Finale

De Nada Kronieken, deel 48

Door Hans Brockhuis

 

De beide ploegen, ieder in hun ‘line-up’, stonden tegenover elkaar, de begroetingsyells dreunden over het veld en de volgepakte tribunes. De fans waren toegestroomd, radio en TV waren aanwezig, de business seats waren gevuld. Niemand wilde maar iets missen van dit treffen van het jaar tussen de twee aartsrivalen die beiden hun eigen stad, hun eigen achterban, hun eigen ‘stam’ vertegenwoordigden.

Dan stelden de veldspelers zich op; de pitcher en de catcher stonden op scherp, de eerste slagman stond klaar in het slagperk, de ‘scheids’ riep: “play ball”, en het spel was op de wagen. De pitcher maakte zijn werpbeweging en wierp de bal voor de eerste keer over de plaat, zonder dat de slagman daarop reageerde. “Strike-one”, constateerde de scheidsrechter.

~*~*~*~

Drie maanden daarvoor was Mike voor het eerst gekozen als reserve bij het eerste team. Hij was nog jong, zeventien, maar door zijn uitzonderlijke aanleg, wilskracht en ongelofelijk veel trainen was hij er uiteindelijk in geslaagd al op jonge leeftijd tot het keurkorps door te dringen. Zijn zeer behoorlijke slagprestaties, maar vooral zijn veldwerk waarbij hij op de korte-stop plaats het meest tot zijn recht kwam, hadden daarvoor gezorgd.

Toch had dat er in zijn jonge jaren niet ingezeten. Vlak na zijn geboorte constateerde de kinderarts een ‘ruisje’ in zijn hart en nader onderzoek leerde dat hij bovendien slechts één functionerende long had en dat de rechterlongslagader ontbrak, zodat het ernaar uitzag dat hij zijn hele leven een in fysiek opzicht teruggetrokken leven zou moeten leiden. Mike’s schooltijd was er dan ook een met vallen en opstaan geweest. Gedurende vele jaren moest hij gemiddeld een week per maand verzuimen en hij was de tel kwijtgeraakt omtrent zijn bezoeken aan het ziekenhuis, met soms lange opnames. Mede daardoor kon hij op school niet meekomen en bleef dan ook enkele malen zitten. Bovendien werd hij door zijn medeleerlingen vaak gepest en regelmatig zonder reden in elkaar geslagen.

Met enig eufemisme kon je zeggen dat zijn start niet veelbelovend was geweest. Toch wist Mike altijd dat er ooit een kentering zou komen. Op twaalfjarige leeftijd zag hij op televisie enkele honkbalwedstrijden tijdens de Olympische spelen en was meteen verkocht. Hij moest en zou het spelletje meespelen. Dat zijn fysieke toestand dat niet erg waarschijnlijk maakte, was voor hem geen belemmering. Hij meldde zich aan bij het plaatselijke honkbalteam en tijdens zijn eerste trainingen bleken er twee dingen. In de eerste plaats was het duidelijk dat hij na elke training volkomen uitgeput was, wat hij vooralsnog met succes wist te camoufleren. In de tweede plaats constateerde zijn coach tevreden dat Mike enorm inzichtelijk met het toch wel ingewikkelde spel wist om te gaan.

John, de Amerikaanse trainer, die niets afwist van Mike’s beperkingen, meldde zich dan ook spoedig bij diens ouders om de mogelijkheden te onderzoeken hoe het mogelijk zou kunnen zijn hem in de sportschool op een hoge conditie te brengen en om voor te stellen de trainingsarbeid op te voeren om hem klaar te stomen voor de nieuwe competitie.

~*~*~*~


Als je iets écht wil bereiken is één van de voorwaarden dat het thuisfront, je omgeving, er onvoorwaardelijk achter staat. Met Mike’s ouders was dat het geval, en meer dan dat. Ze maakten coach John duidelijk dat de ambities van hun zoon op korte termijn onmogelijk waren, maar dat ze er alles aan zouden doen om zijn situatie zo snel mogelijk op orde te brengen. Dat was hun streven toch al; ze wilden alles in het werk stellen om hun zoon een zo goed mogelijke toekomst te bereiden en ze beseften dat Mike’s ambities daar alleen maar bij zouden kunnen helpen. De cardiologen en internisten en die zij met hem hadden bezocht gaven echter niet veel hoop. Zij wezen erop dat slechts een longtransplantatie én gelijktijdige hartoperatie in theorie mogelijk was. Toch was zoiets niet alleen afhankelijk van de beschikbaarheid van een geschikte donor en de bereidheid van een chirurgisch team om zoiets te bewerkstelligen, maar ook van de financiën, én van de conditie van Mike, die tot dan toe om de bekende redenen nooit optimaal was geweest.

