gave it to Kareem. It’s for your own good, just wait and see,” Mathilde replied.

Well, indeed the smoothie seemed to be ready for consumption, Greya took a grand sip and found the taste was indeed awful. “My lover betrayed me,” she muttered. “Or did I betray my lover? And what was the name of that half-pint next to Kareem when he entered the building? Avgusta, really? It sounds somewhat familiar but it doesn’t ring a bell yet.”

Avgusta was already on the podium while Kareem still held the microphone. “Come on ladies, we don’t have all night. Besides, there is nothing to be afraid of.” Greya felt a subtle push from behind her back as she heard a susurration coming from her beloved Mathilde. “Look at the crowd, they are all staring at us. We don’t have the luxury of a choice here. Let’s just do as he says.”

And this was indeed true. All of the eyes were clearly pointed in their direction. On that moment, a soft East European voice began to speak through the microphone in fluent Slovakian: “Čakáme dámy!, we are waiting ladies.” Then Greya finally realized who this lady truly was. A masterful violinist, arouser of souls, Avgusta from Bratislava. A fascinating discovery. The stage was waiting for them.

For more info about Avgusta: http://www.runningfox.nl/avgusta.html 

back


V - Onrust stoken, door Mara

 

Toen we eindelijk naar het podium liepen, leek het Avgusta meisje te zijn verdwenen en was er alleen Kareem die ons stond op te wachten. Hij probeerde me hartelijk te omhelzen maar ik hield de boot af; was nog steeds in shock. Enkele ogenblikken later liep Avgusta van achter weer het platform op terwijl een jongeman, die een T-shirt droeg met de tekst: ‘ET Phone home’, druk bezig was een microfoon vooraan te plaatsen. Avgusta, het moet gezegd worden, zag er prachtig uit. Ze had zich verkleed en droeg nu een fantastisch platinakleurig gewaad en leek wel een decimeter langer omdat ze nu stiletto hakken droeg.

“Ik heet jullie hart-elijk welkom, dames,” zei Kareem in de microfoon. Ik knikte en hij wendde zich tot het publiek en zei met warme stem: “Aanschouw deze prachtige dames, mensen. Alle drie betekenen zij heel veel voor me. In de eerste plaats is het Mathilde met wie ik vele jaren samenwerkte op een van de planeten van het Orion systeem. In de tweede plaats is dat deze schone dame die Avgusta heet. Zij vertegenwoordigt hier het menselijke ras en is, dat kan ik u verzekeren, in staat om buitengewoon goed viool te spelen.”

“Eerder sprak ik over de twee sneden van een zwaard. De ene kant scherp als een scheermes, de andere kant zo bot als een hamer. Beide kanten maken desondanks deel uit van hetzelfde werktuig. Vanavond is hetzelfde geldig voor deze jonge vrouw. Toen we arriveerden was ze in een heel andere outfit gestoken en velen van jullie moeten hebben gedacht dat ze daarom niet veel waard zou kunnen zijn. Nu dat ze dit prachtige gewaad draagt daarentegen, lijkt zij een heel ander persoon te zijn. Maar ik kan jullie vertellen, als je in haar geest zou kunnen kijken, zou je zien dat, behalve de uiterlijke kenmerken, ze in die essentie een buitengewoon mooie waarde bezit.”

Op dat moment realiseerde ik mij dat ik me op deze prachtige vrouw grondig had verkeken. Ik, die altijd predikte om niet over anderen te oordelen, had niet beseft dat ik slechts vanwege haar uiterlijk een oordeel had geveld. Om te zeggen dat ik me schaamde was het understatement van het jaar. Maar Kareem ging verder.
"Het is gebleken dat ze, onder andere, een fantastisch vertolkster is van het werk van Johann Sebastian Bach, die ik beschouw als de nummer één componist van aardgebonden muziek. Zij heeft toegezegd om straks voor ons te spelen."

"Over naar Greya." Hij draaide zich om en keek direct in mijn ogen. Terwijl hij een voor mij bekend en vele malen gevouwen stuk papier uit zijn zak haalde, zei hij met een brede glimlach: "Mijn lieve Greya. Vanochtend ontving ik dit briefje, door jou geschreven, van Mathilde. Met jouw toestemming zal ik enkele zinnen daaruit voorlezen; ik verzeker je, op hun beurt zijn deze zinnen omgekeerd ook naar jou toe buitengewoon geldig." Ik was niet in staat om een woord uit te brengen. Blozend knikte ik onhandig. "Welnu," vervolgde Kareem en las het volgende voor:

‘Uw glimlach is iets wat ik nooit zal vergeten. Het verwarmt mijn hart omdat het aanvoelt als een zacht zomers briesje. De diepten van de zeven zeeën, ik zie ze allemaal verborgen binnen in de mysterieuze schoonheid van uw ogen. Ik word uw ziel gewaar als een rijk vol draken, hoeders der laaiende vlammen. Een wereld van vurige passie, voorzichtig verzegeld voor hen die niet kunnen zien, maar tegelijkertijd eenvoudig te betreden door hen die vertrouwd zijn met het fenomeen dat liefde heet.
Met opgeslagen in mijn hart een onbeschrijfelijke verwondering en purperen wolken van verbazing, aanschouw ik uw verschijning. Een rijke geschiedenis vastgelegd binnenin de diepste grotten van uw DNA.’
Het enige wat ik kon doen was slikken en vechten tegen de tranen.

“Weet je, mensen. Ik ontmoette Greya twee jaar geleden tijdens de vorige conferentie. Vanaf het moment dat ik haar zag was ik smoorverliefd op haar. Maar voor mij was deze prachtige vrouw onbereikbaar en ik durfde haar niet nader te benaderen dan met een vluchtig gesprekje in het restaurant. Later sprak ik er met Mathilde over en ze verzekerde me dat ik het meest gunstige moment zou moeten afwachten. Dat moment, beste mensen, is aangebroken en ik zou haar een waardevol geschenk willen aanbieden terwijl ik me ga voorbereiden op een speciale getuigenis die ik straks zal aanbieden.”

“Het is nu, geliefden, tijd voor het geschenk en tot mijn grote vreugde vond ik Avgusta genegen en gereed om voor ons in het algemeen en voor Greya in het bijzonder Bach’s bekende compositie: Air uit de suite nr. 3, B.W.V. 1068. Mathilde verzekerde me dat Greya heel erg van dit stuk houdt.”

Ik was, op zijn zachtst gezegd, verbijsterd. Terwijl ik naast haar stond genoot ik van Avgusta’s prachtige spel. Ze speelde virtuoos en ik kon niet anders dan de hele tijd huilen. Toen ze eindelijk klaar was, gaf de zaal haar een ovatie en ik moest Avgusta gewoon lange tijd omhelzen.

Toen de zaal eindelijk tot rust was gekomen en het mij gelukt was om de jonge vrouw los te laten, knielde Kareem tot mijn verbazing neer op één knie, haalde een klein doosje uit zijn zak en bereidde zich voor om iets tegen me te zeggen. De zaal was muisstil en ik stond over mijn hele lichaam te trillen. Op dat moment waren alle emoties te veel voor me en viel ik bijna flauw. 

Precies op dat moment kwam er een hard geluid vanaf de ingang en de dubbele deuren werden met een grote knal open gegooid. Vier lange mannen van Polaris, zeer waarschijnlijk dezelfden die eerder zo schandelijk ons huis in Groningen waren binnengedrongen, maakten hun opwachting. Terwijl hun hakken veel lawaai op de houten vloer maakten, marcheerden ze naar het podium. Daar aangekomen nam de langste van hen de microfoon van Kareem over, die met een bleek gezicht met stomheid geslagen leek te zijn en niet in staat was om te reageren. De drie andere reuzen plaatsten zichzelf in slagorde achter hun leider. De man sprak luid, gebruikte intergalactisch, en zei met schrille stem: "Stilte iedereen. Het probleem waar ik mee te maken heb is zeer urgent en kan niet tot morgen wachten. We hebben al te veel tijd verloren…."

terug


V - Stirring up commotion, by Mara

 

When we, at last, walked to the stage, the Avgusta girl seemed to have gone and it was just Kareem who stood there to welcome us. He heartily tried to embrace me but I rejected him, still being in shock. Just moments later, Avgusta entered the pedestal again from behind the scene and a boy, wearing a t-shirt that said: ‘ET phone home’, was busy pushing a microphone to the front. Avgusta, it had to be acknowledged, now looked gorgeous. She had changed into a magnificent platinum colored robe and seemed inches longer because of the high heels she was now wearing. 

“I bid you a warm welcome ladies,” Kareem said into the microphone. I nodded and he turned to the audience and said in warm tones: ‘Behold these three magnificent women, people. They all mean a lot to me. In the first place there is Mathilde, with whom I worked together for many years on one of the planets of the Orion system. In the second place there is this beautiful lady called Avgusta. She is a representative of the stunning human race and, I assure you, is well versed in playing the violin.”

“Earlier I spoke of two sides of a blade. One sharp as a razor; the other as blunt as a hammer. Both however being part of the same tool. Tonight the same is valid for this young woman. When we arrived she was clad quite differently and many of you must have had the inkling that she therefore could not be worth very much. Now that she is wearing this brilliant gown however, she seems to be quite another person. But I tell you, if you could look inside her spirit, you would see, apart from the outward appearance, that she is quite a beautiful essence on that level as well.”

At this point I realized that I had misjudged this beautiful earth woman thoroughly. Judging her by outward appearance only and not realizing it. I, who always preached to not judge one another. To say that I was ashamed was the understatement of the year. But Kareem continued.

“As it turns out to be she is, amongst others, a stunning performer of the work of Johann Sebastian Bach, whom I consider to be the number one composer of Earthbound music. She has agreed to play for us in due course.”

“Now to Greya.” He turned around and looked directly into my eyes, while taking out a well known and many times folded paper from his pocket he said with a bright smile: “My dear Greya. This morning I received this note, written by you, from Mathilde. With your permission I will recite a few of the sentences you wrote to me, which, I assure you, are in turn very much valid the other way around as well.”
I wasn’t able to utter a word, but I must have been blushing while awkwardly nodding.
“Well then.” Kareem continued and read the following from te note:

‘Your smile is something I will never forget. It warms my heart as it feels as a gentle summer’s breeze. The depths of the seven seas, I see them all hidden within the mysterious beauty of your eyes. I sense your soul as a realm full of dragons as guardians of the flames. A world of fiery passion, carefully sealed for those who cannot see, yet easy to access for those acquainted with that phenomenon called love. With an amazement indescribable and purple clouds of wonder stored within my heart, I behold your appearance. A rich history encrypted within the deepest caverns of your DNA.’
The only thing I could do was to swallow and fighting back my tears.

“You know, people. I met Greya two years ago while at the former conference. I fell in love with her the instant I laid eyes on her. But back then, for me this beautiful lady was inaccessible and I didn’t dare to approach her more than having a casual chat in the restaurant. Later I spoke to Mathilde about it and she assured me I should wait for the appropriate moment. That moment, my dear audience, has come, and I would like to give her a worthwhile present while preparing for the announcement I intent to make somewhat later.”

“Now, beloveds, it is time for this present and to my great pleasure I found Avgusta willing and prepared to play for us all in general and to Greya in particular the Bach’s famous composition: Air, from the suite number 3., B.W.V. 1068. Mathilde assured me that Greya loves this piece very much.”

I was flabbergasted, to say the least. Standing beside her I heeded Avgusta playing this marvelous work. She played awe-inspiring and I just had to cry all the time. When at last she was done, the whole hall applauded like mad and I couldn’t do anything but hugging Avgusta for a very long time indeed.

When at long last the room was quiet and I managed to let go of the young woman, to my great surprise Kareem knelt down on one knee, extracted a little box from his pocket and got ready to say something to me. It was quiet as a mouse in the hall and all I could do was shaking all over my body. Then and there all emotions were too much for me and I almost fainted.

Right at that moment a loud noise came from the entrance and the double doors were opened with a huge crack. Four tall men from Polaris, obviously the same who so shamefully had entered our house in Groningen earlier, made their appearance. While their heels made loud noises on the wooden floor, they marched to the podium. Being there the tallest of them took the microphone from Kareem who with a pale face seemed to be dumbfounded, not being able to react. The three other giants posted themselves in battle array behind their leader. The man spoke loudly, speaking Intergalactic, and said with a shrill voice: “Silence everybody. The issue I have to deal with is very urgent and cannot wait until tomorrow. We have lost too much time already.”

back


VI – Ventile, het reptiel, door Martin

Een zwart, bijna misselijkmakend aura, lijkend op een donkere wolk, accentueerde de plotselinge aanwezigheid van de vier lange mannen vrij nauwkeurig. Iedereen begreep, gewoon door te kijken, dat die bleke wezens een nogal verontrustend bericht op het puntje van hun tong hadden. Wat ze ook van plan waren te delen, het zou geen sprookje worden, noch een liefdesverhaal dat iedereen aangenaam zou vinden. Een sinistere zelfs vijandig golf van energie kreeg de overhand in elke hoek van de zaal en het podium zou fungeren als onmisbare bron terwijl woorden van somberheid de harten van zo velen zouden vullen.
"Ik dring er bij u op aan goed te luisteren, uw geest leeg te maken, en na te denken over onze vraag. Ik neem aan dat u hebt gehoord van de geheime regering achter de regeringen? Een verborgen genootschap die stiekem alle touwtjes in handen heeft? Ze zijn bekend onder vele namen, zoals de Cabal, de Illuminati, de Elite, de Bilderberg groep, of gewoon als vrijmetselaars, maar ook als afstammelingen van een bepaalde bloedlijn, de Priorij van Sion. Ik kan u verzekeren, dat deze wezens verantwoordelijk zijn voor de meeste problemen van de mensheid. Een bewuste levensvorm, ongeacht of het om mens of iets anders gaat, heeft voor hen absoluut geen waarde. Ze blijven het weer manipuleren, evenals de mainstream media, de aardse voedselvoorziening, de uitstoot van chemtrails, met als doel het beïnvloeden van de geest van de aardse bewoners.''

"Een gemeenschap vol gehoorzame slaven om in al hun behoeften te voorzien is waarnaar ze streven. Deze mensen die indirect meer dan 95% van alle zakenbanken op aarde bezitten, en dus over een enorme hoeveelheid geld beschikken, zijn volkomen geobsedeerd door hun missie, terwijl ze in alle geheimhouding het duister dienen. Met hun verbazingwekkende rijkdom bezitten ze het meeste van de materiële zaken op deze planeet en zelfs daarbuiten.''
Na deze verontrustende woorden had Kareem eindelijk al zijn moed verzameld, en trok de spreker aan zijn mouw. "Meneer, ik vind het werkelijk spijtig te moeten onderbreken, maar hoe weet u dit allemaal?'' De lange verschijning observeerde hem vervolgens van bovenaf, alsof hij koeterwaals had gesproken. "Kijk eens hier, Laurence van Arabië, we hebben onze eigen verbinding met deze clandestiene samenleving gehad. Deze mannen en vrouwen hebben ons de nodige beschutting gegeven in veel van hun Noord-Amerikaanse militaire bases, en lieten ons toe binnen hun grotsystemen zonder onze aanwezigheid aan derden bekend te maken.''

"Dit deden ze in ruil voor het beschikbaar stellen van een hoeveelheid van onze hightech technologie. Weet u, wij als soort, besloten in deze zaak neutraal te blijven, omdat het rotsblok dat op de collectieve schouders van de mensheid is gelegd, een gewicht is dat zij slechts kunnen verlichten. Het is slechts onze taak om te observeren en rapport uit te brengen voor onze eigen kennisoverdracht. Het is de taak van de mensheid om te ontwaken en eenvoudig om hun ogen te openen. Maar het moet duidelijk zijn, dat dit is niet onze zorg is.''

"Dit geheime genootschap, bezat een bepaald verdrag met twee soorten van nogal boosaardige wezens. Eén daarvan is een soort van dunne en slanke wezens met een grijsachtige huid en zwarte wespachtige ogen. De andere ziet eruit als humanoïde reptielen, wezens uit het rijk der schaduwen; Alpha Draconis. Die energieën zijn allesbehalve neutraal en symboliseren puur kwaad. En wat denkt u, ze keerden zich tegen hun voormalige werkgevers, het geheime aardse genootschap. Ze begonnen in het openbaar te spreken over hun bestaan om hun aanwezigheid nog rendabeler te maken. Zij stonden diverse mediakanalen toe om hun tegenwoordigheid te publiceren, evenals hun verblijfplaats en motieven. Natuurlijk, die duivelse sterren wezens zijn niet zo dom als we in eerste instantie hebben aangenomen. De donkere soorten ontrafelden hun plannen en zijn een grote wraakactie aan het voorbereiden.''

"Een ramp van ongekende omvang zal onvermijdelijk blijken, omdat zij al plannen in voorbereiding hebben om alle waterreservoirs van de mensheid te vergiftigen. En om het nog erger te maken, die slechte soorten zijn zich natuurlijk ook bewust van deze conferentie. Kunt u ons punt nu begrijpen, kunt u eindelijk de urgentie van de zaak doorgronden? Nou ..., wij tenminste wel. Het blijven dragen van onze neutrale maskers is een opgave die we niet langer kunnen en zullen uitvoeren. Alle hulp is noodzakelijk of er zal voor de mensheid geen morgen meer zijn.''

De onverwachte gesprekken van een angstige groep gezanten werd nog een paar uur voortgezet. Verwarring en zelfs verdriet werden manifest onder alle bezoekers. Hoewel niet in tegenstelling tot alle andere avonden, zou het uiteindelijk zijn eigen conclusie opleveren. Ten slotte verlieten alle gasten de zaal en gingen terug naar hun hotel of verblijfplaats. Kareem, Amanta en Avgusta vergezelden Mathilde en Greya naar hun hotelkamer en de zaal, nu een decor van beroering, leek leeg te zijn. Iedere ziel had de locatie verlaten, of misschien toch niet?

~*~*~*~

Een straal maanlicht sijpelde door een klein raam ergens in een vergeten hoekje en verraadde de schaduw van een angstaanjagend reptiel op de muur. Gebruik makend van zijn potentie om van vorm te veranderen, had hij zijn vermomming als aards mens afgelegd en vertoonde een wrede lach. "Nee mijn dwaze kinderen, deze avond is nog niet voorbij; mijn bijnaam is niet voor niets Ventile het Reptiel!''

terug


VI – Ventile, the reptile, by Martin

A black, almost nauseating aura resembling a dark cloud, accentuated the sudden presence of those four tall men quite accurately. Everybody could tell, just by looking at them, that those pale beings had a rather distressing message stuck upon their tongue. Whatever they were about to share, it wouldn’t become one of those fairy tales nor a love story anybody would like. A sinister even hostile wave of energy seemed to prevail in every corner of the hall, and the stage would function as its indispensable source as words of gloom were filling the hearts of so many.

“I urge you listen, clear your minds, and ponder our question. I assume you have heard about the secret government behind the governments? A secret society holding surreptitiously all of the strings? They are known under many names, like the Cabal, the Illuminati, the Elite, the Bilderberg group, or simply as freemasons, as well as descendants of a specific bloodline, the Priory of Sion. Let me assure you, these are the beings responsible for most of humanity’s trouble. A sentient life form, regardless whether it is human or something else, has absolutely no value to them. They continue to control the weather, the mainstream media reports, terrestrial nutrition, the issuing of chemtrails and ultimately the minds of the earthly occupants.’’

 “A community full of obedient slaves to cater for all their needs is what they are truly aiming for. These people owning more than 95% of all the merchant banks on earth, thus possessing a tremendous amount of money, are utterly obsessed with their mission, while they serve the dark in all secrecy. And with their amazing wealth, they posses most of the material things upon this planet and even beyond.’’

