|
'Wintereik' |
Bewust-ZIJN, een Parabel "uit:
Ashtar-Linaras Homepage" Vertaling: Hans Brockhuis |
|
Zie je die majesteitelijke eik, ginds in het woud, die boven alle andere bomen uittorent? Wanneer je hem niet ziet, ver-beeld je hem dan, want alles is waarheid en waarheid is droom. Als eik heeft hij het bewustzijn van de boom en heeft weet van het bestaan van de hemel en het licht en het woud en de mensen en de dieren om zich heen en neemt dientengevolge alles waar. Als er een vogel komt aangevlogen die zich op één van zijn takken neerzet, en hem vraagt: “Wie ben jij?” Dan antwoordt de boom: “IK BEN een boom”. Maar ook elk blad en ieder van zijn talrijke eikels heeft het bewustzijn van de boom, hoewel de eikels eigenlijk zijn kinderen zijn. Vervolgens komt er een vlinder aangevlogen en zet zich op een van zijn eikels neer en vraagt: “Wie ben Jij?, dan antwoordt de eikel eveneens:”IK BEN een boom”. En niet zoiets als: “IK BEN een eikel!” Zoals je misschien zou verwachten. Het is zomer en de eikels wiegen in de wind en zijn gelukkig omdat ze een zomerdroom dromen. Maar reeds nu worden de eerste bladeren geel, terwijl de boom zijn bewustzijn onmerkbaar naar binnen keert. Want hij volgt de cycli der natuur, die nu al een najaarsdroom droomt. En ook de boom begint zijn najaarsdroom te dromen – en zie, de boom verliest zijn eerste bladeren. De eikels nemen dat allemaal waar, net zoals de intocht van de herfst in het woud en ze zijn verdrietig. Maar nog steeds wiegen zij zich in de droom der winden. Zij vermoeden en weten nog niet dat de boom nu al zijn najaarsdroom droomt, hoewel de eikels eigenlijk zijn kinderen zijn. Dan, op een dag gebeurt het. Een ijskoude wind blaast met onstuitbare kracht door het woud. Iedere windstoot schudt met stormachtige kracht aan de boom en blaast bijna alle eikels van de boom, omlaag, en slechts enkele, meest kleinere, eikels kunnen zich nog aan de boom vastklampen. Daar liggen ze dan in de duisternis en het vocht van de bosbodem. De storm heeft ook nog de laatste bladeren van de boom geveegd en deze begraven de eikels zoals ze dat met een linnendoek zouden hebben kunnen doen. Verdoofd en bijna onmachtig door de duisternis en het vocht heeft de schok van het vallen hun bewustzijn een zodanige opdoffer gegeven, dat bijna ogenblikkelijk alle herinneringen verloren zijn gegaan, zoals het bewust-zìjn van de boom. Maar omdat nimmer iets zonder bewustzijn is, beginnen ze een nìeuw bewustzijn te ontwikkelen. Dit is het begrensde bewustzijn van de eikel. En zo herkennen zij zich niet meer als de delen van de boom die ze zijn, maar als enkelvoudige afgescheiden eenheden. En dus beginnen ze zich namen te geven, zoals A-spruit, B-spruit, C-spruit en zo verder, om zich van elkaar te onderscheiden. Ze gebruiken hun dagen om over hun toestand te klagen, want ergens diep van binnen hebben ze nog een verborgen begrip over hun vroegere heerlijkheid en de hemel en het licht. En dus klagen ze over donkerte en het vocht en de mieren, de wormen en de slakken die om hen heen krioelen. En de eikels van eerdere jaren vertellen hun over de gevaren van de aarde, dat zij daar langzaam vergaan en dat de slakken en de wormen ze geleidelijk opeten. Als bewijs laten zij hen vele verminkte eikels zien die al bijna zijn vergaan of opgevreten. Maar er zijn ook enkele oudere eikels die zeer geleerd zijn en die alle stadia hebben bestudeerd. Men noemt ze de wetenschappers en ze weten dat elke eikel op z’n laatst na 10 tot 15 jaren vergaan en gestorven is, wanneer ze niet al eerder door de wormen en de slakken opgegeten zijn. Ze weten ook van de jaargetijden. Dat