Nada Kronieken/Chronicles Buitenaards/Extraterrestrial Meditaties/Meditations Korte verhalen/shorts Bibliography
Myriah´s Grasses Roots Reïncarnatie/Reincarnation Written with love Gedichten/poems Portfolio

De Roep van de Krokus

Myriah Krista Walker

www.grassesroots.com

Vertaling: Mirjam Coumans B.A. en Hans Brockhuis


Het is middag. De hele dag heb ik mijn neiging om een wandeling langs de rivier te maken bedwongen. Zware regens hadden de grond van melk naar bitterzoete chocola omgevormd en door de zachte winden die de aarde tussen de stormen in drogen, is de Aarde terug naar melk gevormd. Het was te nat en stormachtig om buiten te zijn.

Maar nu ben ik rusteloos. Ik wil naar buiten. Een grote donderwolk hangt dreigend boven de cabine. Ik zie hem een kilometer zuidelijker al uitregenen. De optie van mijn regenponcho en paraplu (met metalen punt) verwerp ik, omdat ik er niets voor voel om als bliksemafleider te fungeren.

Vanaf mijn zitje aan het keukenraam zie ik een marmot boven op een grote kei zitten. Doodstil besnuffelt hij de spanning in de lucht. De verwachting ook voelend zucht ik en richt mijn blik naar het zuiden, stroomafwaarts van de rivier. De wind is maar een briesje en ik verlang ernaar in beweging te zijn.

Opeens racet de marmot over het terrein en springt speels op een stapel hout. Hij flitst heen en weer, zorgend dat hij altijd dicht bij de beschutting is voor het geval de wolk haar lading loslaat. Ik sta op en loop door de kamer naar het raam dat uitkijkt op het oosten en het erf. Ik zie een onverwachte plek geel en schiet in mijn jas en laarzen, zonder ook maar één gedachte te besteden aan de donderwolk boven mijn hoofd. De krokussen bloeien en ik móet ze eenvoudigweg van dichtbij bekijken!

Buiten schiet ik over de grasheuvel naar de plaats waar de krokussen staan. Niet één, maar zeventien bloeien er en ze zijn allemaal geel. Een week geleden nog maar was er geen sprietje te zien en vandaag staan ze in volle bloei. Ze staan ingenesteld tussen groene graspollen naast het bosje. Ik trek droog pluimgras weg zodat niets hun bloei in de weg zal staan.

Opeens gluurt de zon door de wolk heen alsof zij gelijktijdig met het pluimgras de wolk wegtrekt. De zon! Hoe fantastisch! De donderwolk is er nog steeds, vol en rijp, maar de zon heeft er een open plek in gebrand. Voor een momentje maar.

Ik ga door met kruiden trekken, nu geïnspireerd. Hoe meer ik trek, des te meer groen er zichtbaar wordt. Ik blijf trekken en haal alles wat blond, grijs en verdroogd is weg. Het lijkt een goed idee om het met de hand te doen in plaats van met een riek. Het is als het zegenen van de Aarde, beantwoordt door Haar Vreugde.

Hier een scheut wit wanneer een stuk kwarts zichtbaar wordt, daar een blauwe rots, hier weer het zachte roze van stekelige bloeiende perenbloesems. Als ik blijf trekken, reflecteert er zo nu en dan een onverwacht licht vanaf de grond. Ik weet niet waar het vandaan komt, maar het maakt me aan het lachen. Ik voel dat ik in een staat van Gelukzalige Harmonie verkeer. Ik zal doorgaan totdat ik moe ben of het gaat regenen. Dit is veel te leuk om te stoppen.

Zoals ik wied, schrijf ik, verhalen componerend, waarbij ik de Vreugde van de natuur kan voelen. Ik veronderstel dat ik tijdens het schrijven ook wied, weglatend wat niet bij de essentie en de kleur van het verhaal hoort. Ik ruik de verse Aarde terwijl natte grond aan wortels blijft plakken die ik zojuist heb losgewrikt. Ik ontdek een goede plek om te zitten en te mediteren die ik niet eerder had opgemerkt. Het erf wordt op deze manier fonkelnieuw.

Ik blijf werken. Het lijkt wel magie als ik zie hoe het erf wordt omgetoverd van blond en grijs naar groen. De donderwolk heeft zichzelf langzaam weg laten drijven, oostwaarts, over de rivier heen, maar vanuit het westen doemt een lange muur van wolken op. Tenslotte word ik moe en op hetzelfde moment dat ik de cabine betreed, steekt de wind op. Een half uur later begint het te regenen. De krokussen drinken diep in hun groene bedden. Zelfvoldaan hoor ik hun sirenen-gezang.

Gedurende de nacht zakt de temperatuur en de regen transformeert zichzelf in sneeuw. Tegen de ochtend zijn de krokussen bedekt met dertig centimeter sneeuw. De eekhoorns en ik doen een winterslaap totdat het warm genoeg is om weer naar buiten te gaan om te spelen. Het is gewoon een nieuwe dag in het paradijs.