After these disturbing words, Kareem had mustered all of his courage whereas he pulled the orator at his sleeve. “Mister, I am really sorry to interrupt, but how do you know all this?’’ The tall appearance then observed him from above as if he was speaking some sort of Chinese. “Look, Lawrence of Arabia, we have had our own connection with this clandes tine society. These men and women provided us the necessary shelter on many of their North American military bases, and they allowed us to stay within their cave systems without telling other nations about our presence.’’

 “This they did in exchange for some of our high-tech technology. You know, we as a species, decided to remain neutral within this affair because the boulder placed upon the collective shoulders of humanity is a weight only they can alleviate. Our job is merely to observe and to report for our own erudition. Humanity’s job is to awaken and simply open their eyes. However as must be clear to you, this is not our concern.’’

“This secret society, they had a certain treaty with two races of rather malevolent beings. One of them are thin and slender with a grayish skin and black wasp-like eyes, the other looks like humanoid reptiles, beings from a realm of shadows; Alpha Draconis. Those energies are anything but neutral as they symbolize pure evil. And guess what, they turned their backs against their former employers, the secret earthly society. They began to speak publicly about their existence in order to make their presence even more profitable. They allowed miscellaneous media channels to publicize their beingness and also their whereabouts and motives. Of course, those devilish star beings are not as dumb as we initially assumed. The dark species unraveled their plans and are already preparing a major revenge.’’

 “A disaster of an unprecedented extent will form an inevitable consequence, as they are already preparing plans to poison all of humanity’s water resources. And to make it even worse, those evil ones are of course also aware of this conference. Can you understand our point now, can you at last fathom the urgency of the matter? Well…, at least we do. Keeping on our neutral masks is a task we cannot and will not carry out any longer. All of the help is necessary or for humanity there won’t be a tomorrow.’’

The unexpected talks of a frightening group of envoys continued for a few more hours. Confusion and even grief were richly spread amongst all of the visitors. Though not unlike any other evening, it would eventually reach its own conclusion. Eventually all the guests left the parlor and went back to their hotel or residence. Kareem and Avgusta joined Mathilde, Greya and Amanta to their hotel room and the hall, by now a décor of commotion, seemed to be empty. Every soul had left, or perchance not?

~*~*~*~

A ray of moonlight seeped through a small window somewhere in a forgotten nook, revealing the shadow of a terrifying lizard on the wall. Taking advantage of its potential to change shape, he had taken off his disguise as an earthly human being and showed a cruel laugh. “No my foolish children, this evening isn’t over yet, or I ain’t Ventile the Reptile!’

back


VII – Armodac van Amadis, door Mara

In het hotel begaven wij, Kareem, Avgusta, Amanta, Mathilde en ikzelf, ons naar de bar waar het niet erg druk was. Kareem drong er op aan drankjes te bestellen en niet veel later kwam de besnorde sommelier met een grote fles champagne in een enorme koeler aanzetten. Een serveerster vergezelde hem met een prachtig dienblad met allerhande lekkere hapjes.

Kareem vroeg en kreeg het woord, wendde zich tot mij, ging voor de tweede keer deze avond door de knieën en terwijl Avgusta op de achtergrond zachtjes op haar viool speelde, stamelde hij bijna dat hij nog steeds iets aan mij te zeggen had.

"Mijn beste Greya, zoals ik al eerder zei is je warme glimlach iets wat ik nooit zal vergeten. Het verwarmt mijn hart. Aan jou te denken zet me in vuur en vlam en alles waar ik aan kan denken, als ik niet aan het werk ben, ben jij. Toen ik vanochtend jouw gedicht van Mathilde in handen kreeg, wist ik dat het vandaag de dag zou zijn om in het diepe te springen en je de vraag te stellen die al zo lang mijn gedachten beheerst." Hij stak zijn hand in zijn zak, haalde daar een rechthoekige doos uit, opende het en onthulde een prachtige gouden halsketting afgewerkt met stralende briljanten.

"Mijn geliefde Greya. De laatste keer dat ik op mijn thuisplaneet was kocht Ik dit halssnoer bij de beroemde goudmijnen in het uiterste zuiden van het continent waar ik woon. De goudsmeden daar zijn beroemd om hun prachtige werk en ik wilde in staat zijn om iets aan je te geven wanneer ik eindelijk de moed zou kunnen opbrengen om dat te doen. Dus hier ben ik en hier ben jij, en eh, om een lang verhaal kort te maken: 'Ik, Kareem van Altaïr; vraag u nederig, Greya van Meldek: Behaagd het u om met mij te trouwen?'''

Ik sidderde van top tot teen en terwijl Kareem naar me opkeek met een gezicht die afwisselend angst, nervositeit, paniek, schrik, zorg en onbehagen liet zien, wist ik eindelijk, met schorre stem, één woord uit te brengen. "Ja!"

Onmiddellijk veranderde Kareem gezicht in opperste vreugde. Terwijl alle aanwezigen in de bar als gekken in hun handen klapten, sprong Kareem op, struikelde bijna, maar slaagde er in uiterst bedaard de prachtige ketting rondom mijn hals vast te zetten. Toen hij dat gedaan had sloeg hij teder zijn armen om me heen in hevige omstrengeling zoenden we elkaar langdurig.

De zachte akkoorden van Avgusta op de viool in de achtergrond hadden plaatsgemaakt voor een wilde orgie van vibraties alsof ze daarmee de intergalactische bond tussen Kareem en mij wilde inzegenen. Om te zeggen dat het een verrassende avond was, is het understatement van het jaar.

~*~*~*~

Toen Mathilde en ik eindelijk terug waren in onze hotelkamer, pakte ze meteen haar communicator. "Ik moet onmiddellijk met het hoofdkantoor overleggen", lichtte ze toe. Dit controle centrum bevindt, moet je weten, bevindt zich in een enorm vaartuig dat als een miniplaneet in een baan rond Sol cirkelt. De commandant, zij die alle vertegenwoordigers op de bewoonde planeten rondom de zon controleert en met wie Mathilde contact maakte, was Armodac, opperbevelhebber van het moederschip.

Dit schip wordt beschikbaar gesteld door de Tau Ceti Sterrenstaat. Aangezien wij van de Plejaden geen interstellaire ruimtevaartuigen meer bouwen, zijn we afhankelijk van degenen die wel in die positie verkeren. Armodac, een bijzonder krachtige vrouw, is afkomstig van de planeet Amadis in het Moira systeem, dat door de aardse astronomen Barnard’s Ster wordt genoemd. Het bevindt zich op minder dan 6 lichtjaar van Sol. Zij is aangesteld als toezichthouder voor het volledige Sol systeem, waarvan wij en mensen als Kareem vertegenwoordigers op de grond zijn.

Het duurde niet lang voordat Armodac op scherm verscheen. Ze leek een beetje slaperig, maar dat duurde maar even en was alert als altijd.
"Hallo Mathilde, fijn jou en Greya goed en gezond aan te treffen." Voordat Mathilde in staat was om iets te zeggen, ging Armodac door. Ze was vandaag duidelijk niet in de stemming voor hoffelijkheid. "We hebben op afstand het pre-conference event gadegeslagen waarin de Lange Witten hun opwachting maakten. Ze maakten veel lawaai door iets te vertellen dat al vanaf het begin duidelijk was. Ik kom daarop terug. Wat jullie niet konden zien was dat ook een zekere Mr. Ventile, zoals hij zichzelf graag noemt; een van Alpha Draconis, aanwezig was. Zoals je weet, zijn die in staat zich te transformeren en hij verschool zich door te verschijnen in de vorm van een humanoïde van Sirrah, Andromeda.

De Draconiërs zijn de laatste tijd beter in staat tot samenwerking dan voorheen. Eindelijk hebben de gematigde facties het voortouw genomen. Mr. Ventile is een van de oude jongens die zich nog steeds houden aan de ouderwetse manier van moord en repressie. We hebben hem opgestraald naar het moederschip, dus zullen we van hem geen last meer hebben. Het is de menselijke kliek van de Bilderberg groep, voorgezeten door de familie Rockefeller die thans het echte gevaar voor Terra. vormt. Ze dreigen ongemerkt elke oppositie te overvleugelen. Dezer dagen maken zij gebruik van de ISIS beweging in het gebied dat het Midden-Oosten wordt genoemd en waarvoor Kareem verantwoordelijk is. Het spijt me om het te moeten zeggen, maar de laatste tijd is deze man vooral bezig met hele andere zaken. Je weet er alles van, Greya." De laatste twee zinnen werden op een zeer onverbiddelijke toon gezegd.

Ze vervolgde: "Trouwens. Ik moet je iets vertellen over... “ Ze aarzelde, leek een tijdje te luisteren, keerde terug en zei haastig: "Er is hier een situatie. Armodac uit."

terug


VII – Armodac from Amadis, by Mara

In the hotel Kareem, Avgusta, Amanta, Mathilde and myself settled ourselves in the bar where it wasn’t very crowded. Kareem insisted on ordering drinks and not much later the mustached sommelier arrived with a large bottle of champagne in a huge cooler. A waitress accompanied him carrying a magnificent tray with arranged nibbles.

Kareem asked and got the floor, turned to me, went down on his knee for the second time this evening and while in the background Avgusta began softly playing her violin, he almost stammered that he still had something to say to me.

“My dear Greya, as I said before, your lovely smile is something I’ll never forget. It warms my heart. Thinking about you sets me aflame and all I can think of, when I am not at work is you. When I got your note from Mathilde this morning I knew today would be the day to jump into the deep and ask you the one question that is on my mind for so long already.”

He put his left hand in his pocket and removed a square box, opened it and revealed a magnificent golden necklace trimmed with radiant brilliants.
“My dear Greya. Last time I was on my home planet I bought this necklace at the famous goldmines in the extreme south of my home continent. The goldsmith’s there are renowned for their magnificent work and I wanted to be able to bestow something to you when I at last got the courage to do so. So here I am and here you are, and ehm, to make a long story short: ‘I, Kareem from Altaïr; humbly ask you, Greya from Meldek, to please marry me?’’’
I shuddered from top to toe and while Kareem was looking upward to me with a face showing alternatively anxiety, nervousness, worry, scare, concern  and uneasiness, at long last I managed to utter hoarsely one single word. “Yes!”

Immediately Kareem’s face changed into utter joy. While all present in the bar were clapping their hands like mad, Kareem jumped on his feet, almost tripped, but managed ever so gently to place the magnificent necklace about the nape of my neck. Having done that he tenderly put his arms around me and while embracing we kissed for a very long time. 

The gentle violin sounds from Avgusta in the background had changed into a wild orgy of vibrations as if it wanted to celebrate the intergalactic bond between Kareem and myself. To say it was a surprising evening was the understatement of the year. 

~*~*~*~

When, at long last Mathilde and I were back in our hotel room, she immediately picked up her communicator. “I have to confer immediately with headquarters”, she duly explained. This control center, you have to know, is located in a huge craft circling like a mini planet in an orbit around Sol. The commander, the one who monitors all representatives on the inhabited planets circling the sun, and with whom Mathilde was to make contact, was called Armodac, commander in chief of the monitoring craft, made available by the Tau Ceti Star State.

Since we from the Pleiades do not build interstellar spacecraft any more, we have to rely on those who are in that position. Armodac, a powerful woman indeed, derives from Amadis of the Moira system, Barnard’s Star for Earth astronomer, which is situated not even 6 light-years from Sol She is hired to monitor the entire Sol system, of which we and people like Kareem are representatives on the ground.

It didn’t take long for Armodac to appear on screen. She seemed a bit drowsy, but was after a few moments as always very alert.
"Hello Mathilde, good to see you and Greya well and sound.” Before Mathilde was able to say anything, Armodac went on. She obviously wasn’t ready for courteousness today. “We have been monitoring the pre-conference event in which the Tall Whites made their appearance. They made a lot of noise in not telling anything that wasn’t clear from the beginning. I’m coming back to that. What you didn’t notice however was that also a certain Mr. Ventile – as he likes to call himself – one from Alpha Draconis was present. As you know, they are able to shift shape and hided in his appearance as a humanoid from Sirrah, Andromeda.

The Draconians have lately been able to act more cooperative than before. Finally the moderate factions have taken the lead. Mr. Ventile is one of the old guys who still adhere to the old fashioned way of murder and repression. We have beamed him up to the mother ship, so he shall not be harmful anymore. It is the human clique from the Bilderberg group, presided by the Rockefeller family that are the real danger for Terra today. They are threatening to silently surpass any opposition, these days making use of the IS movement in the area that is called the Middle East and for which Kareem is the man who is responsible. I am unhappy to have to say it, but lately this man is preoccupied with other conceptions. You know all about it, Greya.” The last two sentences were said in a very unyielding way.  

She went on: “By the way. I have to tell you about…” She hesitated, seemed to be listening awhile, turned back and said hastily: “There’s a situation coming up here. Armodac off.”

back



VIII - Smeekbede om bevrijding, door Martin

Bonk, bonk, bonk, doe alsjeblieft open! Een oorverdovende kakofonie in de vorm van een aanhoudend geklop, afgewisseld door de rauwe stem van een Zuid-Europees klinkende dame weerklonk door de brede gang. Toen Mathilde de deur opende, merkte ze dat ze oog in oog stond met de charmante verschijning van een mooie lange vrouw met grote groene ogen, ergens in haar vroege jaren dertig. "Oh, gelukkig, eindelijk beantwoord op mijn oproep!"

Mathilde fronste en antwoordde enigszins geagiteerd. "Wat heeft dit te betekenen, en wat geeft u het recht op deze manier op mijn deur te bonzen? Wie bent u? ''Vergeef me mevrouw, mijn naam is Conchita Gonzalez, ik werk voor de Vrije Onafhankelijke Nieuwszender, opgericht door miss Armodac. Ons hoofdkantoor bevindt zich in Flushing Meadows, een van de vele buitenwijken van New York. U moet weten, sinds de dag dat mijn ouders besloten dat het tijd was om Portugal te verlaten, om hun dromen elders na te jagen, is dit waar ik woon. Hoewel, toen was ik nog een klein meisje met weinig of geen verantwoordelijkheden, nu sta ik hier voor de deur met een duidelijk mandaat, afgekondigd door miss Armodac zelf. En botweg vervolgde ze: "Ik ben op zoek naar een man genaamd Kareem."

Op dat moment brak Greya in het gesprek. "En wat wil je van hem, juffrouw Chiquita Banaan?” Conchita keek omlaag, terwijl zij het standvastige uiterlijk van een vasthoudende vrouw trachtte vast te houden. "Hé, rustig aan, kleine meid. Alles wat mij is opgedragen is om deze man te interviewen in verband met de gruwelijke aanslagen in Parijs door mensen uit Molenbeek/Brussel, hier letterlijk om de hoek, en de bedreigingen elders. Ik weet het, hij is niet alleen maar een ziel van een vreemde wereld, hij is ook de vertegenwoordiger van de algemene Arabische cultuur op de planeet Aarde. Miss Armodac zei me letterlijk dat zijn kalmerende stem heel erg goed zou kunnen functioneren als het dwingende stuk op een groot schaakbord. Tegenwoordig hebben de mensen opheldering van een subjectieve, maar betrouwbare bron nodig."

“Armodac vertelde me verder dat een nieuwe zet zeer voordelig voor Kareem zou kunnen zijn om zijn naam te zuiveren. Enig idee waar dat op slaat? Toch zal ik het u nogmaals vragen, waar kan ik deze man vinden?" Zoals altijd nam Mathilde het voortouw en vroeg Greya in de hotelkamer te blijven en de TV aan te zetten. "Ja, ik begrijp waarom dit niet kan wachten. Volg me miss Gonzalez, ik zal u naar zijn verblijfplaats brengen."

Niet veel later draaide de camera. Een volslanke, schijnbaar onhandige man, bediende het grote apparaat alsof zijn leven ervan afhing.
"Beste kijkers", kondigde Conchita aan. "Ik sta hier in de lobby van een bekend hotel in het hart van Brussel, de hoofdstad van België, voor een interview met een zeer gerenommeerd persoon, Kareem van Altaïr. Hij wordt beschouwd als dè representant voor de Arabische wereld. Ik zal nu de microfoon aan hem overhandigen, want hij heeft een aantal waardevolle inlichtingen voor u in petto met betrekking tot de recente ontwikkelingen in de wereld. Oké, meester Kareem, ga uw gang.”

"Eh, ja, oké. Nou, ten eerste, maar vooral niet ten laatste, kan ik u verzekeren dat, ongeacht of u wel of niet enige vorm van godsdienst of overtuiging aanhangt, er geen ziel op aarde is die het recht heeft om het leven van iemand anders te nemen. In het Midden-Oosten wordt een kleine groep mensen opgeleid om te geloven dat het opofferen van hun fysieke verpakking voor een zogenaamd 'hoger doel' zou zorgen; een waarborg voor een ​​eeuwig paradijs. Het vernietigen van zoveel mogelijk westerse zondaars of ongelovigen zoals ze dat plegen te noemen zou, in de ogen van de Almachtige, een nobel zelfs progressief gebaar zijn. Bijna onnodig te zeggen, dat dit uiteindelijk niet alleen een verraderlijke, maar ook een misselijkmakende, moreel onaanvaardbare obsessie werd. Maar vergis je niet, deze mensen worden vanaf de dagen van hun vroege jeugd gehersenspoeld. Ook zij spelen de rol van hulpeloze slachtoffers. Slachtoffers van krachten die je, als mens niet kunt begrijpen. Denk hier eens over na: wat als de onverlaten, de werkelijke vijanden achter de schermen, maskers dragen met de eigenschappen van niets minder dan een westerling? Zou het iets veranderen? In mijn perceptie, absoluut niet."

"Nogmaals, religie wordt ernstig misbruikt in een slinkse poging om niet alleen nog meer chaos te scheppen en scheiding tussen de mensen te bewerkstelligen, maar ook voor het creëren van een geldig motief om een nieuwe wereldoorlog te kunnen ontketenen. Maar heel lang geleden heeft de geschiedenis ons al geleerd dat duisternis niets meer symboliseert dan een verontrustend tekort aan licht. Mensen, stop met naïef te zijn want haat voedt haat, net zoiets als het legen van een fles terpentine in een brandend huis. In turbulente tijden als deze, is het enige advies dat ik echt kan bieden om vergevingsgezind te zijn. Omdat haatdragendheid jegens iemand onvermijdelijk zal leiden tot verder leed. In feite zijn dergelijke acties bestemd om nog meer ellende toe te voegen aan een ruwe stroom van eindeloze, onoplosbare conflicten.”

"Oorlog en haat zijn al zo lang endemisch geweest, vooral vanwege de manier waarop mensen op elkaar reageren. Blijf binnen je innerlijke kamers als je mediteert of voor vrede bidt, want dit zal uiteindelijk zeer effectief blijken te zijn. Beleef gewoon vreugde, schaf al je angsten en je gevoel van scheiding af, terwijl je hart zich altijd één specifiek ding zal herinneren. Ze weet dat zich op een dag alle gewenste resultaten zullen ontvouwen in overeenstemming met een heilig plan, een met voorbedachten rade getroffen regeling zoals geschetst door de hand van de goden. Oh, en ten slotte maar zeker niet ten laatste, kan ik u ook deze belofte meegeven: zodra de mainstream media kanalen beginnen om het goede nieuws over de hele wereld te verspreiden, zullen uw ogen volkomen verbaasd zijn door datgene waarvan ze getuige zullen zijn. De tekortkomingen in liefde zullen niets meer dan een paar druppels vocht in de Stille Oceaan blijken te zijn geweest. Bedankt voor je tijd. Dit is een vermoeide Kareem, wankelend op zijn voeten, op het punt om van zijn welverdiende rust te gaan genieten. Ik zal de microfoon teruggeven aan onze mooie gastvrouw, miss Gonzalez. Ik wens u welterusten."