er in het voorjaar veel beweging in de aarde is, dat het in de zomer vaak regent en dat het in de herfst kouder en donkerder wordt. In de winter wordt de bodem zo koud dat hij als een pantser de eikels samendrukt en alle hoop uit hen perst. En dan zijn er nog de eikels die berichten verzamelen. Men noemt ze journalisten. Zij staan, net als de wetenschappers, in hoog aanzien. Hen ontgaat geen eikel die verminkt is of is aangevreten door de wormen of de slakken. In hun nieuwsberichten wordt dat met grote letters aangegeven en vaak ontdekken zij zelfs sensaties, zoiets als b.v. een wild zwijn dat hele woongebieden van de eikels verwoest en ze allemaal heeft opgevreten. Alle eikels lezen dat met grote schrik en ze jammeren nog luider over hun toestand en ze zijn er zeker van dat er geen hoop meer voor hen is en dus worden ze chronisch door het noodlot getroffen. Zij gaan beslist een zekere dood tegemoet, veroorzaakt door verrotting of de vraat van slakken en wormen. Maar zie daar! Er bevindt zich nog een kleine eikel aan de boom, omdat de herfststormen haar niet omlaag hebben kunnen schudden. We zullen haar Z-spruit noemen. Ook zij weet dat ze spoedig op de grond vóór de boom zal vallen, net zoals haar broeders en zusters maar ze wil niet onvoorbereid vallen en wil het bewustzijn van de boom met zich meedragen. Op een dag ziet de boom een eekhoorntje op één van haar takken de laatste eikels verzamelen. Maar wanneer de eekhoorn Z-spruit van de boom wil trekken, roept die met grote tegenwoordigheid van geest: “Halt eekhoorn, zeg me, voordat je mij van de boom plukt, waarom je dat doet!” “Omdat het herfst is”, antwoordt de eekhoorn, “en daarna komt de winter en daarna komt pas weer de lente die het leven terugbrengt en nieuwe eikels uit de boom en nieuwe bomen uit de eikels van het jaar tevoren laat ontspruiten. En die bomen zullen opnieuw eikels dragen!” Ongelovig vraagt Z-spruit aan de eekhoorn: “Wil je daarmee zeggen dat deze grote boom in een eikel verstopt zat voordat hij boom werd?” “Zeker wel!”, antwoordt het eekhoorntje, “dat weet toch iedereen!” “Maar hoe is dat dan mogelijk” houdt Z-spruit aan “dat er voor zo’n grote boom plaats was in zo’n kleine eikel, je wilt zeker de draak met me steken!” Toen werd de eekhoorn woedend: “Eekhoorns liegen nooit, dat doen alleen de mensen!” riep hij. Hij trok Z-spruit van de tak en wierp haar op de bosbodem en riep haar nog na: “Kijk nou zelf maar dat ik de waarheid gezegd heb en ervaar het zelf!” Z-spruit landde onzacht naast de andere
eikels – maar zie – terwijl zij op de val voorbereid was en zelfs,
al vallend, over de verbazingwekkende woorden van het eekhoorntje
nadacht, bleef het bewustzijn van de boom en de herinnering aan de
woorden van de eekhoorn intact. Met afschuw bemerkte ze het bewustzijnsverlies
van de andere eikels, haar broeders en zusters die haar niet herkenden
als hun zuster. Ze trachtte hen uit te leggen wie ze waren, maar zij
waren gevangen in het eikel-bewustzijn en luisterden slechts naar
de woorden van de wetenschappers en de journalisten. Nimmer hoorde men een klacht uit de mond van Z-spruit en nimmer luisterde zij naar de zogenaamde journaals van de journalisten. Ze wist dat dit slechts de lagere waarheid van het eikelbewustzijn behelsde en niet de hogere waarheid van het boombewustzijn. Ten gevolge daarvan ging er een verheerlijkte straling van haar uit, dat steeds helderder en sterker werd. Bijgevolg maakten de wormen en de slakken een grote boog om Z-spruit heen. Enkele andere eikels, die nog resten van het boombewustzijn in zich hadden, werden aangetrokken door haar grote