Mike’s vader struinde het internet af op mogelijkheden. Hij stuitte op een groot aantal alternatieve genezers die zonder uitzondering, desgevraagd weinig heil zagen in de situatie. Geen van hen achtte zich bekwaam genoeg Mike’s zuurstofopname te bevorderen en op die manier zijn constante zuurstofschuld op te heffen of zelfs maar in geringe mate te verbeteren, zodat Mike’s toekomst er wat rooskleuriger uit zou kunnen komen te zien.

Toch gaf vader Wesley niet op. Langzamerhand kwamen hij en zijn vrouw tot de conclusie dat Mike’s eigen vastberadenheid de sleutel tot succes zou kunnen zijn. Een acupuncturist werd in de arm genomen die met zijn naalden ruimte creëerde in Mike’s borst. Uitgekiende fysiotherapie bevorderde de spiermassa’s van de jongen. Zijn algehele gesteldheid werd opgekrikt door voedingspreparaten en homeopathische medicijnen. Omdat weinig daarvan door de verzekering werd gedekt, nam moeder Melanie een baan aan als telefoniste bij een – inderdaad – verzekeringsmaatschappij om dat allemaal te bekostigen.

En toch was dat allemaal niet genoeg. De grote ommekeer kwam pas na een droom waarin Mike – hoewel hij dat aanvankelijk nogal raar vond – rechtstreeks in contact leek te zijn met zijn opa die twee jaar eerder was gestorven. Tijdens die droom verzekerde opa hem ervan dat hij, als hij het werkelijk wilde - over vier jaar in de grote finale in de hoofdstad zou meespelen en dat hij zich aan die gedachte diende vast te klampen.

Mike merkte dat zijn conditie steeds vooruit ging en een groot onderzoek in het Academisch Ziekenhuis die twee jaar later werd gehouden, wees uit dat het z.g. Ventrikel Septum Defect, het gat tussen zijn beide hartkamers waardoor altijd zuurstofarm, aderlijk, bloed terecht was gekomen in de bloedbaan van het zuurstofrijke, slagaderlijke, bloed, zich spontaan had gesloten. Bovendien was de longinhoud van de overgebleven long significant vergroot.
Deze beide fysiek meetbare waarden, én de onmeetbare waarden van het gevoel, samen met de trainingen voor het honkbalteam zorgden ervoor dat Mike zelden meer ziek was. Hij speelde inmiddels in het eerste van het plaatselijke team de sterren van de hemel. Daarnaast doorliep hij de middelbare school nu fluitend en met mooie cijfers, terwijl zijn populariteit steeds groter werd.

~*~*~*~

Weer twee jaar later werd hij ‘gescout’ door het hoofdstedelijke honkbalteam. Er werd hem een mooi contract voorgelegd die hij samen met coach John, die stond te glimmen en trots was als een pauw, op zijn merites werd beoordeeld. Besloten werd dat hij en vader Wesley de onderhandelingen met de grote vereniging zouden doen, zodat Mike zich op zijn spel kon concentreren. Tot aan de dag van de grote wedstrijd was hij zo nu en dan tot tevredenheid van veld-coach en medespelers tegen lagere tegenstanders als korte-stop opgesteld. En eindelijk op de finaledag, tegen de grote concurrent uit H. stond hij in de line-up! Voor de gelegenheid in het buitenveld, met de mogelijkheid om als de zwakke werparm van de korte-stop het niet zou houden, door te kunnen schuiven naar die plaats. De droom over zijn opa, die Mike nooit was vergeten maar altijd met een korreltje zout had genomen, had zichzelf waargemaakt!

En de wedstrijd? Die leest zich als een jongensboek, met punten en home-runs voor- en tegen. Gedurende de eerste vier innings ligt de ploeg uit H. voor. Dan verhuist Mike naar de korte-stop plaats en is hij de aanleiding voor enkele prachtige dubbel-spelen, waarbij steeds twee tegenstrevers tegelijkertijd worden uitgegooid. Punt voor punt lopen ze in en uiteindelijk, na twee extra innings, worden ze kampioen. Het is een overwinning voor de hele ploeg, waaraan Mike een belangrijke steen heeft bijgedragen. Op weg naar de top is discipline geboden. Ook al is die top slechts gewoon een lekker gevoel. En reken maar dat dit gevoel, met dat kampioenschap, buitengewoon naar meer smaakte.