En dat gebeurde. Miss Conchita Gonzalez eindigde het extra nieuwsbulletin, deelde een aantal laatste persoonlijke woorden, gaf wat achtergrond informatie over de man Kareem en samen met de onhandige cameraman vertrokken ze uiteindelijk naar hun eigen kamers. Kareem en elke ander betrokkene leken eindelijk in staat om hun onvervangbare portie hoogstnoodzakelijke verkwikkende slaap te ondergaan.

~*~*~*~

En terwijl ze diep in slaap zijn, nodig ik u persoonlijk uit mij te vergezellen in een van mijn ongrijpbare hoogliften. Laten we een onverwacht bezoek brengen aan een fascinerende plek, ergens ver boven de wolken. Voor sommige mensen een levend sprookje, voor anderen alleen maar een plaats waar wonderen nooit zullen ophouden te bestaan.

"Heb je hem?" De spieren van een gevloerde humanoïde hagedis, omgeven door een select gezelschap van adembenemende sterrenwezens, werden langzaam zwakker en zwakker. "Ja, miss Armodac. Uiteindelijk hebben we dit schepsel onder controle gekregen. Hoewel we nog niet weten hoe hij erin slaagde uit zijn cel te ontsnappen, hebben we dit keer een aantal kalmerende pijltjes gebruikt om hem rustig te krijgen."

"Heel goed. Sluit die hinderlijke hagedis op in een van de bewaakte isoleercellen. Morgen zullen we hem aan een strenge ondervraging onderwerpen." Een vogelachtig wezen, drager van mooie scharlakenrode veren, controleerde zorgvuldig de pols van de overmeesterde hagedis terwijl hij het gesprek probeerde bij te benen. "Zoals u wilt, miss Armodac. Tussen twee haakjes, een van de letterkundigen heeft gedeeltelijk een tekstbericht kunnen ontcijferen op de mobiele telefoon die hij bij zich droeg toen hij werd gearresteerd. Ik weet het, het is nogal onverklaarbaar, maar om de een of andere reden droeg hij één van die primitieve aardse communicatietoestellen bij zich. Eén bepaalde zin zei iets behoorlijk verontrustends: ‘Een eerste dosis zwaar vergif is met succes in het meer geïnjecteerd.’”

In het hart van de echte krijger werd plotseling een niet misplaatste paniek gewekt. "Wat? Waarom heb je me dat niet eerder verteld?" "Wees gerust miss Armodac, we hebben de bron van dit bericht opgespoord. Volgens onze gegevens moet het ergens vanuit de diepe bossen van Noord-Amerika zijn verzonden, in de buurt van de woonhut van een eenzame kluizenaar, een man genaamd John McFadden."

Wrevelig antwoordde Armodac: "Maar, als de inhoud van dit bericht uiteindelijk waar blijkt te zijn, zal het een grote ramp met zich meebrengen. De mensheid kan in groot gevaar komen. Probeer direct contact te maken met Mathilde in Brussel. Als een van de meest intelligente leden van mijn grondpersoneel, moet ze deze zaak absoluut gaan verkennen, pronto. Ondertussen zal ik een code rood alarm doorsturen naar alle schepen in een baan rond dat gebied. Oh, en nadat je Mathilde hebt opgeroepen, probeer dan om erachter te komen of deze meneer McFadden in het bezit is van een mobiele telefoon of een andere vorm van communicatieapparatuur. Ze zal een plek moeten hebben om tijdens haar onderzoek te verblijven."

“Maar hoe moet het met de conferentie, morgen?”

“Doe niet zo dom. Doe gewoon wat ik zeg!"
"Ja, mevrouw commandant, zoals u wilt, onmiddellijk."

terug


VIII - Prayers of liberation, by Martin


Boom, boom, boom, please open up! A deafening cacophony in terms of a persistent knocking sound, interspersed by the raucous voice of a South European lady reechoed through the broad hallway. When Mathilde opened the door, she found herself immediately confronted with the charming emergence of a tall lady with big green eyes, somewhere in her early thirties. “Oh... obrigada, my calls are being answered!”

Mathilde frowned and responded with a clearly agitated voice. “What is this supposed to mean, and what gives you the right, banging on my door like this in the middle of the night? Who are you anyway?”
“Forgive me lady, my name is Conchita Gonzalez, I work for a free independent news channel, founded by Miss Armodac. Our headquarters are located in Flushing Meadows, one of the many outskirts of New York. You have to know, this is where I live ever since the day my parents decided it was time to leave Portugal behind, in order to chase their dreams elsewhere. Although, back then, I was still a little girl with little or no responsibilities. Right now, I am standing at your doorstep with an obvious mandate, decreed by Miss Armodac herself.” And bluntly she continued: “I am looking for a man called Kareem.”

At that point Greya broke into the conversation.  “And what exactly do you want from him, Miss Chiquita Banana?” Conchita looked down while assimilating the steadfast appearance of a persistent woman. “Hold your horses, little gal. All I need to do is to have this man interviewed because of the gruesome attacks in Paris by people from Molenbeek/Brussels – just here around the corner - and the threats elsewhere. I know, he is not just a soul from a foreign world; he is also the representative of the general Arabian culture on planet Earth. Miss Armodac literally told me that his calming voice very much would function as the imperative chessman on a vast checkerboard. Nowadays, people need clarifications from a subjective but reliable source.”

“Armodac told me furthermore that one move ahead, would be very beneficial for Kareem to purify his name. Any idea what that means? Nevertheless, I shall ask you again, where can I find this man?”As always Mathilde took the lead and asked Greya to stay put in the hotel room and to turn on the TV set. “Yes, I understand why this cannot wait. Just follow me Miss Gonzalez; I will take you to his whereabouts.”

Not very much later, the camera was already shooting. A full figured, apparently clumsy man was holding the big device as if his whole life depended on it.
“Dear viewers”, Conchita announced, “I am standing here inside the lobby of a well known hotel in the heart of Brussels, capital of Belgium, for an interview with a very renowned person, Kareem from Altaïr. He is certainly a proficient representative for the Arabian world. I shall hand over the microphone to him, for he has some valuable information in regard to the recent developments in the world. Okay mister Kareem, she is all yours.”

“Ehm, right, okay. Well, first but foremost, let me assure you, regardless whether you are adhering to any form of religion or persuasion or not, there is not a soul on Earth carrying the right to take the life of anyone else. In the Middle East, a small group of people are being led to believe that sacrificing their physical vessel with a so called ‘higher purpose’ will guarantee them a safeguard to an eternal paradise. To annihilate as much western sinners, or disbelievers as they tend to call them, would be a noble even progressive gesture, in the eyes of their almighty one. Almost needless to say, it became more than just an insidious, sickening, morally unacceptable obsession. But do not be mistaken, these people are being brainwashed from the days of their early childhood. They too, are playing the role of helpless victims. Victims of a power you, as a human being, cannot conceive. Yet ponder this, what if the miscreants, the genuine foes behind the scenes, are wearing masks with the traits of nothing less than a westerner? Would it change anything? As to my perception, it absolutely wouldn’t.”

“Once again, religion is being severely abused in a cunning attempt to create even more chaos and separation amongst humanity, as well as a valid motive to instigate a new world war. But through the years, history has already taught us that darkness symbolizes nothing more than just an alarming shortage of light. People, please stop being so ingenuous as hate feeds hate, the same way as emptying a bottle of turpentine on a fire. In turbulent times like this, the only advice I can truly offer, is to be forgiving. Being resentful against anyone will inevitably lead to further suffering, as in reality such actions are destined to add more misery to a rough stream of endless, insoluble conflicts.”

“War and hatred has been endemic for so many years, mostly because of the way people respond to each other. Stay within those inner chambers as you meditate or pray for peace, for this will ultimately turn out to be highly effective. Just be in joy, abolish all your fears and senses of separation whereas your heart shall always remember one specific thing. She knows that, one day, all the desired outcomes shall unfold in accordance to a sacred plan, a premeditated scheme as sketched by the hand of the gods. Oh, and last but certainly not least, I can also promise you this; as soon as the mainstream media channels are starting to share all of the good news worldwide, your eyes will be utterly astonished by what they are witnessing. Those deficiencies of love will be nothing more than just a few drops of moist in the Pacific Ocean. Thank you for your time. This is a tired Kareem, staggering on his feet, and he is about to get some well deserved sleep. I shall return the microphone to your lovely hostess, Miss Gonzalez. I bid you goodnight”

And so it happened. Miss Conchita Gonzalez ended the extra news bulletin, shared some last personal words, gave some background information about the man Kareem and together with the clumsy cameraman eventually left to their own hotel rooms. Kareem and every other being involved seemed finally able to get their irreplaceable portion of invigorating sleep.

~*~*~*~

And while they are deeply asleep, I personally invite you to join me into one of my elusive elevators. Let’s pay an unexpected visit to a fascinating place, somewhere high above the clouds. To some people a living fairy tale, to others merely a place where miracles shall never cease to exist.

“Did you get him?” The muscles of a humanoid lizard on the floor, surrounded by a select gathering of breathtaking star beings, were slowly getting weaker and weaker. “Yes, miss Armodac. We got this being under control. Even though we don’t know yet, how he managed to escape from his holding cell, this time we used several tranquilizing darts to keep him calm.”

“Very well. Now, restrain that annoying lizard and take him into one of those guarded isolation cells. Tomorrow we’ll subdue him to a rigorous interrogation.” A birdlike figure, wearing beautiful scarlet colored feathers, was carefully checking the pulse of the overpowered lizard as he tried to keep up with the conversation. “As you wish Miss Armodac. By the way, one of the scribes partially deciphered a text message on the cell phone he was carrying prior to his arrest. I know, it’s pretty weird, but for some reason he was carrying one of those primitive earthly communication devices. One particular sentence said something pretty disturbing: A first dose of toxic poison has been successfully injected into the lake.”
 
In the heart of a true warrior, a not misplaced panic was suddenly aroused. “What? Why haven’t you told me earlier?” ”Rest assured Miss Armodac, we already found ourselves able to track down the source of this message. According to our data, it should be somewhere within the deep forests of North America, near the cabin of a solitary recluse, a man called John McFadden.”

Armodac angrily replied: “But, if the content in this message is actually true, it will entail a major catastrophe. Humanity may be in great danger. Please try to contact Mathilde in Brussels immediately, as one of the most intelligent members of my ground crew, she definitely needs to explore this case, pronto. Meanwhile, I shall forward a code red alert to all the ships in orbit around that area. Oh, and after you have called Mathilde, try to figure out if this mister McFadden is owning a cell phone or any other kind of communication equipment. She will need a place to stay during her investigation.”

“But how about the conference tomorrow?”
“Don’t be foolish. Just do as I say!”
“Yes madam commander, as you wish, I am right on it.”

back


IX - Smeed het ijzer als het heet is, door Mara

John McFadden zat op een boomstronk naast een beek en keek uit over het uitgestrekte meer in de buurt van zijn woonhut en rookte, als gewoonlijk, een sigaar. Ontspannen overwoog hij zijn laatste avontuur met de eenhoorn en de hereniging met zijn zoon. Hij was erg tevreden over alles wat zich pas had afgespeeld en besloot om zijn kleine boot te pakken die verborgen lag onder enkele omgevallen jeneverbessen. Voor hem was het tijd om te gaan vissen.

Zijn vistuig lag op dezelfde plaats verborgen en het duurde niet lang voordat hij de boot van de wal afduwde, erin sprong en naar het midden van het meer roeide, waarin zich met grote pracht, de besneeuwde toppen van de Rocky Mountains weerspiegelden. Altijd als hij hier was, was hij onder de indruk van de schoonheid en rust van deze zeer bijzondere plaats. Hij wist dat het meer een grote verscheidenheid aan vissen verborg en hij watertandde toen hij aan de heerlijke vismaaltijd dacht die hij, als het donker was geworden en hij weer terug in zijn cabine was, voor zichzelf zou bereiden.

Toen hij zich op de plaats bevond waar hij naar alle kanten een goed uitzicht had gooide hij zijn hengel uit en begon te wachten. Hij verkneukelde zich. Weldra zou hij veel vis hebben gevangen en terwijl hij rondkeek, als altijd genietend van het landschap, begon John in te dommelen.

Plotseling schrok hij wakker, verstoord door het gebrul van een watervliegtuig dat probeerde te landen, bijna op de plek waar John en zijn kleine boot voor anker lag. Hij schrok zich wild en wist meteen dat dit vliegtuig hem de sluwe kleine man zou brengen die hem nog niet zo lang geleden in het stadje dat zich zo ongeveer op tien mijl afstand bevond, had aangesproken. Toen het vliegtuig eindelijk stil lag zag hij inderdaad de man die hij verwacht had op een van de drijvers klimmen. Hij zwaaide naar John.

"Mister McFadden, veronderstel ik”?, vroeg de man met een gevoel van historische nostalgie. John was niet bereid om het te gemakkelijk voor de man te maken en zei: "Wie ben je en wat doe je op mijn viswater?" De man lachte een onoprechte glimlach. "Wat visvijver? Ik zie heel veel water, maar vis? Kijk naar je hengel. Hebt u iets gevangen? "

John haalde zijn hengel op en inderdaad; geen vis. Hij schrok: "Wat heb je met mijn meer gedaan, jij kleine klootzak." "Komaan, niet onbeleefd zijn McFadden. In de stad vertelde ik over de lozing die we zouden laten gebeuren, stroomopwaarts in de rivier. Ik heb u gewaarschuwd niet te meer te gaan vissen, nietwaar?"

John herinnerde het zich weer, maar was niet bereid om dit toe te geven. Hij had er niets van geloofd, maar toen de man had gevraagd om hem zijn mobiele telefoon te lenen omdat hij een dringende oproep te maken had, zeggend dat zijn eigen gsm in de rivier was gevallen, had hij ingestemd. De man deed zijn oproep, gaf de mobiele telefoon terug en was verdwenen. John was het allemaal vergeten, maar nu herinnerde hij het zich weer levendig.

 

Dus geen vis vanavond. John moest iets anders verzinnen om die avond te kunnen eten. Toen het vliegtuig was verdwenen, roeide hij woedend terug naar de kust, verstopte de boot en het vistuig en liep terug naar zijn hut. Hij was hevig verontrust. Wat was er met het meer gebeurd? Als het besmet was op de manier zoals de achterbakse man had gezegd, was het een ramp. Hij moest de autoriteiten bellen, ver weg in Calgary, maar dan moest hij naar de stad lopen, omdat hier in de woestenij geen manier was om in contact te komen met wie dan ook.

Niet veel later, op de top van de heuvel waar hij zijn woonhut kon zien, bleek dat niet het enige te zijn. Op de open plek in het bos zag hij een soort van schotelachtig object, in de buurt waarvan twee vrouwen en een man in zijn richting stonden te kijken.

“Wel verd….”, vloekte hij. “Nog méér volk.”

~*~*~*~

Mathilde, Kareem en ik zagen de man struikelen terwijl hij vanaf de top van de heuvel naar beneden, naar de cabine, rende. Zwaaiend met zijn armen schreeuwde hij: "Verdwijn van mijn eigendom. Jullie zijn op verboden terrein, en wat de .... doet die maffe theekop op mijn erf". De man had het niet meer.

"Rustig, Mr. McFadden, we hebben goede bedoelingen. U was niet thuis, dus we waren niet in staat om toestemming te vragen om ons schip in uw achtertuin te parkeren. We zullen onmiddellijk verdwijnen als u dat zegt, maar wij vragen u ons aan te horen over wat wij te vertellen hebben. Het gaat om de vis die u vandaag niet in staat was te vangen." Kareem gebruikte zijn kalme stem als Arabische prins, wat inderdaad hielp om John enigszins tot bedaren te brengen.

Niet veel later zaten we alle vier rond John's keukentafel kruidenthee te drinken. Mathilde vertelde hem over de enorme vervuilingbedreiging die het nabijgelegen meer vergiftigde en dat het tijd was om hem te evacueren vanwege de extra gevaren die daarmee gepaard gingen.

"Maar hoe hebben jullie me op deze afgelegen plek gevonden?" Mathilde antwoordde: "We pikten een paar dagen geleden een telefoontje op van uw mobiele telefoon, waarin iemand zijn superieuren berichtte dat alles volgens plan verliep, en dat het hele meer zeer binnenkort zou worden besmet. En met meer in petto", voegde ze er met een grafstem aan toe.

"Mister McFadden, " zei ik zo rustig mogelijk. "Kom met ons mee. Het is hier erg gevaarlijk. Als u dat wilt brengen wij u naar uw zoon in New York, of welke andere plaats dan ook die u aanspreekt en voor u gerieflijk is. We houden u op de hoogte en brengen u onmiddellijk terug als het gevaar geweken is. Hoe klinkt dat?"

"Het klinkt waardeloos", gromde John. Maar het lijkt erop dat ik geen keus heb. Reizen we in dat maffe theekopje van jullie, of wat?" Op dat moment klaarde zijn gezicht op. Met een schalkse glimlach zei hij: "Neem me mee naar je moederschip, ik heb gehoord over het bestaan ervan. Het zou leuk om aan boord rond te kijken en te zien waar jullie toe in staat zijn." Met een grijns en zijn armen enigszins verontschuldigend gespreid wachtte hij op antwoord.

In verwarring gebracht keken Kareem, Mathilde en ik elkaar aan. Dit was op zijn zachtst gezegd nogal onverwacht, maar na een tijdje knikte Mathilde nauwelijks zichtbaar. Ze zei: "Je hebt gelijk, John. Maar naar het moederschip gaan gaat hem op dit moment niet worden. Greya zal je meenemen naar ons patrouilleschip dat in een polaire baan om de aarde draait. Vanaf daar zal je het meest prachtige uitzicht op de aarde hebben wat jij je kunt voorstellen. Je zal worden rondgeleid en Greya levert je vervolgens af in het Flushing Meadows Corona Park in Queens in de buurt van het New York Mets metrostation vanwaar jij je zoon gemakkelijk zult kunnen bereiken. Zoals jij je kunt voorstellen kunnen we deze schotel niet in New York zelf laten landen. Op zijn beurt zou ik heel graag gebruik maken van je woonhut om er tijdens deze crisis mijn hoofdkwartier in te installeren. Hebben we een deal?"

terug


IX - Strike while the iron is still hot, by Mara

John McFadden sat on a stump near a brook overlooking the vast lake near his cabin and, as usual, smoked a cigar. Leisurely he was contemplating about his recent adventure with the unicorn and the reunion with his son. He was very content about all that had transpired and decided to get his little boat that was hidden under some fallen juniper trees. It certainly was time to go out fishing.

His fishing gear was hidden in the same place and it didn’t take long before he moved the boat from the shore, jumped in and rowed to the middle of the lake in which, with great splendor, the snowy tops of the Rocky Mountain range were reflecting. Always when he was here, he was awed by the beauty and sereneness of this very special place. He knew that the lake entailed a large variety of fish and by the thought of it his mouth watered when he thought of the delicious fish meal he would prepare for himself when it had become dark and in his cabin once again.

When he found himself at the place where he had a good view to all sides he threw out his fishing rod and started to wait. He gloated. It wouldn’t take long before he would have caught many fish and while he looked around, enjoying the landscape once more, John started to doze off.

Suddenly he awoke, disturbed by the roar of a hydroplane that tried to land, almost on the spot where John and his little boat was anchored. He jumped and immediately knew that this plane would bring him the shrewd little man that had called on him not so long ago in the most nearby town that was situated just about ten miles away. When the plane lay silent at last he indeed saw the man he expected climbing upon one of the floats. He waved to John.