wijsheid, helderheid en reinheid. Ze kwamen tot Z-spruit en luisterde naar haar geschiedenis en een enkeling begon er ook over na te denken hoe het mogelijk is om tegelijkertijd een eikel én een grote boom te zijn. Terwijl Z-spruit de droom der eikels droomde, die toch tegelijkertijd en in waarheid die van een boom is, stulpte haar binnenste zich onmerkbaar naar buiten en groeide vanuit haar inwendige naar buiten. De lente kwam en op een morgen was het zover; haar innerlijk had de mantel der duisternis doorbroken. En nu, omdat de kiem van de eikel de bosbodem had doorbroken en Z-spruit eindelijk weer het licht van de hemel aanschouwde, was het geheim tenslotte ontrafeld. Nu begreep Z-spruit de woorden van de eekhoorn en wist met absolute zekerheid: “IK BEN de boom die in de eikel was!” Voor haar was er nu weer de hemel en het licht en het woud en de mensen en de dieren. Wormen en slakken waren voor haar geen dreiging meer. Maar ook de enkele eikels die haar woorden ter harte hadden genomen, stulpten spoedig hun innerlijk naar buiten en bereikten opnieuw het bewustzijn van de boom. Deze keer echter in zijn heelheid en met de mogelijkheid zelf eikels als kinderen voort te brengen. De wetenschappers onder de eikels stelden echter met verwondering vast dat enige eikels opgestegen waren uit de aarde, en omdat zij deze ontwikkeling niet konden verklaren, gaven zijn het maar een naam. Dat doen wetenschappers altijd als ze onwetendheid willen verbergen. Ze noemden het ‘super-worm’. En ze zeiden tegen de andere eikels: “Kijk nu eens waartoe het leidt wanneer een eikel denkt dat zij een boom zou zijn; nu heeft de super-worm ze allemaal uit hun eikelomhulsels getrokken en gedood – wat een verschrikkelijke dood!” En de journalisten hadden hun sensatie en de vele eikels rilden van afgrijzen over de monstruositeit van deze nieuwe plaag waaraan ze weerloos waren overgeleverd. Ze haastten zich om alle gedachten aan de boom op te geven en enkele fanatiekelingen probeerden zelfs om alle boeken te verbranden waarin het woord ‘boom’ voorkwam, want in de literatuur wemelde het van de verwijzingen naar de existentie van bomen. Herken jij als mens de moraal van dit verhaal, dan begrijp jij ook de zin van het Mens-ZIJN en het menselijke Bewust-ZIJN. Omdat de mens ook is als de eikel, of een kind aan de boom des levens; ook hij viel niet ver van de boom die de totaliteit van alle Zijn is, en God. Erken de hogere werkelijkheid van Jouw
Zijn. Erken wie Jij werkelijk bent en ook Jij zal beginnen Jouw innerlijk
naar buiten te stulpen om spoedig het hemelse licht te kunnen aanschouwen.
Jij zult opklimmen tot grenzenloosheid en vrijheid van Jouw ware grootsheid
en heerlijkheid, die verheven is boven alles wat Jij je nu kunt voorstellen
en toch verborgen is in jouw innerlijk weten. Want bedenk, het voorjaar
is nù, het volgende voorjaar nog ver weg, en de wormen zijn
overal. Jij hebt de keuze – En zo is het! | ||
| . Wij willen op geen enkele manier het copyright claimen van de diverse kunstwerken/- illustraties die wij gebruiken om afbeeldingen voor onze pagina's te maken. Deze afbeeldingen zijn dan wel door ons gemaakt, maar het copyright van de originele kunstwerken/illustraties blijft expliciet eigendom van de individuele artiest. Mochten
er op deze pagina's, ondanks onze zorgvuldigheid, onderdelen zijn
gebruikt waarop een copyright rust en/of waarvoor wij geen toestemming
hebben verkregen, dan verzoeken wij je om ons dit zo snel mogelijk
te laten weten. Wij zullen dan direct het betreffende item verwijderen
of de gewenste stappen ondernemen om het materiaal wel te mogen gebruiken. |
||