“Mister McFadden, I presume”?, the man inquired with a sense of historic nostalgia. John was not prepared to make it easy for the man and said: “Who are you and what are you doing on my fishing lake?” The man smiled an insincere smile. “What fishing lake? I see a lot of water, but fish? Look at your rod. Did you catch any?”

John took out his rod and indeed saw no fish. He was startled “What did you do to my lake, you little bastard.” “Don’t be rude McFadden. When you were in town I told you about the discharges we were about to make happen upstream in the river. I warned you not to go out fishing any more, didn’t I?”

John remembered but was not prepared to admit this. He had believed none of it, but when the man had asked to lend him his cell phone because he had to make an urgent call, while saying his own to be drowned in the river, he had consented.  The man had made his call, returned the cell phone and was gone. John had forgotten all of it but now remembered all of it very easily.

So no fish tonight. John had to think of something else to eat that evening. When the plane was gone, he furiously rowed back to the shore, hided boat and gear and trotted back to his cabin. He was greatly disturbed. What had happened to the lake? If it was contaminated the way the sneaky man had said, it was a disaster. He had to call the authorities way back in Calgary, but for that he had to walk to town, because here in the wilderness there was no way to get in touch with whoever it might be.

Not much later, on the top of the hill where he would be able to see the cabin, that wasn’t the only thing he could see. On the little clearing in the woods he saw a sort of saucer like object, near which two women and a man stood looking in his direction.

‘What the ….”, he cursed. “More company.”
Mathilde, Kareem and I saw the man stumbling when he ran down from the top of the hill to the cabin. Waving with his arms he shouted: “Go away from my property. You are trespassing and what the …. does that odd looking teacup on my asset.” Surely the man was extremely dismayed.

“Calm down Mr. McFadden, we have good intentions. You weren’t home so we were not able to ask permission to park our craft in your backyard. But we will leave immediately if you say so, but please hear us out about what we have to tell you. It is about the fish you weren’t able to catch today.” Kareem used his calm Arabic prince voice and it indeed helped to get John somewhat quiet.

Not much later the four of us were sitting around John’s kitchen table, drinking herbal tea. Mathilde told him about the enormous contamination threat that was poisoning the nearby lake and that it was time to evacuate him because of the additional dangers that surely were in store.

“But how did you find me in this remote place?” Mathilde answered: “We picked up a phone call from your cell phone a few days ago in which a certain man was telling his superiors that all went to plan and that the whole lake would be infected very soon. And more to come,” she added with a sense of menace.

“Mr. McFadden.” I said as calmly as possible. “Please come with us. It is very dangerous out there. We will bring you to your son in New York if you like, or any other place which might be comfortable for you. We will keep you posted and bring you back, the minute the danger is over. How does that sound?”

“It sounds rotten”, John grunted. But it seems I have no choice. Do we travel in that little teacup of yours, or what?” At that moment his face lighted up. With a half smile he said: “Please take me up to your mother ship , I have heard about its existence. It would be nice to be able to look around on board and see what you fellers are up to.” With a grin and his arms somewhat spread out apologetically he waited for an answer.

Puzzled Kareem, Mathilde and myself looked at each other. This was a bit unexpected to say the least, but after a little while Mathilde nodded ever so gently. She said: “Fair enough John. But going to the mother ship is not feasible at the moment. But Greya will take you to our patrol ship that circles earth in a polar orbit. From there you will have the most magnificent view of earth you can imagine. She will show you around and then deliver you in Flushing Meadows Corona Park, in Queens near the New York Mets subway station from where you will be able to reach your son easily. We cannot land this craft in New York proper, as you can imagine. In turn I would very much like to make use of your cabin as my headquarters during this crisis. Do we have a deal?”

back


X - Allistar Lucky Seven, door Martin

En dat gebeurde. John stemde toe en slechts een paar uur later werd onze vriend meegenomen naar een ruimtevaartuig, bekend onder de weinig zeggende naam: Mariner 018. Het schip maakte deel uit van een massale Sterrenvloot bestaande uit 7000 verschillende, zeer veelzijdige, vaartuigen. Natuurlijk, elk ervan voerde zijn eigen missies uit, terwijl ze overal in de gehele uitgestrektheid van de Melkweg konden worden gevonden. De vaardigheden van ruimtestrijders binnen een grote alliantie uit alle hoeken van het universum, de Galactische Federatie, werd aangewend om toezicht te houden op de vele uiteenlopende rassen en hun accessoire werelden, of gewoon om de status quo in oorlogsgebieden in stand te houden, zoals helaas het geval was op de voor ons Plejadiërs geliefde planeet Terra.

Op hetzelfde moment werd John het speelse figuur gewaar van een nogal robuuste vrouw, een dame met een huid, bruiner dan de donkerste chocoladereep die men zich kan voorstellen en bovendien voorzien van gele ogen die leken op die van een waakzame kat. Bovendien, haar figuur en bijna doorzichtige zorgvuldig gevlochten lange haar met een paarse gloed, maakten van haar op een zeer unieke manier een prachtige persoonlijkheid. In ieder geval neem ik aan dat John met deze beschrijving zou kunnen instemmen.

~*~*~*~

''Welnu meneer McFadden, wat vond u van onze speciale tour? '' John voelde zich absoluut gefascineerd terwijl zijn ogen de betoverende schittering weerkaatsten van een kleine jongen die op kerstochtend een nieuw speeltje koestert. ''O ja, het interieur van het schip is echt spectaculair, anders dan wat ik ooit eerder heb gezien. En dan het  fantastische uitzicht dat het biedt. Hoewel ik vorig jaar begon te geloven in de glorie van wonderen, is deze schoonheid iets wat ik gewoon niet kan doorgronden. Adembenemend is het enige woord geschikt genoeg om dit vliegende wonder te beschrijven. Toch geloof ik dat er hier nog iets ontbreekt, mooie dame.'' De vrouwelijke verschijning knipperde sensueel met haar romantisch katachtige ogen terwijl ze antwoordde: 'En wat zou dat kunnen zijn, meester John?'' John kon een vermakelijke glimlach niet onderdrukken. ''Juffrouw, u heeft zich nog niet voorgesteld,'' zei hij plompverloren. ”Oh, maar dat mijn beste John, heeft een zeer belangrijke reden. Op mijn overvloedige thuisplaneet, Rossa Vale, is het echt onbeleefd om jezelf te introduceren zonder dat je dat eerst wordt gevraagd. Maar nu dat is gebeurd, zal ik iets over mezelf en mijn afkomst uiteenzetten.''

''Zoals ik al zei, ik kom ben afkomstig van een wereld die ongeveer 2,5 keer groter is dan Terra. Het maakt deel uit van een enkelvoudig sterrenstelsel met de aansprekende naam Rossa Vale of rode vallei. Dat wil zeggen, jullie zouden het zo noemen. Ik zal je haar naam in onze eigen taal besparen. Ze is gelegen in een sector, circa 564 lichtjaar verderop. Onze wereld heeft zich ontwikkeld tot een vrij hoge trilling, iets wat je zou kunnen herkennen als de vijfe tot zevende dimensie. Met onze gedachten en intenties zijn wij in staat wat dan ook te materialiseren; geen wens is ooit te klein. Zelfs mijn eigen, schijnbaar fysieke lichaam, is een manifestatie die is geboren in de creatieve gebieden van mijn gedachten. Daarom zal het je verrassen om te weten dat ook wij staten hebben, allen met hun hoofdsteden en eigen culturen. Het merendeel van de steden op mijn wereld kunnen het best vergeleken worden met de geweldige sfeer van jullie Oost-Europese steden, compleet met trams, bovenleidingen, en stadsbussen. We hebben ook ons eigen financiële systeem, met een munt bekend als Balim, waarvan de waarde bijna gelijk is aan de conventionele US dollar.'' Plotseling zwaaide John met zijn handen in de lucht. ''Stop alsjeblieft met praten. Je hebt me nog steeds je naam niet verteld, jongedame.''

''Jongedame? Ik ben waarschijnlijk ouder dan jouw overgrootmoeder, John.'' “Tuurlijk,'' antwoordde John, “en ik ben de koningin van Sheba.” ''Nee hoor, ik sta erop dat je een schatting maakt.'' John fronste. ''Eh.., ergens in de buurt van 25 jaar?'' ''Ha,” grijnsde ze. “Bedankt voor het prachtige compliment, maar zelfs niet in de buurt. Voor mijn leeftijd zie ik er best jeugdig uit, gezien het feit dat ik in werkelijkheid een bescheiden 9.000 jaren oud ben. Maar dat is niet zo moeilijk want onze planeet heeft een omloop van slechts 45 dagen. Vertaald naar de aarde zou ik dan ongeveer 200 jaar oud zijn. Oh, en tussen haakjes, de naam is Allistar, zoals jullie aardse naam Alistair, maar anders gespeld. Maar voel je vrij om mij Lucky Seven te noemen, een naam afgeleid van een bepaalde cyclus op de wereld waarop ik ben geboren. Oké, nu je mijn echte naam kent, wil je misschien wel getuige zijn van de demonstratie van een apparaat dat ik ‘de stiekeme piek’ noem?''

Gevuld met een hart van bijna kinderlijke nieuwsgierigheid, stemde John toe en besloot om zijn nieuwe vriendin te volgen naar een kleine ruimte die hij niet eerder had gezien. Aan de andere kant van een zware ijzeren schuifdeur bevond zich een, op het eerste gezicht, klein apparaat op een rond tafeltje, gemaakt van een onbekend materiaal. Alistair drukte op een tamelijk klein knopje, en draaide vervolgens kort aan wat een afstemknop zou kunnen zijn. Even later ontvouwde zich een driedimensionaal scenario, wat de hele kamer drastisch veranderde. ''Kijk John, we bevinden ons momenteel midden in een levendige dagdroom van onze opperbevelhebber, miss Armodac. Zij is degene die verantwoordelijk is voor het merendeel van de activiteiten die onze loyale toewijding nodig hebben.''

Ze gaven het al hun aandacht, en wat een grootse voorstelling werd het. Het driedimensionale beeld liet een schaars geklede miss Armodac zien, want alles wat ze droeg was een grote zonnebril en glanzend zilveren weinig verhullende badkledij. Liggend in een comfortabele hangmat tussen twee palmbomen genoot ze van een roodachtige Zon op een parelwit strand. Ze leek volkomen gelukkig. Met een groot glas limonade losjes in haar hand, werd ze op subtiele wijze in beslag genomen door de inhoud ervan, terwijl ze er met een roze rietje van dronk. In de droom was ze helemaal alleen, waarbij ze duidelijk een informele kant van haarzelf liet zien. Terwijl ze het tafereel gadesloegen, sijpelden de gedachten van deze mooie sterke vrouw door in die van de twee gluurders. Op dit punt vormde openheid het enige risico. De twee deugnieten merkten telepathisch een lichte aarzeling op: ''Zal ik een duik nemen en een beetje zwemmen? Het blauwe oppervlak van de oceaan lijkt zo verleidelijk, alsof haar geheimzinnige stem een mooie melodie fluistert.''

John vond het absoluut indrukwekkend. ''Ge-wel-dig! Wat een briljante uitvinding, '' was alles wat hij kon uitbrengen. ''Alistar, naarmate de tijd verstrijkt begin ik meer en meer van je te houden, wil je een sigaar, mijn beste vriendin?'' Ze keek enigszins onzeker. ''Dat is een van die stinkende aardse dingen, toch? Maar och, een paar trekjes zal geen kwaad kunnen, denk ik.''

De holografische projectie was afgelopen, maar nadat John beide sigaren had aangestoken, konden ze duidelijk naderende voetstappen in de gang horen. De zware deur werd abrupt geopend en een kale mannelijke figuur met een van die grappige fietsstuursnorren openbaarde zich. ‘’What the heck!’’ Een vrouwelijke stem op de achtergrond vroeg haastig: ''Is alles in orde, commander Wilson?'' Hij schudde zijn hoofd. ''Nee, miss Catharina, ik ben bang dat we onszelf twee jokers op de hals hebben gehaald, die een sigaar roken in een ruimte waarvan het hun in de eerste plaats niet is toegestaan die te betreden. De vrouwelijke verschijning met een Tsjechisch achtergrond, die de naam van Ana Catharina op een klein identificatie schild boven haar linkerborst droeg, begeleidde de commandant door de deur. Met een zorgwekkende nogal strenge stem zei ze: ''Propána (o jé), jullie beiden hebben jezelf  een hoop problemen op de hals gehaald!''

terug


 

X - Allistar Lucky Seven, by Martin

And so it happened. John agreed, and only a few hours later our dear friend was taken to a spacecraft known under the nondescript name: Mariner 018. The ship formed an integral part of a massive Starfleet existent out of 7000 different, rather versatile, craft. Of course, each and every one of them, belonging to the Galactic Federation, was carrying out their own missions while they could be found anywhere throughout the vast areas of the galaxy. The skills of a grand alliance of space warriors from all over the Universe was being employed, in order to monitor all the divergent races and their accessory worlds, or simply to maintain the status quo in areas of war, as was unfortunately the case on our beloved planet Terra.

Yet at the moment, John found himself confronted with the playful appearance of a fairly robust woman, a lady with a skin darker than the darkest chocolate bar one could ever imagine and with yellow eyes resembling those of a vigilant cat. However, her figure and almost diaphanous carefully braided long hair with a purple glow, made her a pretty person in a very unique way. Well, I indeed assume John would agree.

~*~*~*~

‘’Well mister McFadden, how did you like our special tour?’’ John felt absolutely spellbound while his eyes were carrying the enchanting sparkle of a little boy in love with a new toy on Christmas morning. ‘’Oh yes, the interior of the ship is truly amazing, not like anything I have ever seen. Not to mention the magnificent view it is offering. Although last year I started to believe in the glory of miracles, this beauty is something I just cannot fathom. Breathtaking is the sole word appropriate enough to describe this flying wonder. Nevertheless, I believe there is still something missing here, my gorgeous lady.’’ The feminine apparition sensually blinked her romantic catlike eyes when she replied; ‘’And what would that be, master John?’’ John couldn’t suppress an amusing smile. Without beating about the bush he said: ‘’Miss, you haven’t introduced yourself. ‘’Oh, but that my dear John, entails a very important reason. You see, on my bountiful home planet, Rossa Vale, it is really impolite to introduce oneself without being asked first. But now that you did, let’s disclose a bit about myself as well as my origins.’’

‘’As I said, I originate from a world measuring nearly 2,5 times that of Earth. It is part of a solitary star system with the appealing name Rossa Vale, or red valley. That is to say, you would call it thus. I’ll save you its name in our own language, as there are many. She is situated in an area just about 564 light years from where we are right now. Our world evolved into a pretty high vibration, something you would acknowledge as the fith to seventh dimension. With our thoughts and intentions we are capable to materialize whatever it is we desire, no wish could ever be too small. Even my own, seemingly dense body, is a manifestation born in the creative areas of my mind. Therefore it may surprise you to know that we do have countries, all with capitals and cultures of their own. Most of the cities on my world could best be compared with the amazing atmosphere of your East European cities, complete with catenary wires, trams and city buses. We also got our own financial system, a currency known as Balim which almost equals your conventional US dollar.’’ John suddenly waved his hands in the air. ‘’Please stop talking. For you still haven’t told me your name, young lady.’’

‘’Young lady? I am probably older than your great grandmother John.’’ ‘’Sure,’’ John replied, “and I am the queen of Sheba.” ‘’No, I insist you make a guess.’’ John frowned. ‘’Ehm…, somewhere in the neighborhood of 25 years?’’ ‘’Hah,” she grinned. “Thanks for a splendid compliment, but not even close. For my age I look pretty youthful, considering that in reality, I am a modest 9.000 years old. But that is not so difficult because our planet has an orbital period of only 45 days. Converted to earth this would mean just about 200 years. Oh, and by the way, the name is Allistar, like your terrestrial name Alistair, just spelled differently. Though feel free to call me Lucky Seven, a name inferring to a specific cycle on the world I was born on. Well, now that you know my authentic name, would you like to witness the demonstration of a device I call: the sneaky peak?’’

Filled with a heart of almost childish inquisitiveness, John assented and decided to follow his new friend to a space he hadn’t seen before. At the other side of a heavy iron sliding door there was a little device to be found on a small circular table, made out of an unknown material. Allistar pushed a rather tiny button, and then turned briefly to what should be a dial, subsequently to reveal a third dimensional scenario, drastically changing the entire room. ‘’Look John, we currently find ourselves in the middle of a dream, a vivid daydream by the chief commander, miss Armodac, she is the one responsible for the majority of operations in need of our devoted dedication.’’

They gave it all their attention, and what a grand show it became. The three-dimensional  image revealed a scarcely dressed miss Armodac as all she wore was a big pair of sunglasses, and shiny silvery revealing bathing gear. While lying in a comfortable hammock tied between two palm trees enjoying a reddish Sun on a pearly white beach, she seemed utterly happy. With a big glass of lemonade loosely within her hands, she was subtly consuming its contents while drinking trough a pink straw. In the dream she was all alone, revealing a very informal side. Every detail could easily be monitored whereas the thoughts of this beautiful strong woman seeped through the minds of both peeping Toms. At this point, openness formed the only excess. The two rascals telepathically received a slight hesitation: ‘’Shall I plunge in and go for a little swim? The blue surface of the ocean seems so enticing, as if her mysterious voice whispers a lovely melody.’’

John was in absolute awe. ‘’A-ma-zing! What a brilliant invention,’’ was all he could bring out. ‘’Allistar, as time goes by, I am starting to like you more and more, would you like a cigar my dear friend?’’ She looked somewhat questionable. ‘’That’s one of those earthly stinky things, right? But then, only a few puffs wouldn’t hurt, I suppose.’’

The holographic projection had ended, but after John had lit both their cigars, they could clearly hear approaching footsteps in the hallway. The heavy door was brusquely opened and a bald masculine figure with one of those funny handlebar moustaches revealed himself. ‘’What the heck!’’ A female voice in the background hastily asked: ‘’Is everything all right, commander Wilson?’’ He shook his head. ‘’No, miss Catharina, I am afraid we’ve got ourselves two jokers, smoking a cigar in a room they aren’t allowed to enter in the first place. The feminine appearance with a Czech background, bearing the name of Ana Catharina on a little identification shield above her left breast, accompanied the commander at the doorstep. With a worrisome yet stern voice she said: ‘’Propána (oh gosh), the two of you find yourself in a lot of trouble.’’

back


XI - Sweet dreams, door Mara

 

Door een luid bonzen op de deur van mijn hut, ontwaakte ik uit mijn diepgaande droom. Het ging over een soort grote vlakte met zo veel bijenkorven als men zich maar kan voorstellen. In de droom leken er overal zachte stemmen te zijn, die je dingen vertelden die je ofwel al wist of had moeten weten. Maar toch, het weer was kalm, er scheen een roodachtige zon en de sfeer was sereen en kalm.

Maar nu was de stemming totaal verschillend vanwege het irritante geluid van een vrouwelijke stem die door de pentagram-vormige deur blèrde om de deur onmiddellijk te openen. "Wacht even,” riep ik terug, terwijl ik snel een ochtendjas aanschoot, op weg naar de badkamer voor een noodzakelijke tussenstop." Je zou de intercom hebben kunnen gebruiken, Ana," schreeuwde ik tegen de vrouw wiens stem ik eindelijk had herkend. "Dat zou in ieder geval minder decibels hebben veroorzaakt."

Een paar minuten later stond Ana geagiteerd in mijn hut en drong erop aan om me onmiddellijk naar de Brug te haasten. Er zou iets mis zijn met mijn Terraanse protegé en Commandeur Wilson eiste mijn onmiddellijke aanwezigheid. "En wat betreft de intercom, mijn lieve Greya," zei ze fijntjes: "Ik heb meerdere malen geprobeerd om je te bereiken, maar je gaf geen antwoord!"

~*~*~*~

Op de Brug was commandant commandeur Charles Wilson niet zijn gebruikelijke kalme zelf. In afwachting van de opgeroepen mensen voerde hij een lang gesprek met miss Armodac, de opperbevelhebber van de Terraanse divisie van de vloot van de Galactische Federatie. Ze hadden besloten de beide overtreders een leerprogramma aan te bieden om hen te kunnen corrigeren zonder te moeten straffen. Dat zou indruisen tegen de regels van de Federatie om zich: ‘niet te bemoeien met de lokale bevolking, tenzij er geen andere oplossing voorhanden was’.

Toen ze allemaal waren gearriveerd, draaide Wilson er niet omheen.
"Miss Allistar van Rossa Vale en Mister McFadden van Terra, vanwege uw wangedrag door te spioneren op de persoon van onze opperbevelhebber, Miss Armodac van Amadis, wordt u hierbij beiden veroordeeld om naar die planeet af te reizen, waar u zult worden overgebracht naar de zogenaamde Honingvlakte, om daar onderricht te ondergaan met betrekking tot het gedrag van mensen uit verschillende samenlevingen, planeten en sterrenstelsels jegens elkaar. Het is van het allergrootste belang dat deze regels worden nageleefd, anders worden de fragiele betrekkingen tussen de verschillende entiteiten op het spel gezet. U wordt begeleid door Miss Ana Catharina en Miss Greya, beide van Maldek, die gebonden zijn u voortdurend te begeleiden, totdat de bijeenkomst op de Vlakte heeft plaatsgevonden. Iemand commentaar? “

Dat was er niet en niet veel later bevonden we ons alle vier in een hoedvormige shuttle waar anderen al zaten te wachten op de dingen die komen gingen. De anderen waren allemaal, kregen we te horen, burgers van Amadis, op weg naar een broodnodig verlof.

John praatte zachtjes met Allistar, dus probeerde ik met Ana een praatje aan te knopen. Maar ze zag er moe uit en leek niet bereid om te communiceren. Niet veel later kregen we allemaal een innerlijke boodschap. Zoiets als: ‘Hier spreekt uw kapitein,’ maar dan niet door middel van een intercom, maar rechtstreeks in onze geest. De boodschap was eenvoudig. Hij heette ons welkom aan boord en we zouden snel naar Amadis vertrekken. De reis zelf zou niet lang duren. In feite zou die van en naar het sterrenschip de meeste tijd kosten. In beide gevallen ongeveer een half uur. Sterker nog, op bijna hetzelfde moment dat het sterrenschip, die 'Apic' heette, naar een van hun planeten, vertrok, zou het ook aankomen binnen Moira's zonnestelsel, waarvan Amadis de derde planeet was.

Toen we daar aankwamen hadden we, door middel van een groot panoramascherm, een prachtig uitzicht over deze rode dwergster. Enkele van de planeten, cirkelend rond hun zon, waren zichtbaar. Vooral Amadis met zijn twee continenten in een bijna eindeloze oceaan. Een aantrekkelijk lokaal meisje wees ons de locatie van de beroemde Honingvlakte. We zetten de reis voort met een identieke shuttle als eerder en niet veel later landden we op de interplanetaire marinebasis in de buurt van de hoofdstad van het zuidelijke continent.

We werden hartelijk begroet door een man die zichzelf voorstelde als Vodelm, Armodac’s broer. Hij omhelsde ons allemaal - ook de twee 'arrestanten', en vertelde ons dat zijn zus hem had gevraagd om ons te verzorgen, de omgeving te laten zien en om ons te vergezellen naar de Honingvlakte waar de 'instructies', zoals hij het noemde, zouden plaatsvinden. Maar dat was iets voor morgen.

John kon zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en vroeg Vodelm of hij ons iets over Moira’s sterrenstelsel kon vertellen. Het antwoord was bevestigend, maar eerst werden we begeleid naar de mensa van de universiteit, waar we een lichte maaltijd kregen aangeboden. Het bestond uit een grote verscheidenheid aan fruit om van te watertanden, samen met heerlijke honing geserveerd in grote kommen. Ongetwijfeld was deze honing afkomstig van die legendarische Honingvlakte. Met al die honing binnen handbereik voelde ik me als Winnie the Pooh, waarover in een Terraans boek voor kinderen is geschreven.

Tijdens de maaltijd gaf Vodelm een korte uiteenzetting over de compositie van het Moira systeem. Hij sprak, verrassend, buitengewoon goed Engels, zodat ook John in staat was het te volgen.

“De ster die de Terraanse wetenschappers ‘Ster van Barnard’ noemen, heet bij ons Moira. Met zijn afstand van slechts 5,97 lichtjaren is het na de Centaurus familie de ster die het dichtst bij Sol staat. Moira heeft een serie planeten, waarvan Amadis, de derde is.” John stak zijn hand op en vroeg: “Vodelm, het leven op Amadis zou rood gekleurd moeten zijn. Moira/Barnard’s Ster is toch een rode dwergster. Maar ik zie er niets van. Hoe is dat mogelijk?”

“Dat is omdat het rode licht wordt gefilterd door een gaslaag, analoog aan de ozonlaag bij jullie. Die laag houdt de kosmische- en andere straling tegen. Het overheersende licht op aarde is geelblauw; bij ons is dat groenrood. Natuurlijk geeft dat een ander perspectief aan de dingen maar dat is absoluut geen probleem bij onze bezoeken aan Terra en vice versa geldt dat ook, zoals je hebt gemerkt. De Aarde noemen wij trouwens Opdum.”
“Betekent dat iets?”
“Ja hoor, wat dacht je?”
“Aarde?”
“Natuurlijk. Oké, laten we verdergaan.”

“Moira’s eerste planeet heet Aum. Aum is een kleine onbewoonde planeet, te heet voor leven, net als Mercurius bij jullie. Aum betekent dan ook zoiets als Inferno. En zo Allistar, Ana, Greya and John, hebben jullie de eerste woorden geleerd van onze taal!”

“De tweede planeet heet Aino. Aino is een planeet die ongeveer twee keer zo groot is als de Aarde en is volkomen onvruchtbaar. Het heeft geen dampkring en is dan ook onbewoond. Aino betekent kaal en onherbergzaam. De derde planeet is dus Amadis, wat Morgenster betekent. Amadis is iets groter dan Aino. Het is een half om half water/landplaneet, wat inhoudt dat de continenten behoorlijk wat groter zijn dan die van de aarde. Op het noordelijke continent, dat ongeveer de omvang heeft van jullie Grote Oceaan, bevindt zich de enorme Honingvlakte. De meeste Moirianen, ongeveer achthonderd miljoen zielen, wonen op het noordelijke continent, Bagion genaamd. Op het zuidelijke continent, Welda, wonen de meeste andere rassen waarvan er enkele bewust zijn.”

“De vierde planeet is een grote gasplaneet, ongeveer zoals Jupiter, en heet ‘Dorn,’ blinkend. De vijfde planeet, ook een gasplaneet is zelfs groter dan Jupiter en  heet Apic. Apic betekent: groot en ver.”

“Vervolgens de steeds kleinere gasplaneten Omidis, hetgeen mooi betekent omdat zij zo prachtig schittert aan het firmament, en vervolgens Moriom, wat achterwaarts betekent. Deze planeet volgt een afwijkende baan rond Moira. Dan volgen Maliom, (herwaarts) en tenslotte Mihaniom, (derwaarts.)”

~*~*~*~

Kort daarna vertrokken we per zwever, een soort veredeld vliegend tapijt met een balustrade en comfortabele stoelen, om de planeet te verkennen. De oversteek over de straat tussen de twee continenten besloeg slechts een half uur. Naast de vijf van ons waren er 6 andere buitenaardse mensen aan boord die hier waren om meer te leren over de cultuur en manier van leven op Amadis. Tot onze verbazing was Amanta van Amantis één van hen. Het was goed, maar ook verrassend haar hier zo onverwacht te ontmoeten. We hadden veel om elkaar te vertellen, maar dat moest wachten vanwege alle informatie over de planeet die we kregen. Vodelm verstrekte alle informatie telepathisch, zodat er geen taalproblemen waren. Telepathie werkt met beelden, concepten en gedachten en is niet afhankelijk van welke taal dan ook.

Moira, de zon, scheen uitbundig maar de snelheid van de zwever en de koele bries maakte het allemaal zeer aangenaam. Het was lente en de natuur leek zwanger van al het ontluikende groen. We passeerden een vriendelijke landschap van heuvels en valleien, rivieren en bossen met hier en daar een kleine nederzetting.

In de omgeving van bewoning waren er altijd een paar kleine wegen waar boeren met zelfrijdende karren naar en van hun landerijen reden. Alle andere verkeer op Amadis vindt plaats per zwever, waarvoor onzichtbare tracés bestaan die het -niet zeer drukke – verkeer van elkaar scheiden. Het vrachtverkeer vindt plaats door middel van een  soort groot uitgevallen ondergronds buizenpostsysteem. Elke nederzetting heeft daarvoor zijn eigen verdeelstation.

De sfeer was gewoon geweldig. De rode ster betoverde alles met een roze gloed. De wereld baadde in een karmozijnrode schemering en de schaduwen werden geleidelijk langer. De omgeving zag eruit alsof ze verzadigd was, in afwachting van de avond die snel over dit prachtige heuvelachtige landschap zou vallen.

We kregen te horen dat deze reis twee doelen diende. In de eerste plaats waren we op weg naar de Honingvlakte om met onze eigen ogen en hart te her- en erkennen wat er diep in ons verborgen ligt. Het werd ons duidelijk gemaakt dat alle passagiers van de zwever ooit tijdens vorige levens op deze planeet hadden geleefd. Dit deed sommigen van ons fronsen, maar net als ik, was er na een korte tijd vanaf de gezichten van alle aanwezigen te zien, dat dit inderdaad het geval moet zijn geweest.

Verder waren we op zoek naar iets dat zich in onszelf manifesteert. De zoektocht naar innerlijke harmonie. We kregen te horen dat ons hele leven vervuld zou moeten zijn met het zoeken naar vrede, naar harmonie en voor de vervulling van de waarden tussen alle bewoners, overal in het universum. Om de lijnen van ieders gedrag op zijn ware merites te beoordelen; waarden die niettemin vaak worden overtreden op zowel Terra, als ook op Vale Rosso, Meldek, Iarga, Amantis, Altaïr, Sirrah, noem maar op. Bovendien om te leren om die kalmte, die eenheid en die harmonie te beheersen en om, wat we geleerd zouden hebben, wanneer we teruggekomen zouden zijn op onze thuisplaneet, over te brengen op anderen, ziel voor ziel.

In de avond was het fascinerend om de schijnbare doodsstrijd van de rode zon waar te nemen die maar voortduurde, ten slotte verdwijnend achter de verre, verre horizon. Het zag eruit als een enorme rugbybal die werd opgeslokt door de afgelegen heuvels en plateaus.

Eindelijk  bereikten we de hoofdstad, Tur, waar we de nacht zouden doorbrengen. De stad was gebouwd op een hoge bergrug, waardoor de grote ronde woontorens nog hoger leken dan ze al waren. Ze schenen zich bijna eindeloos uit te strekken tot in het koperen firmament en het uitzicht, hoog in een van de torens was gewoonweg overweldigend. In de verte, gezien vanaf de noordkant, bestond de horizon uit een lange blauwe lijn. De hellingen van de Honingvlakte!

Morgen zou ik, Greya van Maldek en alle anderen die meereisden daarheen op weg gaan. Ik kon niet wachten….

terug


XI - Sweet dreams, by Mara

 

In an instant, by a loud banging on my cabin door, I was awakened from my profound  dreaming about some kind of huge plain with as many beehives as one can imagine. In the dream there seemed to be soft voices everywhere, telling you things you either already knew or should have known. But then, the weather was calm, a reddish sun was shining and the atmosphere was serene and calm.

But now, the ambiance was totally different with the awkward sounds of a feminine voice shouting through the pentagram styled door to open up immediately.
“Wait a minute,” I shouted back while I quickly put on a dressing gown, heading to the bathroom for a necessary stopover. “You might have used the intercom, Ana,” I yelled to the woman whose voice I at last did recognize. “Would at least have cost less decibels.”

A few minutes later Ana stood agitated within my quarters urging me to come to the Bridge ‘on the double’. There would be something amiss with my Terran protégé and Commander Wilson needed my prompt appearance. “And on the subject of the intercom, my dear Greya,” she said cunningly, “I have tried to reach you over and over again, but you didn’t answer!”

~*~*~*~

On the Bridge commander Charles Wilson wasn’t his usual calm self. While waiting for the summoned people to arrive he had a long conversation with miss Armodac, the commander in Chief of the Terran based chapter of the Galactic Federation fleet. They decided on a course to follow in order to be able to correct the Terran and Rossa Vale citizens without having them to punish which would be against the rules of the Federation: ‘Not to interfere with locals, unless no other course would be possible.’

When the four people arrived, Wilson did not beat around the bush. “Miss Allistar of Rossa Vale and Mister Mc Fadden of Terra, because of your misconduct by spying upon the person of our Commander in Chief, Miss Armodac from Amadis, the both of you are hereby sentenced  to proceed to that planet, where you will be conveyed to the so-called Plains of Honey, to undergo tuition regarding the behavior of people from different societies, planets and galaxies towards each other. It is of the utmost importance that those rules are honored, otherwise the fragile relationship between the different entities will be at stake. You will be accompanied by Miss Ana Catharina and Miss Greya, both of Meldek, who are to monitor you constantly, until the conference on the plains has taken place. Any comments?”

There weren’t any and not much later the four of us found ourselves in a hat-shaped shuttle where some other people were already waiting for things to happen. They all were, as we were told, citizens of Amadis, on their way to a much needed leave from duty.

John was talking under his breath to Allistar, so I tried to talk to Ana, who seemed tired and unwilling to communicate. Not much later we all received an inner message. Something like: ‘This is your captain speaking.’ But not by means of an intercom, but straight into our brains. The message was a simple one. We were bid welcome onboard and would leave for Amadis in a few moments. The journey itself wouldn’t take long. In fact the trip to and fro the starship would absorb most of our time. In both cases about half an hour. In fact, at almost the very moment the starship, which was called the ‘Apic,’ after one of their planets, would leave, it would also arrive within Moira’s solar system, of which Amadis was the third planet.

While arriving we had, by means of a huge panorama screen, a magnificent view on this red dwarf star. A few of the planets, circling their sun were visible, especially Amadis with its two continents in an almost endless ocean. An attractive local girl showed us the location of the famous Plains of Honey and we continued the journey with an identical shuttle as before and not much later we landed on the interplanetary marine base near the capital of the southern continent.

We were heartily greeted by a man who introduced himself as Vodelm, Armodac’s brother. He embraced us all – also the two ‘detainees,’ and told us that his sister had asked him to look after us, show us around and to accompany us to the Plains of Honey where the ‘instructions’ as he called it, would take place. But that was something for tomorrow.

John couldn’t restrain his curiosity and asked Vodelm if he could tell us something about the Moiran star system. The answer was affirmative but first we were guided to the mensa of the university, where we were offered a light meal. It consisted of a large variety of mouth-watering fruit along with delicious honey served in large bowls. No doubt this honey came from those legendary Plains of Honey. With all that honey within reach I felt like Winnie the Pooh, written about in a Terran children’s book.

During the meal Vodelm gave us a brief lecture about the composition of the Moira system. Surprisingly, he spoke rather good English, so that we were all able to follow what he told us. “Our star is the same that Terran scientists call Barnard’s star. With its distance of only 5,97 light-years it is after the Centauri family the closest to Sol. Moira has a series of planets, of which Amadis is the third one.” John put his hand in the air and asked: “Vodelm, life on Amadis should be coloured red, because Moira/Barnard’s star is a red dwarf star, but I can see nothing the like. How’s that possible?”

“That is because the red light is being filtered by a layer of gas, somewhat like your ozone layer. It stops the cosmic- and other radiation. Mainly the light on Earth is colored yellow/blue; with us it is green/red. Of course it puts everything in a different perspective, but there is absolutely no problem when you visit us and vice versa, as you have noticed. By the way, we call Earth Opdum.”
“What does that mean?”
“Any idea?”
“Earth?”
”Of course. Okay, let’s go on.”

“Moira’s first planet is called Aum. It is small an uninhabited, too hot for life, just like Mercury in the sol system. Aum means something like Inferno. And thus, Allistar, Ana, Greya and John, you’ve just learned your first words of our language!”

“The second planet is called Aino. It is twice as big as Earth and infertile. It has no atmosphere and is therefore uninhabited. Aino means bold and rough. The third planet is Amadis, meaning ‘morning star.’ It is slightly bigger than Aino. It is a half water/land planet, implicating that the continents are a lot bigger than those on Terra. On the northern continent, John, with its size of your Great Ocean, the huge honey plain is situated. Most people on Moira, about 800 billion, live on the northern continent, Bagion. On the southern continent, Welda, exist a number of other races, of which some are sentient.”

The fourth planet is a gas planet. We call it ‘Dorn,’ shining. The fifth planet, also a gas planet, this one even bigger than your Jupiter, is called Apich, which means great and far. Then there are some smaller gas planets, Omidis, meaning beautiful because it blinks and Moriom, which means backward. This planet travels in a different trajectory around Moira. Then there is Maliom (hereabouts), and Mihaniom, (thereabouts).”
~*~*~*~
Shortly afterwards we left per glider, which is a kind of ennobled flying carpet with a balustrade and comfortable chairs, to scout the planet. The crossing of the straits between the two continents was done in only half an hour. Apart from the five of us there were 6 other extraterrestrial people aboard who were here to learn more about the Amadisian culture and way of life. To our surprise Amanta of Amantis was one of them. It was good as well as unexpected to meet her here so unexpectedly. We had a lot to tell each other but that had to wait because of all the information about the planet we got. All explanations by Vodelm were given telepathically so there were no language problems at all, for telepathy works with images, concepts and thoughts and does not depend on any language.

Moira, the sun, shone exuberantly but the speed of the glider and the cool breeze made it all very pleasant. It was spring and nature looked pregnant with all the nascent greenery. We passed a friendly scenery of hills and valleys, rivers and forests with a small settlement here and there.

In the vicinity of habitation there were invariably a few small roads where farmers with self-propelled carts went to and fro their lands. All other traffic on Amadis is done by glider, wherefore invisible trajectories exist that divide the -not very bustling - traffic. Freight transport takes place by means of a kind of large underground tube system. Every settlement has his own distribution station.

The atmosphere was just great. The red star enchanted everything with a reddish glow. The world bathed in a crimson red twilight and the shadows gradually grew long. The surroundings looked like they were saturated, awaiting  the night that would soon fall over this beautiful hilly landscape.

We were told that this journey served two purposes. In the first place we all were on our way to the Plains of Honey in order to re-cognize with our own eyes and heart what is concealed deep within us. It was made clear to us that all passengers of the glider spent former lives on this planet. This made some of us frown, but just as myself, after a short while it was to be seen from the faces of all present, that this surely must indeed have been the case.

Furthermore we were in search of something that manifests within ourselves. The quest for inner peace. We were told that our whole life should be filled with searching for peace, for harmony and for the fulfillment of values between all human beings wherever in the universe. To judge the lines of behavior by its true merits; which are well often tread under foot either on Terra, Vale Rosso, Meldek, Iarga, Amantis, Altaïr, you name it. Furthermore  to learn to master that calmness, that unity and that harmony and to communicate to others, when back on our home planets, what we learned, one soul at a time.

~*~*~*~
In the evening it was fascinating to watch the ostensible death agony of the red sun, Moira, which was constantly lingering, at long last disappearing behind the far, far horizon. It looked like a huge rugby ball which was engulfed by the faraway hills and mesas.

At last we reached the capital, Tur, where we would stay the night. The town was built on a high mountainous range, whereby the big round apartment towers looked even taller than they are. They seemed to stretch almost endlessly into the copper firmament and the view up high in one of the towers is just overpowering. In the far distance, seen from the north, the horizon existed of a long blue line. The slopes of the Plains of Honey!

Tomorrow, I Greya of Meldek and all who were with me would be going there! I just couldn’t  wait….

back


XII - Cia ‘Kiuna; koningin van de woestijn, door Martin

Gezegend door de karmozijnrode stralen van een nieuwe ochtendzon, een veelbelovende gift van Moira, de moeder godin, kwam ons geliefde kwartet eindelijk aan op het veelgeroemde domein, bekend door zijn opvallende naam, de Honingvlakte. Het verkwikkende gevoel van een zwoele wind leek perfect in staat om werkelijk gunstige omstandigheden te initiëren. Iedereen wist, met vlinders in de buik, dat niet minder dan zeven verschillende dozen, allen vol met verrassingen, onder elkaar zou worden verdeeld.

Hoewel, wacht even, zei ik zeven dozen? Een dergelijk aantal past bij een vergelijkbaar aantal ontvangers, is het niet? Inderdaad, naast onze geliefde vrienden, waren tijdens deze fantastische prelude van een nieuwe dag, ook nog een sprankelende miss Amanta aanwezig en een kleine gestalte met een paarse jurk die zichzelf had voorgesteld als Jasmine (zie: De holte van een oude boom). Bovendien was Allistar heel blij om te worden herenigd met een goede vriendin, een charmante persoonlijkheid begiftigd met de eigenschappen van een aards Aziatisch meisje, beter bekend als Ling.

Maar, zoals we allen weten, kan een eerste indruk nogal misleidend zijn. Ling had de anderen net geïnformeerd over haar activiteiten als gevorderd buschauffeur op Rossa Vale. Verder stond zij bekend om haar superieure kennis over alles wat ademt en groeit. Ze had de anderen verder ook verteld over de veelzijdige levensstijl op haar mooie ranch. Een rustige locatie, waar ze samen met haar echtgenote Bernadette het grootste deel van haar vrije tijd pleegt door te brengen met het onderhouden van hun enorme koffieplantage.

Op de eerste plaats kon haar aanwezigheid op deze plek van wonderen niet worden toegeschreven aan toeval, aangezien het een fundamenteel doel betrof.
''Nee mijn lieve Allistar, Vodelm zelf verzocht me om wat licht te laten schijnen op een inheemse bloem die alleen op deze vlakte kan worden gevonden, een stukje natuur met een bijzondere naam: Cia 'Kiuna, wat betekent: koningin van de woestijn. Nou, eerlijk gezegd, vormt deze materie de enige reden voor mijn aanwezigheid hier.''

Na die opmerkelijke uitspraak leek Ana Catharina niet succesvol bij het onderdrukken van een bescheiden glimlach. Zij vroeg Ling hoe het met haar echtgenote was.
''Oh, je bedoelt Bernadette? Nee, ze besloot om thuis te blijven en zal op dit moment zeer waarschijnlijk op de ranch zijn, aan het werk met koffiebonen. Ze vindt die lezingen over planten absoluut saai, weet je. Toch wil ze haar groeten overbrengen aan jullie allemaal.''

Uiteindelijk, na een frisse wandeling van ongeveer vijftien minuten, werden hun inspanningen beloond. Daar was ze, op een afstand van minder dan een meter, de manifestatie van een samenhangend struweel van kleine bloemen met oranjeachtige zevenhoekige bloemblaadjes. In weerwil van de grootsheid van een dergelijk natuurlijk wonder was even verderop, alsof het uit de lucht was gekomen, ook het voorkomen van een slanke man zichtbaar gekleed in een indrukwekkend vermiljoen gekleurd kleed. Zijn gezicht was verborgen door een witte sluier gemaakt van een dikke stof. Hij zat daar in een meditatieve houding. Dan, ineens begon het schattige kleine meisje, Jasmine, impulsief luidruchtig te schreeuwen, wat de anderen verschrikt deed opkijken.
“Padre, o padre, ben je het echt?”

~*~*~*~

Het was Jasmine niet opgevallen dat ze haar slippers was verloren terwijl ze enthousiast in de richting van de man huppelde. Eenmaal aangekomen fluisterde de raadselachtige verschijning enkele onverstaanbare woorden in haar linkeroor. Vervolgens zette hij haar liefdevol op zijn schoot voor een lange knuffel.  Terwijl de zes overige deelnemers dit emotionele rendez-vous gebiologeerd gadesloegen, was het de alerte John die de enige was die een enkele onopvallende traan in Ling haar ogen zag glinsteren.
''Hé, miss Bollywood, begrijp jij wat er allemaal gebeurt? En wat te denken van Vodelm, zou hij niet hier moeten zijn?''

Vanzelfsprekend verontwaardigd voor het verstoren van een magische betovering, reageerde Ling met enkele opgewonden woorden:
''Kalm aan, John. Vodelm zal hier zo zijn en ja je hebt gelijk, ik weet wat er zojuist heeft plaatsgevonden, maar wat betreft de details? Ik zal ze later verklaren. Laat die twee, voor nu, alsjeblieft alleen, bespaar ze je bemoeizucht en probeer om al je aandacht te richten op die kleine bloem voor ons. In haar bloemblaadjes ligt een prachtig geheim verborgen.'' Een korte verklaring, en Ling begon de les met het uitdelen van enkele loepen, waarna ze onze vrienden uitnodigde om op hun knieën te gaan zitten, waardoor ze goed in staat zouden zijn om de bloem zorgvuldig te inspecteren.

“Tot nu toe heb ik nog aan niemand verteld waarom deze buitengewone kleine bloem eigenlijk haar mystieke naam bezit. Vandaar mijn vraag, is er iemand in staat om zich voor te stellen waarom ze zo wordt genoemd: ‘Koningin van de woestijn?''’ Zoals verwacht, antwoordde het gezelschap in onwetendheid door het hoofd te schudden. Een collectieve glimlach ontstond, en Ling maakte goed gebruik van de stilte om haar monoloog voort te kunnen zetten.

 ''Haar ware geheim ligt verscholen in de pollenknop. Die is in principe de koningin van de woestijn, grotendeels verantwoordelijk voor de vruchtbaarheid van deze vlakte. Daarom is het absoluut cruciaal dat ze voortdurend wordt voorzien van de toegewijde bescherming van een heel leger van voogden. Deze kleine blaadjes vertegenwoordigen namelijk de rol van ware hoeders. Die soldaten, gekenmerkt door hun afwisselende kleuren, passen zich perfect aan, aan het muzikale ritme van de gerespecteerde godin, Moira, de zon.''

''De dag is nog jong, dus zijn de bewaarders oranjeachtig gekleurd. Vervolgens, kan ik jullie verzekeren, zullen de bloemblaadjes naarmate de dag vordert, als gevolg van het toenemende zonlicht meer en meer roodachtig worden. Bekijk het als een spiritueel fenomeen met betrekking tot de concepten van onderlinge verbondenheid, en eeuwigdurende Eenheid. Maar voordat ik het vergeet, het kan ook voldoening geven om de fluorescerende aderen te onderzoeken die de blaadjes verfraaien. Samen geven ze vorm aan een ingewikkeld netwerk voor de doorvoer van een zeer zoet vocht. Een soort van magische drank die mede wordt genoemd.''

“Ik vermoed dat het niet te moeilijk te doorgronden is dat haar schier oneindig diepe wortels precies zo veel water aantrekken als ze nodig hebben om te overleven. Hoewel, de meeste van de botanici die ik ken ontkennen nog altijd de idee dat het bodemwater van de vlakte, ergens in een specifiek domein binnen de stam, wordt omgezet in een zoete likeur. Hoewel er geen enkel wetenschappelijk bewijs is om deze theorie te ondersteunen, geloof ik gefundeerd dat de ultieme verklaring voor deze levendige kleuren door haar aderen stromen. Immers, op Amadis is een hoge dosis zoetheid gelijkwaardig aan licht. Net als de benamingen voor mede en honing in hun taal overeenkomen met verschillende woorden voor tinten van licht.''

"Mijn geduldige studenten, vergis je niet want Cia ’Kiuna dient om een verscheidenheid van redenen meerdere doelen.  Als een dynamische kracht stroomt de verlichte vloeistof door haar complexe verknoping van aderen. Via een grote omleiding wordt het getransporteerd naar haar essentie, bekend als de pollenknop. Dat is een nauwgezet proces. Maar wanneer het sap zijn eindbestemming heeft bereikt, trekt het heel veel bijen, waarvan sommigen al rondom ons heen zoemen. Nog benieuwd waar de zoete smaak van onze lokale honing vandaan komt?''

Het onderricht werd vervolgens ernstig gehinderd door de opvallende schaduwen van een lange man, die de hand van een klein meisje vasthield. Onze John had de verleiding niet kunnen weerstaan om samen met Jasmine mee op te lopen. Maar onverwacht nam een bekende stem het gesprek over.
''Net als de verfijnde bloemblaadjes van deze indrukwekkende kleine bloem, zal het getal zeven altijd een gelukkig effect inhouden. Wijsheid kan nooit veranderen, omdat de waarheid nimmer kan wankelen. Maar vandaag vormt het ook de onmiskenbare reden voor jullie als prachtige gemeenschap. Ling, trouwe vertegenwoordiger van het Aardse continent Azië èn Rossa Vale, niettegenstaande je verschillende raadsels, veronderstel ik dat je niet bent ingaan op de diepe legende die van nature bij deze kleine creatie hoort?

Ze knikte instemmend. “Neen, Padre, ik hoopte dat u dat zou doen.”

~*~*~*~

De mannelijke gestalte ging plechtig verder:
''Soms, als de rede verloren gaat, zal een wild dier zich losrukken. Jullie moeten weten dat deze wereld vele eeuwen geleden een uiterst moeilijke periode had te overwinnen. Een donkere deken werd over de bodem van beide continenten uitgespreid, die aller ogen tot slaaf der blindheid vermocht te maken. Een kwade keizer met een geschonden hart regeerde met een ongeëvenaarde wreedheid over elk levend wezen, menselijk of niet menselijk. Tot op een dag de gemoedsrust van de meedogenloze heerser die bekend stond onder de duivelse titel; Xelafantri, aanmerkelijk verslechterde. In hem groeide een fundamenteel begrip. De keizer besefte uiteindelijk dat er slechts één ziel was die niet kon worden overwonnen. De machtige spirit van de Cia 'Kiuna was gewoon te ongerept om voor zijn schandelijke slechtheid te vallen.”

''Xelafantri, een afschuwelijk ziel uit een hebzuchtige bloedlijn kon gewoon niet omgaan met de pijnlijke voorbeelden van haar gerechtigheid. Door dit gegeven, overkwam hem enkele jaren later een ongeneeslijke ziekte. Daardoor werd hij blootgesteld aan de onverwachte ervaring van een eenzame en vooral pijnlijke dood. Daarna verbande, volgens de bijna vergeten legendes, een hoge raad van engelen zijn duistere ziel uit het rijk der schaduwen, in een poging om die te laten samensmelten met de zuivere geest van Cia 'Kiuna, een laatste inspanning om een soort van karmische verlossing te actualiseren. In dat opzicht kan de fluorescerende kracht die haar vele aderen verlicht, worden gezien als een alternatieve verklaring voor Xelafantri zijn bloed, verlangend naar vergiffenis.''

Na die laatste verklaring, liet de gesluierde man Jasmine’s hand los, ging op zijn knieën zitten en sloeg zijn armen over elkaar.
"De tijd is gekomen om mijn ware identiteit te onthullen. Ik ben uw geestelijke vader, broeder van de sterren of collega tijdreiziger, afhankelijk van uw voorkeur.''

Een schitterende gestalte, bedeeld met de trillingen van een kalmerende stem tilde de sluier heel letterlijk op. Natuurlijk waren John, Allistar, Amanta en Greya zeer verrast toen een goede vriend plotseling zijn ware persoonlijkheid onthulde. Het onvermijdelijke gebeurde, enkele loepen vielen bijna gelijktijdig op de grond terwijl de vier vrienden dezelfde naam uitriepen: “Kareem!”

terug


XII - Cia ‘Kiuna; queen of the desert, by Martin

 

Blessed by the crimson rays of a new morning sun, a promising gift from Moira, the maternal goddess, our beloved foursome finally arrived at a fairly acclaimed area, renowned by its striking name, the Plains of Honey. The invigorating sense of a balmy breeze seemed perfectly capable of initiating a truly promising occasion. Everybody knew, with butterflies in their stomachs, that a sum of seven differing boxes, all packed with unexpected surprises, would be divided among their presence.

Though, wait a minute, did I just mention; seven boxes? Such a number behooves a similar amount of recipients, is it not? Indeed, our dear friends, during this fabulous prelude on a brand new day, found themselves necessarily accompanied by a sparkling miss Amanta and a little girl with a purple dress who had introduced herself as Jasmine (see: The cavity of an old tree). As to Allistar, she was fortunate enough to be reunited with a close friend, a charming persona gifted with the Terran traits of an Asian girl, simply known as Ling.

However, as we all know, first impressions can be rather fallacious for she had just informed the others about her activities as a much appreciated bus driver at Rossa Vale, also illustrious for her superior knowledge about everything that breathes and grows. She had told the others furthermore about the versatile lifestyle at her beautiful ranch. A tranquil location where she, together with her wife Bernadette, was spending most of her leisure time with the maintenance of their huge coffee plantation.

Above all things, her presence on this place of miracles couldn’t be ascribed to a mere coincidence, considering it was serving a thorough purpose.
‘’No my dear Allistar, Vodelm himself requested me to shed some light on an indigenous flower that can only be found within these plains, a piece of nature with an exceptional name: Cia ‘Kiuna, which means; queen of the desert. Well, frankly, this subject forms the only reason of me being here.’’

After that remarkable announcement, Ana Catharina seemed unsuccessful at suppressing a modest smile, asking Ling about what her spouse was at.
‘’Oh you mean Bernadette? No, she decided to stay at home, she is probably at the ranch as we speak, working the coffee beans. She finds those lectures about plants utterly boring, you know. However, she asked me to convey her greetings to all of you.’’

Eventually, after an enlightening walk with a duration of approximately fifteen minutes, their efforts were finally awarded. There she was, at a distance of less than one meter, the manifestation of a coherent thicket of small flowers with orangish heptagonal petals. Notwithstanding the grandness of such a natural wonder, a little bit up ahead, as if it had emerged out of thin air, there was also the appearance of a slender male wearing an impressive vermillion colored robe. His face was covered by a white veil made out of a thick fabric, and he was sitting in a meditative position. Then, all of a sudden, the cute little girl, Jasmine, truly frightened the others when she impulsively started to scream on top of her lungs:
“Padre, oh padre, is it really you?
Jasmine never noticed losing both her slippers while she enthusiastically frolicked in the man’s direction. Once arrived, the enigmatic appearance whispered some unintelligible words within her left ear. Subsequently to put her lovingly on his lap for a long cuddle. Whereas the six remaining participants were beholding this emotional rendezvous quite mesmerized, a vigilant John appeared to be the only one to notice some unobtrusive tears blinking within Ling her eyes.
‘’Hey, miss Bollywood, do you understand what just happened? And what about Vodelm, shouldn’t he be up here?’’

Obviously indignant for disrupting a magic spell, Ling responded with some agitated words:
‘’Calm down, John. Vodelm will be here in a sec and yes you’re right, I know what just occurred, but regarding details? I’ll explain them later. Please, for now, leave those two alone, save them your meddling and try to focus all of your attention on that little flower in front of us. There is a magnificent secret encrypted within her petals.’’ A brief proclamation, and Ling commenced the lesson by handing out some magnifying glasses, after which inviting our friends to sit on their knees, thus being able to inspect the flower meticulously.

‘’This extraordinary floweret, hitherto I haven’t told any of you why she actually possesses her mystical name. Hence the question, is there any soul able to imagine why she is being called; queen of the desert?’’ As expected, the companions answered in ignorance by shaking their heads. A collective smile arose, and Ling made good use of the opportunity to continue her monologue.

‘’Her true secret hides within its pollen button for she is basically the desert’s queen, largely responsible for the fecundity of these plains. Therefore it is absolutely crucial that she is constantly provided with the devoted protection of a whole army of guardians. You see, those small leaves represent their roles as true preservers. Those soldiers, characterized by their alternating colors, are flawlessly adapting to the musical rhythm of Moira, the Sun, a well respected goddess.’’

‘’The day, she is still young, accordingly the preservers are colored orangish. Therefore, let me assure you, as the day progresses, the petals will become more and more erubescent, due to the increasing sunlight. View it as a spiritual phenomenon with regard to the concept of interconnectedness, as well as eternal Oneness. But before I forget, it may also be beneficial to examine those fluorescing veins decorating the little leaves. Together they are shaping a complicated network for the transit of a very sweet juice. Some sort of magical liquor; it is called mede.’’

‘’I surmise it’s not too hard to fathom that her infinitesimal roots are drawing just as much water as they need for survival. Though, most of the botanists that I know are always denying the idea of plain soil water being transmuted into a sweet liquor, somewhere within a specific area inside the stem. Although, there is no scientific proof to support this theory, I consciously believe it forms the ultimate explanation for those vibrant colors flowing through her veins. After all, on Amadis, a high dose of sweetness is equivalent to light. Just like the denomination mede and honey in Amadis her language are corresponding to different words for shades of light.’’

‘’My patient students, do not be mistaken for Cia ‘Kiuna is serving several purposes for a variety of reasons. A lively force, the enlightened liquor is running through her complex reticulation of veins. By means of a grand detour it is being transported to her quintessence, generally known as the pollen button. A meticulous process. But, when the juice has reached its final destination, it attracts lots of bees, some of whom are already buzzing around us. Still curious where the sweet taste of the local honey is coming from?’’

The teachings were then severely hindered by the striking shadows of a tall man, holding the hand of the little girl. Our John Doe had felt the urge to join the party, with Jasmine on his side. Suddenly, a familiar voice took over the conversation.
‘’Same as the sophisticated petals of this impressive little flower, the number seven shall always remain a fortunate power. Wisdom may never alter since the truth just cannot falter. Yet today, it also shapes the unmistakable reason for you, this wonderful congregation. Ling, loyal representative of the Terran continent Asia, as well as of Rossa Vale, despite your divergent enigmas, I suppose you didn’t elaborate on the profound legend that naturally belongs to this small creation?

She nodded approvingly. ‘’Nay padre, I was hoping you would.’’

~*~*~*~

The masculine stature continued solemnly:
 ‘’Sometimes when reason gets lost, a wild animal shall be unleashed. You should know, many centuries ago this world had to surmount an extremely arduous epoch. A dark blanket was being spread over the soils of both continents, enslaving all eyes to utter blindness. An evil emperor with a corrupted heart reigned with unrivalled ferocity over every sentient being, human or non-human,. Until one day, the peace of mind of the relentless ruler, known under the diabolical title: Xelafantri, deteriorated when a painstaking awareness began to grow inside him. The emperor ultimately realized there was solely one soul that couldn’t be conquered. The mighty spirit of the Cia ‘Kiuna was simply too pristine to fall for his disgraceful wickedness.’’

‘’Xelafantri, a nefarious soul from a greedy bloodline just couldn’t cope with the sore examples of her righteousness. Just because of this given, some years later, an incurable disease befell him. Consequently, he got subjugated to the unexpected experience of a solitary and most especially, agonizing death. Thereafter, according to the almost forgotten legends, a high council of angels banished his obscure soul from the realms of shadows, in an attempt to fuse it with the pure spirit of Cia ‘Kiuna, a final exertion to actualize some sort of karmic redemption. In that respect, the fluorescing force that enlightens her many veins can be seen as an alternative explanation for Xelafantri his blood, yearning for forgiveness.’’

After that final statement, the veiled man let go of Jasmine’s hand, went down on his knees and crossed his arms.
“The time has come to reveal my true identity. Here is your spiritual father, brother from the stars or fellow time traveler, depending on thy preference.’’

A marvelous figure, endowed with the vibrations of a soothing voice lifted the veil quite literally. By all means, John, Allistar, Amanta, as well as Greya were very surprised when a close companion had suddenly exposed his real personality. The inevitable happened, a few magnifying glasses touched the ground at a time when four friends were cheering the same name, almost simultaneously: “Kareem!”

back


XIII - Liefde en harmonie, door Mara

 

Kun je je voorstellen dat ik dolblij was om eindelijk de prachtige gestalte van Kareem terug te zien? Ik rende naar hem toe en omhelsde hem ogenblikkelijk beestachtig. Ik kon niet begrijpen dat ik hem niet op voorhand had herkend, maar de manier waarop hij was gekleed en met die sluier, dat zou toch echt onmogelijk zijn geweest. Maar toen realiseerde ik me dat Ling en Jasmine hem wel hadden herkend en daar schaamde ik me voor. Maar hoe had ik hem hier ook kunnen verwachten, op een wonderlijke plek als deze op een planeet, waar ik in dit leven niet eerder was geweest en op een missie waarvan ik niet had kennen vermoeden dat hij daar ook deel van zou kunnen uitmaken? Uiteraard was het miss Armodac geweest die hem hierheen had gestuurd, waarschijnlijk om John en Allistar de boodschap te brengen die zij moesten leren. En kon er daarvoor een betere plek zijn dan de legendarische Honingvlakte?

Aan de andere kant kon ik het niet helpen om een vlaag van jaloezie te voelen, want was het niet zo dat de laatste keer dat ik hem zag hij me had gevraagd om met hem te trouwen? Achteraf, terwijl ik over zijn gestoei met het Avgusta meisje in Brussel nadacht en nu weer zijn rendez-vous met Jasmine, èn dat hij niet in de eerste plaats naar mij, als zijn toekomstige bruid, was toegekomen, dit alles maakte me onzeker en ik vroeg me af of deze man, met zijn prachtige charisma niets anders dan een rokkenjager zou kunnen zijn.

"Sorry, Greya." Kareem verontschuldigde zich min of meer nadat we elkaar hartstochtelijk hadden gekust, " vanwege het niet vertellen dat ik het was, maar het was nodig in verband met de coaching van alle aanwezigen. Ik zal daar later op terugkomen..."
 
Precies op dat moment arriveerde Vodelm. Hij drong er op aan ons allemaal om hem heen te verzamelen en aandachtig te luisteren.
"Mijn beste medereizigers." Hij begon zijn toespraak heel bedaard. "Vandaag is het een bijzondere dag. Je hebt Ling gehoord die jullie informeerde over onze koningin van de woestijn, Cia 'Kiuna. Waarschijnlijk heb je je afgevraagd waarom ze zo genoemd wordt omdat als jein het rond kijkt, bestaat alles wat je kunt zien uit een zeer groene vegetatie. Veel Cia 'Kiuna planten, veel bijenkorven, en afgezien van de steile helling naar de Mesa zijn er geen hoogteverschillen van betekenis, om maar niet te spreken van zandduinen. Ik kan je je bijna horen afvragen: 'waar is dan die woestijn?’ Inderdaad dat soort dingen bestaan hier niet; op het eerste gezicht kan deze vlakte beslist geen woestijn worden genoemd."

Vodelm pauzeerde even om ons allemaal de gelegenheid te geven om rond te kijken. Daarna vervolgde hij.
"Omdat de Honingvlakte, vanwege de hoogte, boomloos is en er zelden neerslag valt, zijn er geen rivieren. De planten en bloemen die hier groeien worden over het algemeen gevoed door de dauw van de vroege ochtend. Wat ze niet nodig hebben gaat rechtstreeks, via hun wortels de grond in. Cia 'Kiuna daarentegen, zoals jullie terecht werd getoond, ontvangt haar water uit het daardoor alom tegenwoordige grondwater, die door alle andere planten op de vlakte wordt gevoed. Een verder kurkdroge vlakte met een rijke ondergrond; inderdaad een woestijn en nogal een bijzonder ecosysteem! En als je de honing en de mede, die door de bijen worden geoogst in aanmerking neemt, is het buitengewoon fascinerend wat er zich hier dagelijks afspeelt."

"Tegenwoordig hebben we onze zwevers om ons mee omhoog te nemen. Toen je door een ervan naar deze plaats werd gebracht, zagen jullie dat het leek alsof de helling steeds hoger oprees, maar zonder enige moeite zijn we hier allemaal afgezet. Vroeger liepen de mensen omhoog. Maar op een plek als deze, waar de energetische, magnetische en spirituele krachten overuren maken, is zelfs dat van weinig belang. Eens, tijdens mijn eigen training, maakte ikzelf de reis te voet. In slechts een paar uur was ik boven. En als je hier bent, reikt de vlakte naar je en geeft je de indruk dat de horizon is verdwenen. Het overspoelt je, omarmt je, lijkt je te knuffelen in grootse liefdevolle armen. De vlakten zijn bezaaid met Cia 'Kiuna, met vele andere bloemen, salie en heide in alle mogelijke kleuren en varianten. Maar inderdaad, geen woestijn; hoewel de ecologische eenheid wel op die manier werkt." Nog een pauze, dit keer veel langer, maar toen we dachten dat er niets meer zou komen, ging Vodelm verder.

"Het was niet ver van hier, en nu ga ik jullie een heel persoonlijk verhaal vertellen, dat ik, te midden van de zoemende bijen, dit schitterende wezen ontmoette die mij vertelde over de missie die mij spoedig zou worden toegewezen. Laat het de opmaat zijn voor alles waarvoor jullie hierheen zijn gekomen. Om iets over eenheid te leren, over het leven in harmonie en je houding ten opzichte van andere levende wezens, menselijk of niet-menselijk."
"Lang geleden, ongeveer driehonderd aardse jaren geleden, was ik nog een jongeman. Ik ging in de schaduw van een Cia 'Kiuna struik zitten, omgeven door salie. De bijen zoemden en om mij heen waren een aantal bijenkasten zichtbaar waar de werkers hun nectar verzamelden, waar de koninginnen worden grootgebracht, en waar de darren alles plegen op te slaan. Op de vlakte, bijna 12.000 km2 groot, zijn geen gebouwen. De vlakte is voor de bijen. Elke dag worden de imkers op hun zwevers ingevlogen, om hun werk, met instemming van de bijen, te doen en in de avond terug te keren. Op deze manier blijft de Honingvlakte vervuld van harmonie, liefde en vrede die je overvloedig om je heen kunt voelen zinderen. Door dit alles word je, terwijl je hier bent, verzadigd door de warmte, liefde en vrede van dit schijnbaar eindeloze gebied."
"Ik viel bijna in slaap, maar plotseling hoorde ik een stem in mijn hoofd. Dat was niet heel ongewoon, omdat ons ras deels telepathisch is. Maar deze stem had een heel bijzonder timbre en kwaliteit. Opeens was ik klaarwakker."

            “Goedendag, Vodelm,’ zei de melodieuze alt stem. ‘Mijn naam is Cia 'Kiuna, en omdat ik weet dat deze woorden in jouw taal: 'koningin van de woestijn’ betekenen, verzeker ik je dat ik je niet zonder een koninklijk geschenk zal achterlaten. Binnenkort zul je worden overgebracht naar de planeet genaamd Terra. Je zult ontdekken dat die wereld anders is georganiseerd dan Amadis, in die zin dat het is verdeeld in een groot aantal staten, provincies, lokale gemeenschappen en zelfs stammen. Je zult deel van die samenleving gaan uitmaken, Vodelm, en op die manier leer je de kwaliteit van het leven op aarde begrijpen. Deze mensen moeten leven met andere keuzes dan de jouwe. Het is dus duidelijk dat ze zich op een andere manier dan wat je gewend bent ontwikkeld hebben.”
“Deze mensen zijn niet beter of slechter dan jij. Deze mensen zijn verschillend, ook al vanwege de ongelijke omstandigheden waarin ze moeten leven. Je zult leren dat er, zelfs op Terra, een heleboel zielen zijn die het licht dragen, maar ze hebben behoefte aan begeleiding, zodat ze in staat zullen zijn om de duistere krachten op een zodanige wijze te beïnvloeden, dat het voor hen mogelijk zal zijn om hun nieuwe wereld te creëren. Een wereld van vrede, een wereld van welvaren, een wereld van liefde en harmonie. En dat is waar jij en anderen te hulp zullen schieten. Je zult bewustwording, spiritualiteit, hoop en liefde verspreiden. Maar boven alles zul je moeten proberen, door middel van psychologische invloed op hun leiders, zonder je te bemoeien met hun door God gegeven vrije wil - de loop van hun politiek te veranderen zodat zij een middel kunnen creëren om opnieuw in harmonie te leven. En dat is mijn geschenk aan jou Vodelm, de mogelijkheid om precies dàt te doen."

Vodelm zweeg en we durfden niets te zeggen. Zelfs John bleef rustig, wat werkelijk heilzaam was. Tenslotte nam Kareem het woord en zei:
"Vanaf nu zullen we ons opsplitsen. Er zullen twee groepen zijn met ieder hun eigen missie. Jasmine, Ling en Amanta, jullie blijven bij Vodelm. Jullie zullen op zoek gaan naar raadgeving op de plek waarnaar hij jullie zal begeleiden. John, Allistar, Ana en Greya, kom alsjeblieft met mij mee. We zullen een poosje op zoek gaan naar een andere plaats om te ervaren wat er zal plaatsvinden. En jij, Greya, wil je dan zo vriendelijk zijn om alles wat er gaat gebeuren op te nemen om later aan Armodac en Mathilde te rapporteren?

Ik knikte. Was er echter niet zo zeker van dat alles zou gebeuren zoals de bijna altijd vrolijke en positieve Kareem suggereerde. Maar voor nu was ik bereid om mijn ongemakkelijke gedachten op de achtergrond te plaatsen en te doen alsof alles zo goed was als voordat Kareem zo plotseling was opgedoken. Maar hij leek mijn twijfels niet op te merken en ging verder na het erkennen van mijn knikje.
"Op dit punt en voordat we uit elkaar gaan wil ik graag de Terraanse filosoof Omraam Mikhaël Aïvanhov citeren die werd geboren in wat tegenwoordig Macedonië is.”
Vanaf een briefje dat hij uit zij zak haalde las hij:

"De menselijke ziel is een minuscuul deeltje van de universele Ziel, en ze voelt zich beperkt, benauwd in het fysieke lichaam, dat het haar grootste verlangen is zich in de ruimte te ontvouwen om erin op te gaan. Het is dan ook een vergissing te geloven, zoals men meestal doet, dat de ziel zich volledig in de mens bevindt. In werkelijkheid bevindt zich slechts een klein stukje van zijn ziel in hem, het overgrote deel leidt een zelfstandig leven in de kosmische oceaan.”
“Het is belangrijk een juist begrip te hebben van de aard van dit spirituele principe dat men de ziel noemt en haar activiteiten. Niet alleen blijft zij niet opgesloten in het fysieke lichaam, maar zij strekt zich veel verder uit, en terwijl ze voortgaat met het fysieke lichaam te bezielen, is ze tegelijkertijd op reis om de verst verwijderde regionen van de ruimte, en de entiteiten die daar wonen, te bezoeken. Bedenk dus dat onze ziel in ruime mate overtreft wat we ons van haar kunnen voorstellen. Omdat zij deel uitmaakt van de universele Ziel, tracht zij zich in de ruimte te ontplooien, en hunkert zij naar de onmetelijkheid, de oneindigheid."

“Probeer alsjeblieft, en dit is van toepassing op ons allen, om dit in gedachten te houden, mensen. En nu, laten we gaan….

retour


 

XIII - Love and harmony, by Mara

 

Can you imagine I was overjoyed to behold at last the magnificent stature of Kareem? I ran to him and hugged him ferociously then and there. I couldn’t understand how it was that I didn’t recognize him beforehand but then, the way he was clad and with the veil, it would indeed have been impossible. But then, I realized, Ling and Jasmine did identify him and I felt ashamed about it. But how could I have expected him here, in a wondrous place like this on a planet I had not seen during this lifetime on a mission I could not have imagined that he would have been part of as well. Obviously it was the work of miss Armodac to send him over here, probably to teach John and Allistar the message that had to be taught to them. And could a better place for that be somewhere else than the legendary Plains of Honey?

On the other hand, I couldn’t help to feel a fit of jealousy, because wasn’t is so that last time I saw him he asked me to marry him? On retrospect and thinking about his frolicking with the Avgusta girl in Brussels and now his close rendez-vous  with Jasmine and his not coming to me as his future bride in the first place, all this made me uncertain and I was wondering if this man, with his magnificent charisma wouldn’t anything be than a womanizer.
“Sorry, Greya,” Kareem sort of apologized after we had kissed each other passionately, “for not telling you I was around, but it was necessary for the coaching process of all present. I will come to that later...”

Just then Vodelm arrived. He urged us all to gather around him and to listen carefully.
            “My dear fellow travelers”, his speech began in a composed way. “Today is a very special day. You have heard Ling explaining about our queen of the desert, Cia ‘Kiuna. Probably you ask yourself why it is called so because when you look around, all you can see a very green vegetation. Many Cia ‘Kiuna plants, a lot of beehives, and apart from the steep slope to the mesa, no height differences to speak of, not to speak of any sand dunes. I can almost hear you wondering: ‘where’s that desert?’ Indeed things like that do not exist here; at first sight these plains cannot be called a desert.”

Vodelm paused a short while to give us all the opportunity to look around. Then he continued.
            “Because the Plains of Honey are, because of its elevation, treeless and precipitation seldom falls, there are no rivers. The plants and flowers that grow here are generally fed by the dews of the early morning. What they do not need goes directly, through their roots, into the ground. Cia ’Kiuna on the other hand, as you have been rightfully told, receives her water from the therefore all present groundwater, provided for by all the other plants on the plains. An otherwise bone-dry plain with rich subsoil; a desert indeed and a quite remarkable ecosystem! And if you consider the honey and the mede which is being harvested by the bees, it is still even more fascinating what is happening here on a daily basis.”

“Nowadays our floaters are here to take us aloft. When you came to this place by means of one of them, you all were able to see the incline growing higher and higher, but with no effort whatsoever  we all were put off right here. The Old ones used to walk. But in a place like this, where energetic, magnetic and spiritual forces are working overtime, even that is of little importance. Once, during my own training, I made the trip on foot myself. In just a few hours I was above. And when you are here, the plains are reaching out to you and gives you the appearance that the horizon has disappeared. It engulfs you, embraces you, seems to cuddles you in grand loving arms. The plains are speckled with Cia ‘Kiuna, many other flowers, sage and heath in all possible colours and variations. But indeed, no desert, although its ecological unit works thusly. “ Another pause, this time much longer and when we thought there was nothing more to come, Vodelm continued.

“It was not far from here, and now I am going to tell you a very personal tale that, amongst the buzzing bees, I met this grand lustrous being who told me about the mission I would soon be assigned to. It will be the prelude to focus on what you all came here for. To learn something about oneness, about living in harmony and your attitude towards other living beings, human or non-human.”
“Way back in time, about three hundred earth years ago, I was still a very young man. I lay down in the shadow of a Cia ‘Kiuna shrub, surrounded by sage. The bees were buzzing and in a few spots I could see the hives where the workers collect their nectar, where the queens are raised, and where the drones see to the storage. On the plains, for almost 12.000 km2 there are no buildings at all. The plains are for the bees. Every day the beekeepers are flown in on their floaters, to do their work with the consent of the bees, and return in the evening. In this way the Plains of Honey remain fulfilled with harmony, love and peace that you can feel vibrating superfluously around you. Subsequently, while being here, one is saturated with the warmth, love and peace of this seemingly endless realm.”

“I nearly fell asleep but suddenly I heard a voice in my head. That would be something not too unfamiliar because our race is partially telepathic. But this time the voice had a very special timbre and quality. Suddenly I was wide-awake.”

"Good day, Vodelm," the melodious contralto voice said. “My name is Cia ‘Kiuna, and while I know that these words in your language mean: 'queen of the desert,' I assure you that I will not leave you deserted. Soon you will be transferred to the planet called Terra. You will discover that that world is truly organized differently than Amadis in the sense that it is divided into a great number of states, provinces, local communities and even tribes. You will be part of that society, Vodelm, and in that way you will learn to understand the quality of life on earth. These people have to live with different choices than yours. Thus it is apparent that they developed in a different way than that which you are accustomed to.”
"These people are not better nor worse than you are. These people are different, also because of the dissimilar circumstances they have to live with. You will learn that, even on Terra, there are a lot of souls that carry the light, but they are in need of guidance so that they will be able to influence the dark forces in such a way that it will be possible for them to create their new world. A world of peace. A world of prospering. A world of love and harmony. And that is where you and others come in. You will have to spread awareness, spirituality, hope and love. Above all you will have to try, by means of psychological influence of their leaders - without interfering with their God-given free will - alter the course of their politics in order to create a means for them to live together in harmony again. And that is my gift to you Vodelm, the ability to do just that."

Vodelm fell silent and we didn’t dare to break it. Even John kept quiet, which indeed was a treat. Finally Kareem took the floor and said:
            “From now on we will have to split up. There will be two groups with a different mission. Jasmine, Ling and Amanta, you will stay with Vodelm. You will be looking for council at the spot he will guide you to. John, Allistar, Ana and Greya, please come with me. We will be walking for awhile, look for another place and let’s see what is going to happen. And you, Greya, would you please be so kind as to record all that will transpire there and later on to report to Armodac and Mathilde?

I nodded. Wasn’t so sure though, if all would happen just as the almost always happy and positive Kareem was suggesting. But for now I was prepared to put my uneasy mind in the background and act as if all was as well as before Kareem had surfaced so suddenly. But he seemed not to notice my doubts and went on after not so much as acknowledging my nod.
            “At this point and before we split up I would like to paraphrase the Terran philosopher  Omraam Mikhaël Aïvanhov, who was born in what is today Macedonia.”
From a small paper he took out of his pocket he read:

"The human soul is a tiny part of the universal Soul, and she feels so limited, so cramped in the physical body, that her greatest desire is to unfold herself to become part of space. It is a mistake to believe, as one usually does, that the soul is completely seated within man. In reality there is only a small piece of his soul in him, the biggest part leading an independent life in the cosmic ocean.
It is important to have a correct understanding of the nature of this spiritual principle which is called soul, and her activities. Not only it does not stay locked up in the physical body, but extends much further, and while she continues to animate the physical body, she is simultaneously traveling to the most distant regions of the cosmos, to visit the entities that live there. Just so, remember that our soul largely surpasses in which way we can imagine her. Because it forms part of the Universal Soul, it is seeking to develop in space, and craves immensity, infinity."

“Please try, and this is valid for all of us, to keep this in mind, people. And now, off we go….

back


XIV - Ontkurk de champagne, door Martin en Mara

De daaropvolgende ogenblikken, kortstondig als ze leken, werd het allemaal zorgvuldig op mijn retina vereeuwigd. We bevonden ons, zwevend boven een marktplein waar niemand ons werkelijk scheen op te merken, omdat het merendeel van de kooplieden druk doende waren met het uitstallen van hun handelswaar. Het was een dag vol beloften, en iedereen van onze groep voelde zich onlosmakelijk verbonden met het toch wel indrukwekkende schouwspel dat zich beneden onze zoekende zielen leek af te spelen. Eigenlijk is het best wel komisch want nu ik, Kareem van Altaïr, terugblik naar dit tijdsloze moment, herinner ik mij eens te meer een treffende overeenkomst, waarbij één collectieve overweging de boventoon voert.

We vergeleken ons allemaal met onmisbare elementen, op reis in een etherische wereld. De verbintenis met het ogenblik stond ons dan ook toe te fungeren als vijf schitterende parels, aaneengeregen aan het meest exclusieve halssnoer dat men zich maar bedenken kan. Samen vormden onze zielen dit wonderbaarlijke kleinood, rondom een prachtige Cia‘Kiuna plant dat geleidelijk haar binnenste onthult, naargelang het ritme van Moira de Zon. Een imaginair doch levend mirakel.

En toch, beste lezers, om alvast een tipje van de sluier op te lichten, kan ik u met een gerust hart vermelden dat het avontuur zeker niet zal eindigen met slechts een filosofische voorstelling, hoe mooi ze misschien ook is. Niettegenstaande de grootsheid van het hele fenomeen merkten we na een korte zoektocht, dat het tijd was om een andere richting te kiezen. Op een bepaald niveau, zo wisten we, moest er een keuze worden gemaakt. Woorden waren niet noodzakelijk, aangezien onze harten reeds waren geïnstrueerd door diezelfde meesters die in staat zijn te spreken tot ieders intuïtie. Iets dat zich laat herkennen als een ouderlijke liefde, latent aanwezig maar altijd beschikbaar voor alle zielen die niet bang zijn om simpelweg te vragen. En zo kwam het, dat we al na een poosje duidelijk wisten dat we ons moesten laten leiden, zonder verdere vragen te stellen over het ‘waarom’.

Het bleek een perfecte samenwerking tussen het subjectieve rationele brein, en de neutrale, maar altijd liefdevolle ervaringen van het hart. Want na een schijnbaar korte voortzetting van onze persoonlijke droomvlucht, over weelderige heuveltoppen, diepe valleien en pittoreske dorpjes, werd ik terstond herenigd met een oude vriendin, Muriel. Een lange, tengere schoonheid van de Plejaden met kraakhelderwit haar, bijna vergelijkbaar met één van die serene pieken van de Terraanse Himalaya. Met haar grote zeeblauwe ogen stond ze geduldig te wachten op het pleintje waar wij, als vreemdelingen, zojuist waren beland. Een detail wat voor deze krachtige persoonlijkheid, na een vlugge blik te hebben geworpen op haar altijd kalme voorkomen, zeker geen mysterie hoefde te zijn. Hoewel, de aanwezigheid van nog twee andere zielen aan haar zijde, schetste in dit stadium in ieder geval wél de diepste verbazing van vijf schijnbaar verdwaalde avonturiers, dolend in een spirituele wereld.

Bescheiden als altijd stond Muriel aan haar rechterzijde, Ling, onze lieve vriendin. Zichtbaar geamuseerd schonk ze ons haar betoverende glimlach. Dat, terwijl vanachter Muriel’s linkerschouder stilletjes een enigszins mollige, maar lieftallige verschijning met rood krullend haar, en een bijpassende chique oranje rok te voorschijn kwam. Het bleek Bernadette te zijn, Ling haar gewaardeerde partner. En hoe betoverend was het werkelijk om te mogen zien dat ze allen de zegening hadden ontvangen van een diepgaande eenvoud, in de vorm van een drietal specifieke aura’s.

Zowel een krachtige groene straal, in alle opzichten masculien, als de roze vertederende straal der vrouwelijkheid, manifesteerden zich flamboyant om de toch al mooie gestalten van drie zeer bijzondere dames. Vervolgens, als kers op de kosmische taart, creëerde de violette straal van eeuwige wijsheid, van origine androgyn, een nog meer genuanceerde ambiance. Uiteraard zal de doorgewinterde lezer hier vrijwel moeiteloos de link weten te leggen met de oneindige etherische energieën van Eppach, Hemmach en niet te vergeten Hannach; ofschoon de essentie van een innerlijke zon, Moira.

Desalniettemin, na een warme begroeting was het toch Muriel die zich geroepen voelde om als eerste het woord te nemen. Zoals gebruikelijk begon ze de conversatie met één van haar fameuze gedichten:

"Vanuit mijn hart presenteer ik U de Zon,
Het Universum en al haar Manen, 
Een herinnering aan zoveel pracht, 
Uw hart, ze leeft nu zonder tranen, 
Immers, zij bezit de basis van al haar kracht.’’

Na het presenteren van dit bondig, maar zeker noemenswaardig staaltje poëzie, zouden onze blikken elkaar nog eenmaal kruisen. Met één van haar lange slanke vingers wees Muriel, een beetje raadselachtig, naar de hoge heuveltoppen, gelegen in het verre Zuiden. We zwegen, maar erkenden het unaniem als het ultieme startsein. Klaarblijkelijk kon ook dit sfeervolle pleintje, ergens in het centrum van een minuscuul gehucht, niet de bestemming zijn waar onze zielen onderbewust zo innig naar verlangden. Slechts één raadsel bleek zowaar te zijn opgelost. De tijd was gekomen, het was tijd om te vertrekken. En zo geschiedde.

~*~*~*~

Een nieuwe episode was in al haar glorie geboren en wederom werden onze ogen blootgesteld aan een onwerkelijke hoeveelheid pracht en praal. Korenvelden met een adembenemende gouden gloed schetsten, samen met een oneindige verscheidenheid aan inheemse planten en kruiden, een ongekend levendig schilderij, of op zijn minst een surreëel kleurenspectrum. Opnieuw voelden onze harten duidelijk de tedere samensmelting met een alomvattende passage. Wellicht laat het zich raden, de betovering van het huidige moment was een deugd die wat ons betreft eeuwig mocht duren. Maar toch, na het verstrijken van vele vreugdevolle seconden, zou ook deze tweede georganiseerde zielentocht een slotakkoord moeten bereiken. De landing zou voor de laatste maal worden ingezet.

Ineens bevonden we ons bij het volgende miraculeuze schouwspel. Ditmaal een fenomeen wat mijn pen niet anders zou kunnen beschrijven dan de schoonheid van een goed onderhouden, botanische tuin. Te midden van een groots labyrint bestaand uit perfect getrimde beukenhagen, plantsoenen vol met pastelkleurige rozen, en grasvelden die nog wel het meeste deden denken aan een smetteloos biljartlaken, gunde ons derde oog ons een niet te versmaden inkijk binnen een ongerepte dimensie van waarachtige zuiverheid. Een legioen van boselven, en tal van andere natuurwezens wezen ons graag de weg richting een enorm paleis, gesitueerd ergens voorbij een grote fontein. Aanstonds werd het duidelijk dat we daar moesten zijn.

Na het trotseren van het smalle grindpaadje, wat vanwege de verzengende hitte van de middagzon best wel een aardige opgave bleek te zijn, waren we er zonder al teveel zorgen toch redelijk in geslaagd om de hoofdingang te bereiken. Terwijl we gedurende onze wandeling, door meerdere brede gangen, de vele statige schilderijen aan de hoge marmeren muren observeerden, werden we geleidelijk naar de balzaal begeleid. Eens daar, was de eer volledig aan mij, om de twee schijnbaar reusachtige deuren, die zich inmiddels vlak voor mijn neus bevonden, te openen. Ik trachtte de klink, zonder al teveel haast te maken, te openen, maar toen…

... waren we plots het daverende middelpunt van een blijmoedige reünie. Mathilde, miss Armodac en Vodelm, om er maar eens een paar te noemen, allen waren aanwezig in de feestelijk gedecoreerde zaal. De champagne vloeide rijkelijk, en terwijl ook wij ons naar hartenlust tegoed deden aan dit feestelijke elixer, werden we door Muriel al spoedig bijgepraat. Allereerst drukte ze ons op het hart dat tijd en ruimte levensecht lijken doch van nature volkomen illusionaire concepten zijn, waardoor dit resolute samenzijn in alle opzichten een reële mogelijkheid zou betekenen. Onze innerlijke wezens echter, had dit feit natuurlijk allang gehonoreerd.

~*~*~*~

Twee onafhankelijke auteurs hadden eindelijk besloten dat een lang verhaal een gepaste finale diende te bereiken. Alle deelnemers waren, zonder uitzondering, op buitengewone wijze geslaagd voor een groot aantal testen, die eens voor ze lagen. Derhalve zouden we ons nimmer mogen beklagen over hetgeen we de afgelopen maanden hadden mogen leren. Het kon weleens duiden op vitale kennis, ofwel een vreugde resonerend met menig mensenhart. Louter om die reden besloten wij ogenblikkelijk dat het tijd was om het feest in te gaan wijden met een variëteit aan sprankelend vuurwerk. Zelfs een overdaad aan champagne leek ons op dit punt meer dan gerechtvaardigd. Unieke momenten laten dit immers altijd toe.

Verblind door een nieuw ochtendgloren, een zonlicht dat bescheiden door de dunne vitrage van onze hotelsuite scheen, werd ik op opdringerige wijze herinnerd aan de festiviteiten van de vorige avond. De champagne, op dit moment was het niet bepaald aanlokkelijk, en ik had werkelijk moeite om mijn ogen te laten wennen aan het jonge daglicht. Daar was ik dan, Martin Pleiades, op vakantie in Zuid Spanje, in gezelschap van Mara Oldenburg, om eventuele ideeën met betrekking tot ons vervolgverhaal, in alle rust uit te kunnen werken. Vanuit mijn ooghoeken observeerde ik, zij het als een boer met kiespijn, de zeer aanstekelijke glimlach van een dame die duidelijk geamuseerd leek, voornamelijk vanwege mijn stommiteit van de vorige avond. Vandaag zouden we richting het strand gaan, om ons op gepaste wijze te identificeren met de grootsheid, en de mooie azuurblauwe golven van de Atlantische Oceaan.

Niettemin, wanneer ik zag dat Mara aandachtig een aantal handdoeken aan het opvouwen was voor een geslaagde middag, met als overheersend thema zonnebrandcrème, verraadden haar ogen, de spiegels van de ziel, dat ook háár geest afwist van mijn meest recente droom. Vervolgens keek ze me aan, en zei slechts; ‘’Ja mijn beste Martin, zo gaan we het doen, lijkt me een goed plan!’’

En met deze terugblik, geachte lezer, is ook voor Mara en mijzelf definitief de tijd aangebroken om het lange relaas af te gaan sluiten. Eens met champagne begonnen, en zo ook op een passende manier beëindigd. Wij hopen, dat zowel onze personages als de verdere uiteenlopende gedachtevormen u hebben mogen inspireren tot aan de diepste diepten van uw ziel. Wij sluiten het gordijn, en wensen u vanuit ons gehele wezen voor altijd het allerbeste.

Zodoende, beste lezer, zijn wij aan het slot gekomen van een gezamenlijke inspanning, een exceptioneel wisselverhaal. Vanuit ons hart danken we u allen oprecht voor het lezen van onze veelzijdige avonturen, zonder meteen in slaap te vallen. En als zodanig zullen onze zielen de uwe altijd groeten. Namasté. 

EINDE

terug


XIV - Uncork the champagne, by Martin and Mara

The subsequent moments, transient as they appeared, it was all gingerly eternalized upon my retina. We found ourselves soaring above a marketplace where truly no one seemed to notice our presence, considering that most of the merchants were already in the throes of unpacking their commodities. It was a day full of promises, as everyone of our group felt inextricably connected with the fairly impressive scene, playing out right beneath our searching souls. And actually, it’s quite funny because when I, Kareem of Altair, relive this timeless occasion, I once again remember a striking similarity of which one shared consideration obviously prevailed.

 We all compared ourselves with indispensable elements, travelling in an ethereal world. As such, the connection with the moment allowed us to function like five beautiful pearls, strung together to the most exclusive necklace one will ever be able to imagine. Collectively, our souls were shaping this wonderful trinket, around a glamorous Cia‘Kiuna flower that gradually reveals her interior, in accordance to the rhythm of Moira the Sun. An imaginary though living miracle.

And yet, dear readers, just to lift a corner of the veil, I am confident to announce that the adventure certainly will not end with just a philosophical notion, attractive as it may be. Notwithstanding the grandness of the whole phenomenon, we noticed after a short quest, that it was time to choose another direction. On a certain level, so we knew, we had to make a decision. Words were not necessary, since our hearts were already instructed by the same masters who are capable of speaking to everybody’s intuition. Something one may recognize as parental love, latently present but always available to all souls not afraid to simply ask. And so it came about that after a short while we knew that some guidance would be needed, without further questioning the ‘why.’

It turned out to be a perfect collaboration between the subjective rational brain, and the neutral one, but at all times loving sensations of the heart. Because, after a seemingly short continuation of our personal dream flights over splendid hilltops, deep valleys and picturesque villages, I got instantly reunited with an old friend: Muriel. A tall, slender beauty from the Pleiades with crisp white hair, almost identical to one of those serene summits of the Terran Himalaya range. With her large sea blue eyes she stood on the square where we, as strangers, had just landed and where she patiently had waited for us to show up. A detail which for this strong personality, after a quick glance at her calm composure, surely did not have to be a mystery. Nevertheless, the presence of two more souls at her side, did at this stage appeal to the deepest imagination of those five seemingly lost adventurers, wandering in a spiritual world.

Modest as ever, at Muriel her left side stood our dear friend: Ling. Clearly amused she granted us her enchanting smile. Whereas from behind Muriel’s right shoulder unhurriedly emerged a somewhat chubby, yet lovely appearance with red curly hair, and a matching elegant orange skirt. It appeared to be Bernadette, Ling her appreciated spouse. And how miraculous was it really, to be allowed to see that they had all received the blessing of a profound simplicity, by means of their three explicit auras.

A powerful green ray, in all regards masculine, along with the pink endearing ray of femininity, manifested themselves flamboyantly around the three already beautiful statures of three very special ladies. Consequently, as icing on the cosmic cake, the violet ray of eternal wisdom, originally androgynous, created an even more nuanced ambiance. Of course, the more seasoned reader might almost effortlessly appreciate the relation with the unending ethereal energies of Eppach, Hemmach and not to forget Hannach; albeit the essence of an inner sun, Moira.

Nevertheless, after a warm salutation, it was Muriel who wanted to share the first words. As usual, she began the conversation with one of her famous poems:

‘’From my heart, I offer Thee the Sun,                                                                   
 The Universe, together with the Moon,                                                                        
A remembrance to a heart without her tears,                                                                   
She hopes to extend her love, and fairly soon,           
Soothingly allow her to remove all Thine fears.’’

After presenting this concise, but definitely noteworthy piece of poetry, our eyes would cross each other one more time. With one of her tall, slender fingers Muriel pointed, a bit enigmatic, towards the high hilltops, located in the far South. We were silent, but acknowledged unanimously the ultimate go-ahead. Evidently, also this convivial square, somewhere in the center of a minuscule hamlet, couldn’t be the destination our souls were subconsciously yearning for. Only one of the riddles seemed to be solved. The time had come, right now we had to leave. And so it happened.

~*~*~*~

A new episode was being born in al her splendor, and our eyes were once again exposed to an unreal amount of pomp and circumstance. Wheat fields with a breathtaking golden glow where sketching, in conjunction with an endless diversity of indigenous plants and herbs, an unprecedented lively portrayal, or at least a surreal color spectrum. And again did our hearts obviously feel the tender coalescence with an all encompassing passage. It may be easy to guess, the fascination of the present moment was a virtue that we wanted to last forever. Though, after the passing of many joyous seconds, also this second organized journey of the soul had to reach its conclusion. We would descend for a very last time.

All of a sudden we found ourselves at the next miraculous sight. This time a phenomenon that my pencil just cannot describe differently than the fairness of a well maintained , botanical garden. In the middle of a vast labyrinth consisting of perfectly trimmed beech hedgerows, plantations full of pastel colored roses, and grass fields which reminded me ultimately to one of those flawless billiard cloths, our third eye awarded us an exclusive insight into a pristine dimension of genuine purity. A legion of forest elves, and numerous other nature spirits were more than happy to show us the way in the direction of an enormous palace, situated somewhere behind a big fountain. Presently it became clear, that it was there that we were heading.

After defying the small gravel path, which was due to the scorching heat of the afternoon sun quite a heavy chore, we rather successfully and without too much worries, reached the main entrance. While we during our walk through several broad hallways, observed the many solemn paintings at the high walls, we got leisurely escorted to the ballroom. Once there, the pleasure was all mine, to open the ostensibly gigantic doors, who stood right in front of me. I endeavored to turn her the handle around, without making too much haste, but then….

…. we suddenly found ourselves in the sparkling limelight of a happy reunion. Mathilde, miss Armodac and Vodelm, just to name a few, all had joined the party in a festively decorated hall. The champagne flew richly, and as we were wholeheartedly savoring the very same merry elixir, Muriel didn’t wait long to share some last things we needed to know. First and foremost she was willing to impart, that time and space may appear incredibly real, yet in the nature of things those concepts are completely illusionary, whereby this resolute gathering would signify a factual possibility in every regard. However, our inward beings had of coarse already honored this fact.

*~*~*~*~

Two independent authors had finally decided that a long tale needed to reach an appropriate finale. All participants had, without any exception, outstandingly succeeded in a great number of tests, once ahead of us. Hence, we should never complain about those things we were allowed to learn in the past months. It may indicate vital knowledge, or else a merriment resonating with several human hearts. For that reason, we merely immediately stated that it was time to initiate the feast with a variety of crackling fireworks. At that point even an excess of champagne seemed absolutely righteous. After all, unique moments always permit such.

 

Overwhelmed by a new daybreak, a sunlight that shone modestly through the thin curtaining of our hotel suite, I straightaway recalled the festivities of the last evening in an obtrusive manner. The champagne, at this time it wasn’t very enticing, as I was truly having a hard time at making my eyes get used to the young daylight. There I was, Martin Pleiades, on a holiday in Southern Spain, accompanied by Mara Oldenburg,  just to elaborate upon eventual ideas concerning our serial story. From the corner of my eyes I observed, as I laughed at the wrong side of my mouth, the very contagious smile of a lady that looked explicitly amused, mainly because of my stupidity of last night.

Today we would be heading for the beach, just to indentify ourselves in a convenient way with the grandeur, and the sophisticated azure blue waves of the Atlantic Ocean. Nonetheless, when I saw Mara attentively furling some towels for a delightful afternoon, with suntan cream as a predominant theme, her eyes, mirrors of the soul, were clearly telling me that also her mind knew about my most recent dream. She then looked at me, and just told me; ‘’Yes, my dear Martin, this is how we’ll do it, sounds like a great plan!’’

And with this retrospect, dear reader, the time has definitely arrived, for Mara as well as for myself, to conclude a very long tale. Once commenced with champagne, and as such it shall find an appropriate ending. We hope, that our characters as well as the further divergent thought forms, were able to inspire you unto the deepest caverns of the soul. We are closing the curtain, and wish you, from out our entire being, all the best for evermore.

In such a way, dear reader, we have come to the conclusion of a joint exertion, an exceptional alternating story. From our hearts we thank you all sincerely for reading our versatile adventures, without falling asleep straightaway. That is why our souls shall always greet yours. Namaste.

The End

back